+ Plus

Interview Kawasaki-tweeling

Eigenlijk wilden ze bij de politie. Maar te slechte ogen zorgden er voor dat Patrick en Daniel Leenders een carrière als motoragenten aan zich voorbij zagen gaan. Motorrijden doet de tweeling echter wel degelijk, beiden op een Kawasaki ZX-9R. En ergens schuilt ook nog een soort rechtvaardigheidsgevoel, als een overblijfsel uit de “ik wil motoragent worden”-tijd. “Als ze mijn broer snijden op de weg”, ga ik er achter aan!”Het groene hart van Gelderland ligt, bonkt, raast en knalt Kawa-kwadraat in Groesbeek. Preciezer nog, het klopt in de borstkassen van de Kawasaki-adepten Daniel en Patrick Leenders. “Ons pap had gelijk in één keer raak geschoten”, lacht Patrick met broer Daniel. Ze zijn een tweeeiïge tweeling, zeggen ze. “Maar dat is niet te merken, hè”, vindt Patrick. “We doen heel veel samen”, zegt Daniel. “We waren laatst apart van elkaar wezen winkelen, maar we kwamen met dezelfde spullen thuis!” Als twee druppels lijken ze op elkaar, ook nu ze inmiddels 25 jaar zijn. Twee volwassen kerels die nog altijd een beetje kind zijn gebleven. Kale koppen, oorringetjes, lange lijven, grote grijnzen. Eén zichtbaar uiterlijk verschil is er wel. Daniel heeft een paar flinke tattoos op de benen, waarvan een met Kawa-groen. “Misschien dat ik dat deze winter laat doen”, zegt Patrick al. Ze kunnen elkaars gedachten lezen en vormen een hechte twee-eenheid. “Vroeger hadden ze wel eens ruzie, tegenwoordig niet meer”, stelt Daniel gerust. Patrick beaamt het – zoals hij vaker zal doen, deze middag. “Als dat nou nog zo was, zouden er gewonden vallen.” “We zaten altijd met brommers te kloten”, zegt Patrick. “Met twee Hondaatjes. Een MT-5 en een MB-5.” “En ons pap had een chopper, zo’n Honda Shadow”, valt Daniël in. “Daar hebben wij het motorrijden op geleerd.”Daarna had vader Leenders nog twee VFR’s gehad, waarmee de twee nog aardig wat kilometers maakten. Seniors laatste VFR werd total loss gereden door Patrick. “Kon ik niks aan doen. Ik kreeg geen voorrang van een auto.” Er ging echter nog een periode aan vooraf. “We gingen bijna elke zondag karten, maar een vriend van ons deed ook aan motocross. Daar gingen we vaak kijken. Leek ons ook wel leuk. We mochten van ons pap kiezen: karten of crossen. Het werd cross. Met een Honda 125. Gewoon als hobby, hoor, geen wedstrijden. Hoe oud we toen waren? Eh, een jaar of dertien?” “En ik kreeg toen een zwaar ongeluk met crossen”, zegt Patrick. “Ik brak mijn linker onderarm op twee plaatsen en had er een groot gat in. Dat hebben ze helemaal moeten opvullen en moeten hechten. Ik kon twee weken niet fatsoenlijk lopen vanwege de kneuzingen en de blauwe plekken.” En weer werd het kiezen: crossen of een scooter. “Ja, zegt Daniel, “en je weet hoe dat gaat: iedereen had een scooter.” “Maar het moest wel altijd hard, hè”, verduidelijkt Patrick voor de zekerheid. Het scootertijdperk verliep derhalve niet geheel schadevrij. “Meerdere schuivers… Lag ook aan de rijstijl. Uitlaatje en standaard aan de grond, en zo…”Praten met de gebroeders Leenders mondt na elk voorzetje uit in een onstuitbaar een-tweetje. Snelle, korte tikjes, buitenom of binnendoor, maar zelden met lange halen. Als de een begint, weet de ander meteen waar het over gaat – en is hij in staat om de zinnen die zijn broer begint feilloos af te maken. Ook over het pad dat zij bewandelden voordat zij op de motor stapten. Patrick koos er voor om op zijn achttiende eerst zijn autorijbewijs te halen. “Ik wilde niet op een motor met 34 pk rijden”, legt hij uit. “Ik heb wel op de VFR van ons pap gereden. Dat mocht van ‘m. Zonder rijbewijs, ja.” Daniel lacht. Ook hij stapte op pa’s VFR. “Op de duur ging ons pap bij ons achterop. Maar het ging ‘m te hard, haha!” Daniel haalde wel zijn motorrijbewijs toen hij negentien was. Als broer Patrick op de motor aangehouden zou worden, had hij zijn antwoord klaar. “Dan zei ik dat ik Daniel was, en die had wel zijn rijbewijs! Dat waren de afspraken.” Vanaf het begin had het duo een fascinatie voor Kawasaki. “Lekker rauw”, vinden ze. En dan is er nog die kleur. “Het moest altijd groen zijn”, zegt Patrick. Daniel kocht een nieuwe ZX-6R met 34 pk en reed daar twee jaar op. Daarna kocht hij weer een nieuwe “full power”-ZX-6R en hield het daarmee een jaar vol. Toen Patrick 21 was, besloot de tweeling dat het tijd werd voor het serieuzere werk. “Een ZX-10 of een ZX-9. Maar de 10 was nieuw en die leek wat klein”, vertelt Patrick. “Net een 600-tje”, vindt ook Daniel. Zijn broer knikt. “Ja, veel te iel. Dan had je geen grote tank tussen de benen.” Drie jaar geleden werden derhalve twee nieuwe groene ZX-9’s gekocht, waarbij de broers “een mooie deal” konden maken. “En met op elkaar volgende kentekens, hè”, glundert Patrick. De MJ-VV-38 is zijn eerste motor, de MJ-VV-37 is de nummer drie van Daniel. “Die lag met al zijn motoren wel een keer op straat”, zegt Patrick. De twee Kawa’s zijn naar eigen wensen aangepast, maar toch vrijwel identiek: buddycovers, huggers, undertays, LED achterlichten, Yoshimura-slip ons en groene kuipruitjes. Daarop staan in oranje letters de koosnaampjes voor de Kawa’s. Froggy, noemt Daniel zijn machine. “Groen. Kikker. Kermit.” Vandaar. Simpel. Logisch. Achter de “Green Hornet” van Patrick schuilt evenmin een diepere gedachte. “Het moest iets met groen zijn.” De motoren staan er in showroomstaat bij. “Ons pap heeft ze gepoetst.” Vandaar. Ook de leren outfits zijn vrijwel gelijk. Daniel heeft echter “Akira” (van Kawa-held Akira Yanagawa) op zijn rug staan. “Toen ik mijn pak kocht, was dat er niet meer”, verklaart Patrick het feit dat die naam op zijn rug ontbreekt. Zijn machine valt op door één ander uiterlijk trekje. Patricks ZX-9 beschikt nog over twee passagiersvoetsteunen. “Voor mijn vriendin Inge. Die gaat nog wel eens mee.” Ze heeft sinds kort haar ‘klein’ motor-rijbewijs gehaald. Daniels vriendin Jolanda rijdt zelf een zes jaar oude ZX-9R. Een groene.Al na drie dagen verzamelde Daniels ZX-9 zijn eerste schade. “Na 150 kilometer had ik ‘m al plat”, grijnst hij. “Ja, en ik reed er achter”, zegt Patrick. “Ineens zag ik ‘m over de weg vliegen, een highsider.” “Later kreeg ik een pin in m’n hand. Middenhandsbeentje gebroken en de pols zwaar gekneusd. Ik had ook last van m’n rug.”“Hadden we eerst snel zijn pak uitgetrokken. Anders zouden ze het kapot knippen want we dachten dat er meer gebroken was. Stonden we daar in de kou te wachten op de ziekenwagen.” “Dat was minder, ja.”Hij is er rustiger van geworden, bezweert Daniel. “Met de 600 deden we wel eens klaverbaden. Niet normaal, zo hard. Ik zat een keer bijna tegen de vangrail. Daar ben ik wel van geschrokken…” Hij wil nog wel eens “kneedownen en wheeliën”, geeft hij toe. Een oplettend oog is bij dat laatste echter geboden, weet hij. “Als mijn vriendin ziet dat ik een wheelie maak, moet ik vijf euro in de pot stoppen. We sparen nu voor een digitale camera met een harde schijf!” “Ik denk dat ik iets meer nadenk”, vermoedt Patrick. “Denk ik. Als je nou op een ouwe frikadel zit….. Met die 600 was hij nog gekker.” Voor de eerste keer geeft Daniel tegengas. “Nou, we doen niet veel voor elkaar onder, hoor.” Het is echter wel degelijk Daniel die bij gezamenlijke tochten het tempo aangeeft. “Ik laat hem altijd voor”, zegt Patrick. “Waarom weet ik niet precies. Hij is ook eerder geboren, hè. En ik rij vaak met mijn vriendin achterop.”De Kawa’s worden vooral voor explosieve ritten gebruikt. Op vakantie laat de tweeling de motor thuis. “Dat gesleep met die spullen”, vindt Daniel. Circuittrainingen doen ze evenmin. “Ja, we hebben op Assen een paar sessies gereden, omdat we toen de eerste prijs met een foto-wedstrijd hadden gewonnen van Kawasaki.Vorig jaar hebben we tijdens de Kawasaki-dag op Francorchamps gereden. In de regen. Maar dat doen we anders eigenlijk niet”, zegt Patrick. Daniel knikt. “Daar hebben we het geld niet voor, hè.”“De weg is ons circuit.”“Een echt circuit is veel te duur en te ver weg! De banden, de benzine…”Op internet spreken de broers samen met vriend en ZX-9R-rijder Jurjen en andere compagnons af om op zondag even uit te waaien. “We ontmoeten elkaar aan de Waalkade in Nijmegen”, zegt Daniel. “Dan eten we eerst wat op een terrasje en bedenken we een mooie route”, legt Daniel het actieplan uit.“Het zijn wel allemaal snelle jongens, hoor”, verzekert Patrick.De opmerking lijkt wat overbodig.“Elke dag rijd ik standaard even 250+.” “Iedereen kent ons hier in de buurt.”Ook de politie. Daniel vertelt over de keer dat hij met Patrick als passagier naar school reed in Den Bosch. Geheel volgens het verkeersreglement verliep die rit gewoontegetrouw niet. “Een maat van ons filmde dat vanuit de auto. Hield de politie ons aan…vanwege wheelies . Vertelde ik een smoesje dat ik nog niet helemaal gewend was aan het volle vermogen! Daarna hebben we nog wel een kwartier met die agent over motoren zitten praten.”“Ik ben al 25 keer aangehouden”, zegt Patrick. “Dat komt ook omdat ik een opvallende auto had, een Honda CRX met aardig wat geluid en nu rijd ik een Astra coupé Turbo met 285 PK, dus dat valt ook weer op. Eén keer kwam d’r een motoragent naast me staan bij een stoplicht. Hij had me in de verte horen accelereren met de motor. ‘Dat is niet de bedoeling, hè’, zei hij. Daar bleef het bij…. Ik heb toch maar één keer een boete gehad”, zegt Patrick, toch niet zonder trots. Daniel heeft een iets minder blanco cv. “Voor me reed eens een Kawa, ook zo’n racer”, haalt hij herinneringen op. “Deden we een wedstrijdje. Maar achter me zat een politieagent…. Ja, en dat had ik niet gezien. Moest ik mee naar het bureau. Dan voel je je toch een klein mannetje, hoor.”Patrick grijnst weer. “Die agent belde op naar huis en zei ‘die jongen is zeker levensmoe’, haha!” “Hij zei ook dat hij mij niet had kunnen bijhouden. Of ik daar trots op ben? Och…. Ik kende de weg. Die agent zei eerst dat ik alles kwijt zou zijn, maar omdat hij me niet had kunnen klokken, kreeg ik een boete voor 44 kilometer te hard. Kostte me 245 euro.”“Da’s al weer drie jaar geleden.”“Drie jaar? Dan doen we het toch niet slecht.”Met maatje Jurjen ontmoetten ze vorig jaar op de Kawasaki-dag in Francorchamps ook Shinya Nakano. De toenmalige Kawasaki-topper poseerde gewillig voor de foto. Hoewel ze de foto koesteren, kon Nakano’s desertie naar het Honda Konica Minolta Team niet op hun sympathie rekenen. “Heel aardige jongen, maar het was natuurlijk een domme fout om weg te gaan bij Kawa, hè”, zegt Daniel met een wijs gezicht. Patrick deelt die mening vanzelfsprekend. “Hij is uit de gratie. Ja. Maar die Randy de Puniet vind ik eigenlijk ook niks. Die valt te vaak.”Doorgaans kunnen Kawa-coureurs wel op hun steun rekenen. “Ja, hoor”, zegt Patrick. “Vroeger Scott Russell. Hoewel die ook voor Yamaha heeft gereden…. In het WK Superbike hebben we natuurlijk Régis Laconi en Fonsi Nieto. Die ging bij de wedstrijden in Assen dit jaar nog met ons op de foto. Toen liepen Daniel, Jurjen en ik met van die groene pruiken op door de pitstraat. Monteurs van Yamaha kwamen nog uit de pitbox om ons te fotograferen, haha!”De voorliefde voor Kawasaki-coureurs en Kawa-motoren zit diep bij de tweeling. Filosoferen over andere merken heeft dan ook niet veel zin. Als de ZX-9R’s aan vervanging toe zijn, zal het hart groen blijven kloppen. Toch lijkt Patrick ook wel even buiten de deur te willen snacken. “Ik zou wel een keer met een V-twin willen rijden”, laat hij zich ontvallen. “Gewoon om te proberen, hoor.”Daniel heeft al 2008-nieuws opgevangen. “De laatste ZX-10 vind ik te rond. Volgend jaar komt er een nieuwe, zeggen ze.”Patrick ziet dat wel zitten. “Misschien koop ik die wel. Of die nieuwe ZX-6. Die vind ik ook wel mooi.” Zijn broer heeft andere plannen. Daniel gaat binnenkort samenwonen. In een huis met een grote garage. De ideale ruimte om de broederband niet laten verslappen, schat Patrick in. “Die garage, daar gaan we toch Kawa-sleutelavonden houden?” Nu zitten ze nog even als twee Gelderse Pietje Bells bij “ons pap en ons mam” achter het huis. Braaf aan de koffie en de koek. Pa en ma Leenders genieten in stilte mee. Ooit wilden hun jongens motoragent worden. Als die ogen maar wat beter waren geweest. Het had anders kunnen lopen. Daniel knikt. “Mijn vriendin denkt van wel, ja.”UnterschriftenOpener – keine UnterschriftOpener kleinDaniel voor Patrick. Zoals het op de straat altijd gaat. Waarom? “Hij is ook eerder geboren.”Dritte Seite (wheelie)Wheelies maken kost Daniel vijf euro. Dat heeft hij zo afgesproken met zijn vriendin. Of: zijn vriendin heeft dat zo afgesproken. Vandaar ook de bedenkelijke blik bij Patrick.Plaats hier uw tekst

Direct meer lezen? Neem een jaarabonnement
  • Direct toegang tot het digitale archief met meer dan 350 magazines.
  • 24 uitgaven per jaar
  • Elke twee weken thuis in de bus
Direct toegang aanvragen
Een jaar MotoPlus voor slechts 49,50

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.