+ Plus

Interview Nancy van der Ven

Nancy van de Ven is Nederlands snelste dame op een crossmotor en leeft met één doel: wereldkampioen worden. Afgelopen jaar was ze er heel dichtbij, maar strandde ze in de allerlaatste meters op twee schamele WK-punten. Punten waarvan Nancy vindt dat die haar eerder al geheel onterecht waren afgenomen. Alsof dat nog niet genoeg was brak ze eind 2017 tijdens een training in Spanje ook nog haar onderbeen. Aan de vooravond van haar WK-seizoen sprak MotoPlus met ons ‘Zeeuws Meisje’ in haar woonplaats Vlissingen.

Het is half maart als we de twintigjarige Nancy van de Ven ontmoeten. Gelukkig loopt ze alweer zonder krukken, trekt ze nauwelijks met haar been en ze heeft alweer enkele motortrainingen achter de rug. Dus om maar meteen met de deur in huis te vallen: denkt ze op 8 april bij de eerste Women Motocross (WMX) in Italië als deelneemster present te kunnen zijn? Nancy: “Daar ga ik wel vanuit, maar ik verwacht daar nog niet voor een podiumplaats te kunnen rijden. Daarvoor heb ik nog teveel pijn aan mijn been. Ik kan het rijden nu elf minuten volhouden, dan moet ik stoppen vanwege de pijn aan mijn linker-scheenbeen. Wanneer het een normale breuk was geweest, die direct goed zou zijn behandeld, dan was ik nu wel fit geweest. Maar alles liep anders, een heuse nachtmerrie. Die nachtmerrie begon op Eerste Kerstdag in Spanje. Ik was bezig aan mijn eerste trainingsrondjes. De baan was gesproeid, maar bijna overal weer opgedroogd. Behalve op die ene schaduwplek, net voor een schans. De motor schoof achter weg en ik besloot in een split-second in de lucht van de motor af te springen. Ik viel hard op de grond. Alles deed pijn, maar ik was wel goed bij kennis. Ik kon ook alles bewegen, behalve mijn linkerbeen en ik had direct het gevoel dat dat gebroken was. Ook al verzekerden omstanders me dat het wel mee zou vallen. Ik ben op een oprijplank gelegd en zo achter in de bus geschoven, naar het ziekenhuis. Daar werd de ernst van de zaak pas duidelijk toen mijn broer en begeleider Rinus me hielp de laarzen uittrekken. Mijn vader en moeder waren er ook bij en die trokken wit weg. Overval bloed en een uitstekend bot. En ik? Ik dacht op dat moment maar aan één ding: als ik 8 april maar weer fit ben…”
Omdat het een open breuk was waarbij scheen- en kuitbeen waren gebroken, werd Nancy nog dezelfde avond nog in Spanje geopereerd. Nancy: “Ik kreeg een algehele narcose – ik wilde dat getimmer aan mijn been niet horen – en er werd een 9 mm dikke en 35 cm lange pen in mijn scheenbeek geklopt. Die pen is vervolgens met schroeven vast gezet. Het kuitbeen, toch flink verbrijzeld, zou zo wel genezen. Vanwege de open breuk moest ik om infectiegevaar tegen te gaan nog een aantal dagen in het ziekenhuis blijven. Op zich leek in eerste instantie alles in orde, maar ik maakte me zorgen toen ik de foto’s zag: mijn voet zat scheef. Na een paar dagen ben ik teruggevlogen naar Nederland. Mijn conditietrainer Hugo Amerika had net als ik weinig vertrouwen in de in Spanje uitgevoerde operatie en via hem kon ik bij de bekende Belgische dokter Toon Claes in Herentals terecht. Ook voor hem was het snel duidelijk: mijn been zat scheef. De operatie moest dus opnieuw en dat bleek zo ingewikkeld dat hij hiervoor een collega gespecialiseerd in lastige beenbreuken inschakelde. Die operatie vond plaats op 10 januari en duurde langer dan gepland omdat in Spanje schroeven waren gebruikt die in België onbekend waren. Er was dus niet het juiste gereedschap om ze los te krijgen. Dat hoorde ik natuurlijk allemaal pas achteraf. Voor en na die operatie heb ik heel veel pijn gehad maar ik heb geen moment gedacht ‘was ik maar nooit met crossen begonnen’. Wel dacht ik steeds aan 8 april. Dan wilde ik weer fit zijn.”
Na de tweede operatie verliep de genezing wel voorspoedig, maar Nancy bleef meer pijn houden dan in zo’n situatie normaal is. Die pijn bleek veroorzaakte te worden door een te lange schroef. Nancy: “De metalen pen zit onder en boven met drie schroeven vast. Een van die onderste schroeven bleek iets te lang en zorgde voor veel irritatie. Op 28 februari is besloten die schroef te verwijderen en vanaf dat moment heb ik pas het gevoel dat het echt de goede kant op gaat. Begin maart ben ik met Rinus voor het eerst weer wezen rijden. Dat rijden viel mee, maar de pijn aan mijn scheenbeen was niet te harden. Maar elke training met de motor die volgde ging het ietsje beter. Als ik Rinus en mijn vader mag geloven zien ze inmiddels geen verschil in mijn rijden van voor of na het ongeval, ik kan het alleen nog niet zo lang volhouden door de pijn. Ik hoop dat die pijn de komende tijd minder wordt, maar helemaal fit zal ik tijdens de eerste Grand Prix nog niet zijn. Meerijden en punten pakken moet echter lukken.”

Wanneer Nancy terugkijkt naar vorig seizoen roept dat nog steeds wrange gevoelens bij haar op. Vooral om wat haar tijdens de eerste GP in Indonesië overkwam. Na het winnen van de eerste manche op zaterdag kwam ze in shock over de finish. Nancy: “Het was zo heet, zo benauwd en zo zwaar door de modder dat ik totaal uitgeput over de finish kwam. Ik was in shock, wist niet hoe ik moest denken, ademen of lopen. ‘Ik denk dat ik dood ga’ zei ik tegen mijn vader, en dat meende ik! Ik had geen controle meer over mijn eigen lichaam, heel gek was dat. Toen ik op een rustiger plekje lag bij te komen, stonden er allemaal mensen om me heen. Ik begreep niet waarom; wist ik veel dat ik gewonnen had! Die toeschouwers wilden gewoon de winnares zien, een heel bizarre gewaarwording. De tweede manche van de WMX-Grand Prix is altijd op zondagmorgen en opnieuw was er heel veel modder, bijna iedereen reed zich vast. Ik kon blijven rijden, maar kwam op een gegeven moment ook vast te zitten. Met mijn laatste krachten wist ik de Yamaha te bevrijden en ben buiten de baan terecht gekomen. Terug de baan op via de normale manier ging niet, dus ik koos voor een omweg om terug de baan op te rijden. Ik had hiermee geen tijdwinst en werd als derde afgevlagd. Dat was genoeg om de GP te winnen. Ik stond boven op het erepodium, hoorde het Nederlandse volkslied, kreeg de grootste bokaal en de rode plaat, maar toen ik de trap van het erepodium afliep, kreeg ik te horen dat ik niet gewonnen had, maar gediskwalificeerd was. Ik dacht dat ik gek werd. Iedereen binnen het team vond ook dat ik niets verkeerd had gedaan. Daarom hebben we protest aangetekend wat 660 euro kost. Maar we werden in het ongelijk gesteld. Vervolgens heb ik nogmaals 660 euro betaald voor een onafhankelijk oordeel, maar ook dat liep uit op niks. Ik had het gevoel dat de ‘onafhankelijke persoon’ in kwestie het wel met me eens was, maar dat hij onder druk is gezet. Wat was ik daar ziek van, ik voelde me zo’n onrecht aangedaan. En wij rijden maar 6 GP’s, dus ik had nog maar vijf GP’s waarin ik dat verlies weer weg kon werken.”
De tweede GP was in Italië. Nancy: “Ik was daar nog zo kwaad over wat er in Indonesië was gebeurd, dat ik mezelf voor die wedstrijd veel te veel druk oplegde. Het resultaat was dat ik niet goed genoeg reed en mijn concurrenten Fontanesi, Duncan en Lancelot wat punten bij me weg liepen. In Ernee in Frankrijk ging het beter en werd ik tweede, maar ik had er denk ik kunnen winnen. Een kapotte achterrem in de tweede manche en een bikkelhard duel met Duncan haalden me daar uit mijn ritme. In Tsjechië, waar ik in 2015 mijn eerste GP won, ging het mis bij de tweede start. Ik schoof weg op het natte starthek. Maar met twee derde plaatsen liep ik in op Fontanesi en Lancelot. En toen kwam de MXGP in Assen, wat een ongelooflijke wedstrijd werd dat! Ik voelde me superfit en een week eerder had ik in Polen tijdens het EK voor landenteams ook al iedereen achter me gehouden. Ik voelde me beresterk. Ik won in Assen ook beide manches en stond ineens op kop in het kampioenschap. Ik had het bijna onmogelijke toch waar gemaakt. Maar toen kwam die laatste wedstrijd in de Franse modder. Dat had weinig meer met motorcross te maken. De eerste manche op zaterdag ging nog goed, ik werd tweede achter Fontanesi en had nog alle kansen op de wereldtitel. Een dag later was de baan nog gladder en ik bleef na 7 ronden steken op een helling. Ik kon echt geen kant meer op. Naar boven ging niet en naar beneden evenmin. Ik ben normaal sterk genoeg om de motor op te rapen, ook in de modder, maar mijn Yamaha leek wel 200 kg te wegen. Ik heb staan janken. Dat dit me moest overkomen op het moment dat ik de titel voor het grijpen had. De derde plaats, die ik toen in handen had, was voldoende om wereldkampioen te worden. Het uiteindelijke verschil tussen kampioen Fontanesi en mij was slechts twee punten. Maar ik werd vierde in de WK-eindstand, want zelfs het brons ging ook nog aan mijn neus voorbij. Dat was voor Duncan met hetzelfde aantal punten als ik, maar met één manchezege meer. Ik heb bijna de hele terugreis vanaf Frankrijk naar Vlissingen gehuild. Zo verdrietig was ik. En ik moest ook steeds terugdenken aan de WK-punten die ze me in Indonesië hadden afgepakt. Ook thuis was ik nog een hele poos niet te genieten. Ik kan wel tegen mijn verlies, maar niet als me onrecht wordt aangedaan. Op een gegeven moment heeft mijn vader gezegd ‘en nu houden we er over op! We praten er niet meer over en we kijken vanaf nu alleen nog maar vooruit’. Vanaf dat moment heb ik het van me afgezet. Wel met moeite, daar ben ik heel eerlijk in.”

Het WMX bestaat dit jaar wederom uit slechts zes wedstrijden: Trentino (I), Portugal, Duitsland, Ottobiano (I), Assen en Imola (I). Nancy: “Een rare kalender met drie GP’s in Italië. Ik had ook liever meer wedstrijden gehad. Dat had ook best gekund nu die dure GP van Indonesië voor ons niet meer op de kalender staat. Die ene wedstrijd slokte bijna het hele reisbudget op. Over sponsoring heb ik gelukkig niet te klagen. Dankzij Yamaha kan ik zonder zorgen aan alle GP’s deelnemen en daarnaast heb ik nog een aantal persoonlijke sponsors. Het kost een paar centen om op niveau mee te doen, maar op deze manier ben ik tevreden. Ik doe er zelf alles aan om er bij iedere wedstrijd het maximale uit te halen. Op harde banen presteer ik minstens zo goed als op zandbanen. Sterker nog: zandrijden kon ik vroeger helemaal niet. Het heeft lang geduurd voor ik wist hoe dat met diepe knippen en sporen moest. Maar toen ik het eenmaal door had ging het wel steeds beter en merkte ik ook dat ik op bepaalde circuits echt harder ging dan de rest. Dat was zeker het geval in Assen, waar ik iedereen zoek reed. Maar nog altijd vind ik circuits met veel springschansen het leukst, want ik hou van springen en ik ben niet bang. Helaas heb ik het idee dat het WMX niet de aandacht krijgt die het verdiend. We rijden maar drie keer in een GP-weekend. Eén training op zaterdag en de eerste manche later op die dag. En dan op zondag in alle vroegte, als er nog bijna geen publiek is, de tweede manche. Terwijl ik echt denk dat het niveau van de deelneemsters de laatste jaren behoorlijk is gestegen. Dit jaar zijn er twee GP’s op een echte zandbaan, dat is gelukkig voor mij positief. Voorlopig zijn mijn gedachten nog niet bij die laatste wedstrijden; eerst maar eens zorgen dat ik fit genoeg ben voor de openings-GP. Als ik de pech van het afgelopen jaar dit jaar kan omzetten in geluk, dan gaat die wereldtitel er komen!”

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.