Reizen China

« Terug naar magazine

China kennen we natuurlijk allemaal vanwege die belachelijk goedkope Ali-Baba-postorders, waar je voor een appel-en-een-ei motorspullen, kleding en elektronica kunt bestellen, als je tenminste niet teveel waarde hecht aan kwaliteit. Maar China is zoveel meer: het is het derde grootste land ter wereld (ongeveer twee keer Europa) en heeft met ongeveer 1,4 miljard inwoners veruit de grootste bevolking. Er wonen dus bijna drie keer zoveel mensen als in heel Europa en bijna vijf keer zoveel als in heel Amerika! Om het echte oorspronkelijke China te ontdekken, gaat de Nederlander Bram Verweij er volgend jaar motorreizen organiseren, waarbij je met een lichte offroad tot ruim 5.000 meter hoog de bergen in gaat.

China intrigeert als geen enkel ander land. Waarschijnlijk omdat de Westerse wereld waarin wijzelf leven geen idee heeft wat er zich op een uur of twaalf vliegen precies afspeelt. China wordt vaak afgemeten aan de goedkope producten die ze produceren, en van die enorme mensenmassa’s in exact dezelfde bruine jasjes. Maar als ik na een rechtstreekse vlucht vanuit Amsterdam land in Chengdu in het Zuidwesten van China (de regio waar ook de Panda’s vandaan komen die nu in het Ouwehands Dierenpark leven) ben ik de eerste uren flabbergasted. Ik moet mijn beeld per direct 180° bijstellen. Hoezo een arm en achtergebleven land? Chengdu is een wereldstad met 16 miljoen inwoners. En dat is voor Chinese begrippen niet eens bizar, want steden als Peking en Shanghai gaan richting de 30 miljoen inwoners… Over de opmerkelijk brede en goede wegen van Chengdu wurmen de Audi’s, BMW’s, Volkswagens, Mercedessen, Toyota’s Honda’s en keurige Chinese auto’s zich vier, vijf rijen dik door de immense stad. Auto’s blijken hier het ultieme status-symbool, dus een Audi A4 met 1,6 motor of een BMW 318 zie je er niet; het autoleven lijkt in China pas te beginnen bij een dikke suv of verlengde limousine, met een 3.0 liter V6, maar liever nog een dikke V8 in het vooronder.
Amper bekomen van die eerste brainwash blijkt laagbouw in de Chinese steden ook niet te bestaan. Het overgrote deel van de inwoners woont in standaard-flatgebouwen van 20 à 25 verdiepingen hoog. Geen Oostblok- of Bijlmer-bouw, maar keurige flats met veel groen en veel (sport)parken ertussen. Tja hoe krijg je anders ook alle inwoners van Nederland te wonen op een plek zo groot als de provincie Utrecht…
Qua infrastructuur maakt China momenteel enorme stappen. Het platteland – waar alles natuurlijk anders is dan in deze megasteden – wordt momenteel ontsloten door de overheid. Elk dorp krijgt binnen afzienbare tijd elektriciteit, een asfaltweg èn internet. Maar ook in de grote steden worden flats, winkelcentra en nieuwe wegen met een ongelooflijk tempo en 24/7 – zonder vakantie of vrije dagen – uit de grond gestampt. Stadsplattegronden moeten waarschijnlijk elk jaar aangepast worden, want de Chinese reus zet momenteel werkelijk overal zijn schouders onder. Het land is zo immens en heeft zoveel inwoners (daar vallen Europa en Amerika samen dus bij in het niet!) dat de technologische ontwikkelingen er momenteel ook keihard gaan. Alleen al door zich op hun eigen thuismarkt te richten, kunnen technologiebedrijven groeien als kool en enorm investeren in nieuwe ontwikkelingen. De GSM is in China nog veel meer als in onze westerse samenleving een apparaat om mee te bellen, maar vooral om mee te betalen, een taxi te bestellen, parkeerplaats te reserveren en jezelf te identificeren. Op dat gebied doen ze ons echt wat voor. Bovendien wordt het vrije ondernemerschap en het beginnen van een eigen bedrijf enorm gestimuleerd door de overheid middels lage belastingen en veel vrijstellingen. Gevoelsmatig wil elke Chinees economisch gezien graag – hard – ook graag vooruit en proberen velen dus inderdaad nu hun eigen handeltjes op te zetten.
Die vibe zorgt voor een ongekende groei en expansie. Dat heeft – hoe vreemd het ook klinkt – ook weer te maken met het communistische éénpartij-systeem. Wat vandaag wordt beslist, kan morgen worden uitgevoerd, eventueel door duizenden en duizenden arbeiders, want aan man- en vrouwkracht geen enkel gebrek. Waar in Nederland 20 jaar wordt gediscussieerd over een nieuw stukje snelweg (als er tenminste geen zeldzame hagedis of woelmuis opduikt), daar beslist in China de grote roerganger over dit soort projecten en is 300 km nieuwe snelweg van a tot z in nog geen twee jaar gerealiseerd. En als jouw huis toevallig in de weg blijkt te staan, pech gehad… Er zitten natuurlijk heel veel zwarte kanten aan dit systeem zonder enige inspraak, maar het verklaart wel waarom ze erin slagen om de industriële revolutie die er momenteel gaande is in pak-em-beet 30 jaar te realiseren, waar de Westerse wereld ruim 200 jaar over gedaan heeft. Simpelweg alles moet er wijken voor de vooruitgang en de economische groei…
Na een paar dagen bijkomen en het leven in een grote Chinese wereldstad te beleven – met op elke hoek van de straat een luxe winkelcentrum, een Starbucks of een McDonalds – wordt het tijd voor de daadwerkelijke doel van deze China-reis: motorrijden op het Chinese platteland richting Tibet en de Himalaya. Daar gaan we dus een totaal ander China beleven.

De 29-jarige Brabantse motorliefhebber Bram Verweij kwam door zijn studie commerciële economie in China terecht, waar hij stageliep en ook kon afstuderen. In die periode werd ook hij gegrepen door de fascinatie van China als groeiende wereldeconomie, zodat hij er na zijn studie een aantal jaren bleef werken. Omdat het echter steeds lastiger is om als buitenlander een permanent bwerkvisum te krijgen voor China, besloot hij toch terug te keren en woont hij inmiddels – met zijn Chinese vrouw Saffron – in Italië. Zijn liefde voor de terreinmotor wil hij nu echter koppelen met zijn kennis van China en zijn lokale contacten aldaar. Zo ontstond dus ‘Wild China Adventures’, waarbij Wild China staat voor het authentieke, ruige China zoals je dat buiten die wereldsteden nog aan kunt treffen.
Vanuit Chengdu gaan we in drie stappen naar een pension in het Chinees-Tibetaanse Moda. De afstand is ongeveer 600 kilometer, dus dat is het probleem niet, al voert de route wel over de drukke pasweg bij Kanding, bekend van het op één na hoogst gelegen vliegveld ter wereld op 4.280 meter. Ook het pension in Moda – waar we uiteindelijk een dag of vijf bivakkeren, ligt op ongeveer 4.000 meter hoogte en net als echte Himalaya-bergbeklimmers gaan we vanuit het laaggelegen Chengdu dus in stapjes naar die 4.000 meter.
Via hotels bij Kangding en Xin du Qiao gaan we elke dag een kleine 1.500 meter de hoogte in, zodat ons lichaam rustig kan wennen aan de hoogte en we geen last krijgen van hoogteziekte tijdens het motorrijden vanuit Moda. Uit voorzorg slikken we ook vooraf in Nederland via de huisarts verkregen hoogtepillen en die blijken – zeker in combinatie met de langzame opbouw naar de grote hoogte – perfect te werken, want van onze groep met vier rijders heeft niemand last van de hoogte. Alleen toen we de eerste rijdag ‘s ochtends een motor tevergeefs probeerden aan te duwen (later bleek er een stekkertje van de accu los te zitten), merkten we dat achter een motor aan rennen op 4.000 meter hoogte geen slimme bezigheid is, aangezien je er bij grote lichamelijke inspanning al na 10 tellen buiten adem bent.
Gelukkig blijkt het motorrijden op deze grote hoogte geen enkel probleem. De stapsgewijze hoogte-opbouw kost dus weliswaar een paar dagen extra op de hele reis, maar is eigenlijk pure noodzaak om in de uitlopers van de Himalaya lekker te kunnen rijden.

Dat motorrijden zelf gebeurt op heuse RTF HGL250GY-B’s, zoals die worden geproduceerd door Dongben. Dat is één van de vele Chinese motorfabrieken; in totaal schijnen er meer dan 1.000 (!) motor- en autofabrikanten te zijn waarvan wij in Europa het bestaan eigenlijk niet kennen. Dongben is een wat kleinere fabrikant die voor China hele specifieke (sport-)motoren produceert, meestal op basis van betrouwbare Zongshen-motorblokken. Zongshen is namelijk weer één van de grotere merken, die wel 3 miljoen motorfietsen per jaar produceren. Daar kunnen de groostte Europese merken BMW en KTM met ruim 200.000 geproduceerde motoren dus niet eens bij in de schaduw staan. Om maar even weer het gevoel te krijgen van de omvang en van de massa mensen die er in China wonen…
De RTF’s zijn echte Chinese offroadjes. Geen hardcore-machines natuurlijk, maar met hun luchtgekoelde 250-blok en circa 25 pk rijdt het eigenlijk best goed. Bovendien heeft het mild-getunede motorblok veel minder last van die grote hoogte dan een volledig uitgeknepen motorblok zou hebben; we komen in de dagritten zelfs een aantal keren boven de 5.000 meter en de blokjes blijven eigen prima lopen, al dondert het vermogen door de ijle lucht natuurlijk wel in elkaar en mag je blij zijn dat je rechtuit nog 70 km/uur haalt. Maar op zich blijven ze prima doorlopen en weten ze niet van opgeven.
Waar je in de grote stad relatief weinig motoren ziet (de ‘stads-Chinees’ kiest voor status, comfort en veiligheid en de motor past niet in dat beeld) is de motorfiets op het platteland van China nog steeds een ‘poor-man’s-car’, een vervoermiddel waarop hele families of een karrevracht aan spullen vervoerd worden. Een beetje zoals dat in de jaren 50 ook in Nederland het geval was. Over het algemeen rijden de Chinezen zelf op hele praktische Lifan 200 cc viertakten met een lange buddyseat voor 3 personen en een stevig bagagerek. Deze Lifans functioneren op het platteland ook als taxi en als ware GP-coureurs rijden die motortaxi-chauffeurs over de met kuilen bezaaide gravelwegen. Geef zo’n gast een KTM en hij kan zo aan de endurokampioenschappen meedoen!
Met onze RTF-fen en onze moderne motorkleding hebben we trouwens volop bekijks: op het platteland van China heeft de motor duidelijk nog geen recreatieve functie, dus dat stelletje westerlingen met kleurrijke motorkleding op leuk uitziende RTF offroads wordt bekeken – en gefotografeerd – alsof ze heuse maanmannetjes zijn.
Op ruim 600 kilometer van miljoenenstad Chengdu lijk je wat dat betreft op het Chinese platteland echt terug in de tijd te gaan en dat contrast is een extra dimensie aan deze Wild China Adventures-reis.

Vanuit Moda rijden we vier dagen rond op de flanken van Mount Gongga (lokaal: Minya Konka’). Dit is met zijn 7.556 meter één van de hoogste bergen van China. Het is zelfs de meest oostelijk gelegen berg boven de 7.000 meter, en de derde hoogste berg ter wereld buiten de Himalaya. Ook in China – waar het toerisme nu duidelijk zijn weg begint te vinden – blijken veel Chinezen met eigen ogen de scherp tegen de helblauwe lucht afstekende witte bergtop van Mount Gongga te willen aanschouwen vanaf het uitzichtplateau aan de top van de 4.700 meter hoge Zi Mei Pas. Het is er dan ook een drukte van belang. Onze motorreis valt namelijk precies samen met één van de weinige vakantieweken in China, de gouden week rond 1 oktober waarin de stichting van de Chinese Volksrepubliek wordt herdacht. Het is één van de weinige weken dat veel grote fabrieken zijn gesloten en waarin ruim 600 miljoen Chinezen op drift zijn om vanuit de grote steden de familie in hun geboorteplaatsen weer op te zoeken. Of naar toeristische trekpleisters als Mount Gongga te gaan. Het is nu in deze week dan ook relatief druk in deze regio rond de fameuze Chinese berg.
Vanuit Moda rijden we met de van Chinees kenteken voorziene RTF’s vier dagen over schitterende gravelpaden en onverharde paswegen. Op verharde wegen heb je als buitenlander in principe een chinees rijbewijs nodig, wat weer heel lastig te krijgen is op een kortdurend toeristenvisum. Maar voor het rijden op onverharde gravelwegen gelden eigenlijk geen enkele (rijbewijs-)regels, dus we kunnen heerlijk onze gang gaan.
Het offroad-rijden en de motoren zijn wel een beetje van ondergeschikt belang bij deze ontdekkingsreis van China. De RTF’s doen het prima en het rijden is ontspannen en leuk, maar het is natuurlijk absoluut geen hardcore-endurowerk. Eigenlijk kan iedereen met een beetje motorervaring hier prima uit de voeten, het wordt nooit zwaar terreinwerk. Af en toe rijden we een stukje singletrack met wat losse stenen en boomwortels, of volgen we een smal wandelpad, maar je hoeft geen ervaren terreinrijder te zijn om hier te kunnen genieten. Zoals gezegd gaat het hier vooral om het landschap en het ontdekken van het authentieke China. Dus als meer wilt zien dan je eigen voorspatbord en tien meter pad voor je voorwiel, dan kun je hier je hart ophalen. Hier is het vooral genieten van de bijzondere omgeving en de unieke hoogte. Plus kennismaken met een totaal andere cultuur; een cultuur waar de meesten van ons geen enkele voorstelling van kunnen maken.

Dat laatste geldt ook voor ons Guesthouse in Moda. Het pension wordt gerund door een jonge Tibetaanse familie, die naar China is verhuist om een eigen bestaan op te bouwen met hun pension. Het pension is nog vrij nieuw en volop in ontwikkeling, want er wordt nog flink bijgebouwd, onder meer aan een stuk of acht twee-persoonskamers met eigen sanitair, die in de loop van volgend jaar klaar moeten zijn.
De motoren zijn hier ook permanent gestationeerd en het pension is het vertrekpunt voor alle dagtochten. Naast de geplande motorritten zijn er vanuit Moda ook dagtochten te voet of per (klein) paard mogelijk. Wel allemaal met een dikke laag zonnebrandcrème factor 50 op je gezicht, want op deze hoogte is de zon hier veel krachtiger dan je denkt. ’s Nachts vriest het in oktober al behoorlijk en is zelfs in het pension warme kleding noodzakelijk, want de geharde Tibetanen lijken zelf helemaal geen kou te kennen. Maar zodra om een uur of negen ’s morgens de zon over de bergtoppen kiekt, voel je het met de minuut warmer worden, tot een kleine 16 graden aan toe. Ideaal weer om motor te rijden en de meegebrachte winterhandschoenen hebben we dan ook helemaal niet nodig.
In het pension leef je eigenlijk samen met de Tibetaanse familie en eet je gewoon met hen mee. Dat betekent drie keer per dag gekookte rijst, gestoomde deegbollen als brood en daarnaast diverse schaaltjes met (zelfverbouwde) groente en wat kippenvlees of vlees van de yak, de lokale Tibetaanse runderen. Echte carnivoren zullen er aan moeten wennen dat het vlees in deze plattelandsregio behoorlijk gerantsoeneerd is en doorgaans versneden wordt door de groenten. Een echte lap vlees zoals wij in het westen gewend zijn, kennen de Tibetanen niet. Dat heeft er natuurlijk ook alles mee te maken dat de Tibetanen leven van wat de natuur hen biedt en aangezien de dichtstbijzijnde stad om inkopen te doen ongeveer drie uur rijden is over een slechte weg, is een lepeltje suiker al bijna een luxe…
Het vraagt van ons verwende westerlingen wel even wat omschakeling. Terug naar de natuur, zeg maar, en dat is best een keer goed voor onze puur op consumptie getrainde lichamen. Maar met een paar muesli- of chocoladerepen erbij hoef je geen honger te lijden. Mits je tenminste met stokjes kunt eten natuurlijk, en dat is voor velen al een extra uitdaging…

Na vijf dagen op grote hoogte kwam er een einde aan deze ontdekkingsreis en ging het in één ruk terug naar Chengdu. ’s Morgens reden we nog over een veredeld karrespoor in de ruige natuur, aan het eind van de middag reden we alweer tussen het drukke verkeer op een zesbaans-snelweg Chengdu weer binnen.
China is een land van grote contrasten. En de offroad-motor blijkt een subliem middel om het authentieke China te ontdekken. Het blijkt een fascinerend land te zijn, waar je eenmaal terug nauwelijks over uitgepraat raakt. Een land dat momenteel reuzenstappen maakt en waar je echt bizarre contrasten aantreft. Op www.wildchinaadventures.com kun je een mooie film zien van deze reis, plus alle informatie lezen voor als je deze 2.290 euro kostende trip zelf wilt gaan maken om ook eens een compleet nieuwe wereld te ontdekken vanuit het zadel van een 250 cc offroad-motor.

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.