Michael Visser – Ducati Streetfighter V2 Supreme

Een goed bod op zijn Kawasaki Z1000SE brengt voor Michael Visser ineens zijn droommotor binnen handbereik, een Ducati Streetfighter. In de week voorafgaand aan het ophalen van de machine valt zijn blik bij toeval op een Streetfighter V4 Supreme: een likkebaardend lekker ogende, behoorlijke zeldzame en ronduit prijzige limited edition. Zijn eigen Streetfighter Supreme is wellicht nóg zeldzamer: want de enige ter wereld!
Pagina gaat door onder advertenties
Dit artikel is gratis beschikbaar voor MotoPlus abonnees
- Onbeperkt PremiumPlus leesplezier
- 15.000+ online artikelen
- 380+ digitale magazines
Al abonnee? Log in om dit artikel direct te lezen.
“Motorrijden heeft me van kleins af aan al gefascineerd. Door mijn vader vooral, die rijdt al zolang ik me kan herinneren. Op mijn achttiende heb ik direct mijn rijbewijs gehaald, dan had ik het tenminste alvast. Anders zou het alleen maar duurder worden en ik wilde het toch sowieso hebben. Op mijn twintigste kocht ik mijn eerste motor en dat was meteen een wel een goede. Ik nam de R1 van m’n vader over namelijk. Die liep qua pk’s en kilo’s zo’n beetje één op een en daar heb ik toch wel een jaartje aan moeten wennen, meteen zo’n volbloed superbike. Wel was ik meteen verliefd op het motorrijden, die vrijheid die je ervaart op twee wielen is echt ongekend. Iets meer dan zes jaar heb ik die R1 jaar gehad, maar toen kwam het grote onderhoud en moest ik keuzes maken.”
“Mijn vader reed op dat moment een ZX-10R, die echter vanwege een terugroepactie bij de dealer stond. Tijdelijk kreeg hij daarom een Z900 mee en zo’n naked bike beviel hem zo goed, dat hij overstapte naar een Z1000. Ik mocht er een keer op rijden en ja, toen was ik ook verkocht. Er kwam een Z1000SE, waar ik zo’n zes jaar tot volle tevredenheid mee heb gereden. Ik ben niet zo van het continu maar overstappen, als ik een goede en leuke motor heb, dan rij ik er wel echt een tijd op. Hoewel die Kawasaki me nooit teleurgesteld heeft, ben ik wel altijd met een schuin oog blijven kijken naar een Ducati Streetfighter. Die heb ik altijd zo mooi gevonden, al vanaf de eerste versie is het mijn droommotor. Afgelopen jaar ben ik gewoon uit pure nieuwgierigheid eens gaan informeren naar wat mijn Z1000 nog opleverde en wat ik dan zou moeten bijbetalen voor een Streetfighter. Nou, dat viel zo ontzettend mee.”
“Of viel mee? Er moet natuurlijk altijd wel geld bij, maar ik kon het missen en eigenlijk kwam alles wel op een goed moment bij elkaar. Ik weet nog dat ik tegen m’n vrouw zei: ‘Ik weet dat je het er niet mee eens bent, maar je weet ook dat als ik eenmaal wat in mijn hoofd heb, dan gebeurt het ook’. Vervolgens ben ik actief gaan zoeken, wel naar een Streetfighter V2. Ik wilde eigenlijk de V4 met die vleugeltjes, maar het prijsverschil was echt enorm. De overstap van vier naar twee cilinders was overigens wel even wennen bleek tijdens een proefrit, zo’n tweecilinder loopt toch wat rauwer en dan vraag je jezelf toch af, ís dit wel wat ik wil? Maar ik heb uiteindelijk toch doorgezet, ook omdat de verkoper nog wel iets met de prijs wilde doen. Dat schepte weer mooi wat mogelijkheden om enkele zaken aan te passen, bijvoorbeeld vleugeltjes erop. In de week tussen kopen en ophalen stuitte ik op internet bij toeval op een foto van een Streetfighter Supreme en die vond ik zo mooi, dat ik besloot mijn V2 ook zo te maken.”
“Tegen het eind van vorig jaar kreeg ik ‘m, waarna ik er denk ik drie à vier keer mee naar mijn werk ben geweest en toen ging ‘ie al de winterstalling in. Wel meteen de perfecte tijd om ‘m aan te pakken. Ik heb ‘m uit elkaar gehaald en ben aan de hand van foto’s begonnen met het uitzetten van de lijnen. Omdat de tank van de V4 langer is, moest ik wel improviseren met schalen, zodat het er wel allemaal goed uit zag. Omdat de Supreme een limited edition betreft, was er helemaal niets te koop, alle stickers en dergelijke heb ik zelf moeten ontwerpen en laten maken. De vingerafdruk van Aldo Drudi bijvoorbeeld, op de koplamp, die vind je niet zomaar, dat heeft me heel wat zoekwerk gekost. Vervolgens de stickers er netjes op maken en alles onder de blanke lak wegwerken. Wat overigens niet standaard is. Ducati doet dat weliswaar bij alle modellen, alleen vreemd genoeg niet bij de Streetfighter. Ik wilde die blanke laklaag wel, want anders krijg je zo’n harde overgang bij de rand bij de stickers en dat vind ik niet mooi. Naast het design heb ik ook nog tal van andere zaken aangepakt. Er zitten vleugeltjes op, en andere spiegels, beide origineel van Ducati. De kentekenplaathouder heb ik zelf gemaakt, want ik wilde ‘m héél kort houden, en verder zitten er dynamische knipperlichten op, wat carbon delen, waaronder het achterspatbord en een nieuw rem- en koppelingshendel. Grotendeels is ‘ie nu wel klaar, ik wil alleen nog graag een keer de vorkpoten goudkleurig laten anodiseren. En als ik het spul er toch uit heb, dan zet ik er ook meteen Öhlins cartridges in. Niet dat de vering nu slecht is, maar het kan wel beter. Daarna is ‘ie denk ik wel af, de uitstraling klopt in ieder geval helemaal, ik vind ‘m echt prachtig. Hij gaat denk ik ook niet meer weg. Die R1 had ik ook helemaal speciaal gemaakt en nog altijd heb ik er spijt van die weg te hebben gedaan. Dat gebeurt me geen tweede keer. Integendeel, ik hoop ‘m ooit in een glazen kastje te kunnen zetten!”
Pagina gaat door onder advertenties
Pagina gaat door onder advertenties