+ Plus

Toeren dwars door Belgi

Een tripje dwars door Vlaanderen van A naar B, meer precies van Adinkerke aan de Noordzeekust tot Bree tegen de Nederlandse grens. Op een oude XT250 en zonder GPS. Een dagje rijden door het Vlaamse land. Een mooie dag, ik sta aan het einde van de bebouwde kom van Adinkerke. Ik heb net zo’n 150, weinig plezierige snelwegkilometers achter de kiezen vanaf mijn woonplaats Leuven. En dus Adinkerke, onder de rook van Veurne en het laatste dorp in Vlaanderen met de Franse grens op een steenworpafstand. Het is tegen elven in de morgen en de zon schijnt uitbundig. De temperatuur is aangenaam, meer dan ideaal voor een dagje motorrijden in het teken van een trip van A naar B, ofwel van Adinkerke naar Bree in Belgisch Limburg, vlakbij de Nederlandse grens. De ‘uitdaging’ is om een rechte lijn tussen die twee plaatsen te trekken en die lijn zoveel mogelijk proberen aan te houden met zo min mogelijk kilometers op de snelweg. Om het nog wat uitdagender te maken ga ik op de klassieke toer, met een Yamaha XT250 en zonder GPS. Dat was er immers nog niet toen ik in 1990 de nieuwe motor, voor een prikkie ook nog, aanschafte. Nu, meer dan twintig jaar later, staat er iets meer dan 50.000 op de teller. De uitgelezen kameraad voor deze missie derhalve! De avond voor de rit heb ik op de kaart gekeken welke steden, dorpen en gehuchten er op de meest rechte lijn naar Bree liggen. De twee A4-tjes met namen gaan onder het doorschijnend plastic van mijn tanktas, samen met een landkaart. In Adinkerke neem ik de weg naar Veurne. Deze weg loopt pal naast een riviertje en volgt de grillige bochten ervan. Ik kan alleen maar hopen dat de rest van de wegen er vandaag net zo lekker uitzien. Blijkt niet het geval, bij het binnenrijden van Veurne gaat het al mis wanneer ik op een opgebroken weg stuit, waar het verkeer wordt omgeleid. Bovendien is er een markt in het centrum, dat wordt dus even zoeken naar de juiste weg, zeker omdat er nauwelijks borden staan. Ik volg de richting Diksmuide en zoek naar een bordje dat me richting Pervijze dirigeert. Een gehucht waar de weg zich in het centrum splitst. Stuvenskerke en Kelem zijn de volgende plaatsen op mijn papiertje, maar op de borden zijn geen van beide te vinden. Ik kies een richting en kom in het vlakke West-Vlaamse polderland terecht. Ik mis een afslag en rij enkele kilometers te ver. Niet dat ik dat erg vind, de weg is namelijk er mooi, vooral het bochtige stuk langs de IJzer. Uiteindelijk vind ik de weg richting Stuvenskerke en Kelem. Het gaat vlotjes langs Leke, Koekelaere, Ichtegem en Torhout en inmiddels heeft het vlakke land plaatsgemaakt voor een meer glooiend terrein. Ook buiten Torhout blijkt de Vlaamse overheid weer aan de weg te werken, die in de richting van Ruddervoorde, de volgende naam op het lijstje. De omleiding voert een paar kilometer via de snelweg, doen we niet aan vandaag en daarom bepaal ik zelf maar een omweg. Eerst richting Hertsberge en dan van daaruit naar Sint-Joris. Pas in Oostkamp, ten noorden van de E40 naar Oostende, kom ik de borden Hertsberge tegen. Door alle perikelen ben ik ver boven de rechte lijn op de kaart beland. De juist richting naar Sint-Joris kan ik echter niet vinden waardoor ik te ver zuidwaarts beland. Op de N370 Wingene-Beernem zet ik het vizier richting Gent, een redelijk bochtige weg omzoomd door bomen. Jammer van die met ‘70’ erop! Sint-Joris krijg ik niet meer te zien vandaag. Knesselare is het volgende dorp op mijn lijst, dat wordt gevolgd door Zomergem, Lovendegem, Evergem en vervolgens Gent. Problemen dienen zich niet meer aan, tot Gent dan. Ik moet ergens het water over (kanaal Gent-Terneuzen), maar dat blijkt minder makkelijk dan gedacht. Ik heb de keuze tussen de R4 (ringweg Gent) richting Zelzate of de borden ‘centrum’ volgen. Die laatste voert me het verst van de lijn op de kaart weg, het wordt dus de ringweg. Geen pretje, uiteindelijk is het al 14.00 uur voor ik Gent achter me laat. Niet via de mooiste weg overigens. Veel verkeerslichten en de rijstroken van de tweebaansweg zijn gescheiden door een brede grasstrook. Inhalen wordt zo wel moeilijk en het schiet dan ook niet echt op. Weinig leuks aan en het wordt nog erger. In Lokeren mis ik de afslag naar Hamme en bijna in Sint-Niklaas terecht, maar vind toch de richting Hamme. Van daaruit moet ik in naar Temse, alleen heb ik de dag ervoor niet goed op de kaart gekeken. De Schelde is hier al wat breder en maakt mooi bochten in het landschap. Leuk zo vlak langs het water, alleen wil ik er langs, maar erover. Ik volg tenslotte maar de doorgaande wegen richting Dendermonde. Na Moerzeke kan ik de Schelde over en op de N17 staan bordjes Mechelen, ver buiten mijn ideale route. Even speel ik met het idee naar Mechelen te rijden en daar de weg naar Leuven te nemen, naar huis. Toch maar niet, een beetje volharding kan immers geen kwaad! Wegwijzers richting Puurs, dat begint er meer op te lijken. Van daaruit kan ik de A12 pakken naar Aartselaar om daar opnieuw op mijn route terecht te komen. Het is wel even snelweg, maar na al die tweebaanswegen met verkeerslichten is het wel lekker om even gas te kunnen geven, voor zover dat met een 250 kan. Het lijstje vermeld Aartselaar, Kontich, Lint en Lier, allemaal ten zuiden van Antwerpen. In Kontich kom ik op de weg naar Lier voor zwaar verkeer uit, die ik toch maar volg. Dat blijkt een verkeerde keuze, de weg voert door Hove en is daar opgebroken om een bedding voor tramrails aan te leggen. Het is druk en het verkeer stokt. Met de XT laveer ik tussen de auto’s door tot aan de volgende verkeerslichten. Leuk is anders, de N16 richting Lier komt dan ook geen seconde te vroeg. Het is als al half vijf wanneer ik Berlaar op mijn weg vind, hemelsbreed is Bree nu nog zo’n 80 à 90 kilometer te gaan. Het gaat na Berlaar in ieder geval weer beter. De wegen zijn er minder druk dan rond Gent en Antwerpen, en bovendien voorzien van veel vloeiende bochten. Het is plezierig rijden. Via onder meer Itegem en Morkhoven gaat het richting Tongerlo, waar de befaamde abdij van de Norbertijnen ligt. Na Westerlo en Oosterlo kruis ik de E313 en pak de daarmee parallel lopende weg richting Laakdal. In Meerhout pak ik de richting Olmen en zou volgens de kaart nu via Stotert naar Leopoldsburg moeten. Stotert blijkt geen echt dorp of stad, maar meer een wijk. Ik vind een bord naar Stotert om daarna geen enkele richtingsaanwijzing meer tegen te komen. Terug dan maar, heel toepasselijk richting het dorpje Balen. De N18 brengt me in Leopoldsburg, gelegen in de groene provincie Limburg. Bree ligt binnen bereik. De weg Leopoldsburg-Hechtel voert langs het militair domein aldaar en veel bochten zijn er niet te zien. Dat is ook het geval van Hechtel via Peer naar Bree. Om precies 18.10 uur sta ik bij de rotonde van de bebouwde kom van Bree. De kilometerteller heeft er sinds Adinkerke 324,7 kilometers bij gekregen. En het leermomentje vandaag? Dat het minder makkelijk is dan je denkt om op basis van borden van A naar B te gaan, maar dat het desondanks heel goed te doen is. En dat je door een streep op de kaart te trekken ook op plekken komt, waar je normaal niet snel zou komen. En ook, dat de volgende keer de uitdaging van A naar B wat groter moet zijn. Mogelijkheden zat. Van Arlon (bij de Belgisch-Luxemburgse grens) naar Blankeberge aan de Noordzeekust bijvoorbeeld, dwars door België door de Ardennen naar de polders. Of de Hollandse variant, van Aalsum in Groningen naar Bruinisse in Zeeland. Van Anna Paulowna in de kop van Noord-Holland naar Bunde bij Maastricht in Zuid-Limburg kan trouwens ook. Meer internationaal: van Aberdeen in Schotland naar Brighton aan de Engelse zuidkust. Dat zou wel iets zijn, zeker op een Engels klassiekertje! Trekken we er alleen wel meer dan een dag voor uit!

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.