Mijn trots Rob Ottervanger met zijn BMW R80/7

Corona legde de hele wereld plat en confronteerde ons met compleet onverwachte zaken als de avondklok, lockdown en teststraten. Voor Rob Ottervanger nam de pandemie net zo’n onverwachte wending: voor het eerst in zijn leven restaureerde hij een motorfiets van A tot Z. Met dit resultaat.
Pagina gaat door onder advertenties
Dit artikel is gratis beschikbaar voor MotoPlus abonnees
- Onbeperkt PremiumPlus leesplezier
- 15.000+ online artikelen
- 380+ digitale magazines
Al abonnee? Log in om dit artikel direct te lezen.
“Vroeger heb ik een paar Honda’s gehad. Die zopen stuk voor stuk olie en omdat ik daar wel klaar mee was, kocht ik een BMW R80/7. Als jonge motorrijder vond ik een BMW niets. Het waren ouwe boten met een boxerblok, maar zo’n ding groeit door de klassieke schoonheid als vanzelf naar je toe. De R80/7 was een geweldig fijne motorfiets, maar mijn vriendin had liever een motor die iets beter tegen rijwind beschermt. Daarom kocht ik een R80 RT. Die vond ze… ook niet leuk. Daarom heb ik een jaartje geen motor gehad. Tot mijn vriendin me vroeg om er weer eentje te kopen omdat ik bij elke motorfiets achterstevoren liep. Ik wist direct dat het weer een R80/7 moest worden. De open-en-bloot-techniek, het geluid, de comfortabele rechtop-zit; voor mij klopt het hele plaatje. Op 27 maart 1993, twee maanden voor mijn jongste zoon geboren werd, kocht ik deze BMW. Hij was toen al zestien jaar oud. Acht jaar reed ik er mee, maar ik bleek een slecht exemplaar te hebben gekocht, het was echt een olieboot. Omdat ik geen geld en tijd had, kon ik hem niet opknappen, maar hem wegdoen kon ik ook niet. Een Honda was er genadeloos uitgegaan, maar deze wilde ik perse niet kwijt. Daarom heb ik hem negentien jaar lang in een opslag weggezet. Het is niet dat ik me helemaal blind staar op een R80/7, maar het klopt bij dit type allemaal gewoon voor mij.”
“Toen corona de wereld stillegde dacht ik: ‘nu is het mijn kans’. Voorheen had ik geld, noch plek, noch middelen om de motor op te knappen, nu was het er ineens allemaal. Dus ging ik er voor. Wat het me ook zou kosten bedacht ik me vooraf, ik zou dit ding helemaal uit elkaar halen en opknappen. Ik wilde kijken hoe ver ik kon komen met mijn geringe sleutelervaring of dat ik ergens halverwege zou stranden. Gestrand ben ik niet, ik werd zelfs zen van de dingen die ik zelf oploste. Ik kon echt genieten van iets los krijgen met een stuk eigengemaakt gereedschap.”
“De ‘Gouden Driehoek’ – bestaande uit Siebenrock, de Hobbyist en Ed van der Kloet van Classic Boxers in Hengelo – voorzag me van adviezen en onderdelen. Gelukkig zijn bijna alle onderdelen goed te koop en vaak beter dan het origineel. Uiteindelijk heeft de restauratie 3,5 jaar geduurd en is de BMW tot op het laatste schroefje uit elkaar geweest. En ja; dat heeft me meer euro’s gekost dan het ding destijds nieuw in guldens kostte. Alles is gespoten, gepoedercoat en opgeknapt. In mijn hoofd werd deze motorfiets altijd zwart, maar ik werd langzaam als vanzelf verliefd op de originele kleur. Die is schitterend en zie je nooit. Het enige probleem is dat BMW deze kleur – burnt orange – niet meer maakt. Met een spatbord ben ik langs allerlei autospuiterijen gegaan en Volvo bleek een kleur te hebben die in de buurt komt.”
“Het blok bewaarde ik voor het laatst. Je wil niet weten wat je tegenkomt als je een slecht onderhouden blok met 140.000 kilometer op de teller opentrekt. Overmaatse zuigers kon ik niet vinden, dus dat was een mooi excuus voor 1.000 cc zware cilinders van Siebenrock. Daardoor heb ik meer vermogen en koppel en dat wilde ik sowieso hebben. Ik gebruik de motor namelijk voor vakanties en ook mijn vriendin zit graag achterop. In eerste instantie reed het blok een voor mij schokkende 1:14. Dankzij een boek vol tips van een of andere Duitse professor is dat nu 1:18 en met een benzinetank van 24 liter kom ik toch lekker ver op één tank.”
“Niet-kenners vragen me altijd of dit een nieuwe is. Kenners noemen het simpelweg een heel mooi exemplaar. Maar met beide groepen ben ik altijd aan de praat. Ooit heb ik twee uur staan ouwehoeren voor de deur van Engbers Motoren. Binnen heb ik nooit gehaald.”
Pagina gaat door onder advertenties
Pagina gaat door onder advertenties