+ Plus

Roadtrip BMW R1250RS – Kawasaki Ninja 1000SX

Nee, eerlijk gezegd had ik zelf ook niet verwacht dat de TT op de Isle of Man me laat zwaaien als koningin Maxima op haar beste dagen, me een chronische grijns op mijn kaken bezorgt en mij als een bootwerker verwensingen laat spuien. Ervaringen van een TT-debutant.

Neem de beste feel-good-movies ter wereld en vermenigvuldig die met tien. Tel Four weddings and a Funeral, ET en Forest Gump bij elkaar op en nog altijd kom je in de verste verte niet aan het gelukzalige gevoel van de Parade Lap op de Isle of Man. Wacht even! Die Parade Lap is toch een suf rondje op kruiptempo voor de gewone man over de volledige 60,72 kilometer van het circuit? Correct! Toch is voor mij uitgerekend die massale toeristenrit het hoogtepunt van de TT 2023. De rit balt alles samen wat zo mooi is aan dit evenement.

Misschien wil je eerst bijkomen omdat ik een toerritje hoger inschat dan topcoureurs die met onwaarschijnlijke snelheden over een onmogelijk circuit scheuren? Dat snap ik. Begin ik toch gewoon bij het begin: soms kruipt een evenement heel langzaam onder je huid. Denk je voor jezelf te weten dat je ooit op een stenen muurtje wilt zitten waar coureurs met 300+ voorbij knallen. Geen idee wat dat proces in gang zette. Waren het de gesprekken met grijzende liefhebbers wiens ogen gingen glimmen bij alleen de gedachte aan de legendarische race? Mannen die me stuk voor stuk waarschuwden: “Als je een keertje gaat, ben je verkocht. Dan wil je vaker.” Ongemerkt verdween ik in de Isle of Man-trechter en ik had het pas door toen ik bij een bijeenkomst van mijn reisorganisatie zat. Al die geroutineerde gasten mogen hun vaste adresjes hebben, als debutant vond ik een georganiseerde reis wel makkelijk.

Natuurlijk ga ik niet alleen. Mijn maatje Peter gaat mee om samen nieuwe herinneringen te maken. Als vervoermiddel kiezen we niet voor allroads. Dat succesnummer doet weliswaar alles goed, maar kom op hé: we gaan wel naar Man! Dan moet er toch op zijn minst iets van sportiviteit in de motoren zitten. Al moet dat door onze bagage ook weer niet overdreven veel zijn. Uiteindelijk is wat ons betreft een duo scherp gesneden sporttoermachines het ideale compromis. De Kawasaki Ninja 1000SX en BMW R1250RS stellen ons met hun zijkoffers in staat om wat kleding mee te slepen. Navigatiesystemen wijzen ons de weg en door de prima zithouding houden we de lange rit door het Verenigd Koninkrijk moeiteloos vol. Op de Mountain Course kan (sport) de gaskraan open en in Engeland (toer) rijden we op de terugweg juist op ons gemak rond. In een paar uur overbrug je de afstand tussen Hull en Liverpool, maar wij doen er drie dagen over.

Tip voor beginners: als je toch naar een infoavond van jouw reisorganisatie gaat, luister dan. Voor ons wordt iedere put preventief gedempt en zeven sloten dichtgegooid, maar we lopen er uiteindelijk toch in. Als je het advies krijgt direct van Hull naar Liverpool te rijden om daar op tijd bij de veerboot naar Man te zijn, doe dat dan. Deze wijsneuzen moesten eerst een immens Full English Breakfast naar binnen slaan. Omdat Engeland je als vanzelf een vriendelijker mens maakt, duurt dat ontbijt veel langer gedacht. Je bent altijd langduriger aan de praat dan begroot. Belandt vervolgens in een mega-file en het wordt toch nog zweten. Over zweten gesproken: 2023 is een legendarische TT. Door alle racerecords natuurlijk, maar vooral door de weersomstandigheden. Nooit bleef het zo lang achter elkaar zulk perfect weer. Niets vier seizoenen op één dag, Man schotelde alleen zomer voor.
Wij staan na aankomst op het eiland ook in recordtempo voor… onze eerste wegafsluiting. Het circuit is afgesloten voor een avondtraining. Geen nood: net voor Bray Hill zien we de coureurs met een noodgang naar beneden schieten en dat spektakel is de moeite waard. Na de training gaat de weg in mum van tijd weer open en kunnen we op weg naar de camping waar onze tweepersoonstent al klaar staat.

Dag twee begint natuurlijk met een ronde over de wedstrijdbaan. Die is in het echt zowaar nog beangstigender dan alle onboard-video’s bij elkaar. Door kronkelende groene tunnels van bomen – waar zon en schaduw elkaar continu afwisselen – gaat het. Het laat zich niet stoppen: mijn hoofd schudt dwangmatig van links naar rechts. Ongelooflijk dat mensen hier zo hard durven gaan. Bij sportieve uitdagingen wilde ik altijd binnen twee keer de tijd van de winnaar finishen. Liep de winnaar één uur over de halve marathon, dan moest het bij mij in twee. Hier denkt geen haar op mijn hoofd daaraan. Het ronderecord staat op 136 mph, dat is bijna 219 km/uur. Gemiddeld!
Alleen op de Mountain mag tijdens de TT de gaskraan nog onbeperkt open. De rest van de wegen kent snelheidslimieten en de politie controleert streng. Daardoor voelt het open trekken van de Ninja1000SX op de Mountain wat onwennig. Met 100 mph voel ik me al een hele meneer. Halverwege is het gedaan met de pret. Wegens een ongeval is de route afgesloten en de politie dirigeert ons genadeloos de baan af.

Afwisselend rijden we de BMW en de Kawasaki. Die laatste is wat compacter, je zit gevoelsmatig op het voorwiel en dat voelt sportiever aan. Op de Mountain mag de vier-in-lijn eindelijk richting rode gebied en dat tovert een heerlijk inspirerend hees inlaatgeluid tevoorschijn dat de sportieve ambities alleen maar aanwakkert. Het motorblok is een toonbeeld van soepelheid en pure spierkracht. Uit nieuwsgierigheid rijd ik een maal weg in derde versnelling. Probleemloos.

Ook BMW’s boxerblok is een troefkaart. Het heeft een zalig rauw randje, reageert gretig op het gas en is net zo bullig als de Kawa. Bovendien is het met een gemiddeld verbruik van 1:20,9 zuiniger dan de 1:18,3 van de Ninja. Al kun je voor het prijsverschil tussen de twee heel wat liters verstoken. Naakt gaat de BMW vanaf € 18.800,- weg. In deze uitvoering (onder meer: Dynamic en Comfort Pakket en ESA) stopt de teller bij € 25.066,-. De Ninja kost zonder koffers € 17.049,- maar een Tourer-kit kost € 1.399,-.
De BMW voelt – ondanks dat ruige blok – toeristischer. De zitpositie is passiever en langgerekter en dat komt overeen met de gehele rijervaring. Peter voelt zich het beste op de Beier, bij mij kruipt de Ninja meer onder de huid. Die voelt volledig uitgekristalliseerd en klaar om te sporten én te toeren. BMW heeft al net zo nagedacht over het fijn slijpen van de RS, maar vergat daarbij de zijstandaard. Die staat zo rechtop dat de motor al omvalt als je hem op het houtje van een ijslolly parkeert.

Aan ijsjes doen ze niet bij onze tijdelijke stamkroeg. De camping ligt op driehonderd meter lopen van The Raven. Kenners weten het al: we zitten bij Ballaugh Bridge, het beroemde bruggetje waar de coureurs als motorcrossers overheen springen. Het uitaccelereren direct onder het terras van de pub is zowaar nog indrukwekkender. Dat iemand na zo’n sprong – wetende wat volgt – zo gretig het gas weer open draait… We zien het tijdens een avondtraining, een pint Guinness in de hand, met open mond aan.
In de daarop volgende dagen vinken we alle verplichte nummers af. Dingen als de Grandstand en het Laxey Wheel. Bij de eerste lopen we John McGuiness en Peter Hickman tegen het lijf. Milky Quale lijkt overal te zijn. Sinterklaas heeft 1001 hulp-Sinterklazen, Milky heeft vele hulp-Milky’s. Bij het fameuze Wheel zien we niemand, zelfs geen Milky. Zoek je rust dan vind je die op Man zelfs tijdens de TT. Een absolute aanrader is de Calf of Man. Helemaal in het zuiden van het eiland kijk je uit op wat rotsen, eindeloze zee en een zeehondenkolonie. We kijken er op een bankje zo maar een uurtje weg.

We kijken, maar voelen vooral. Ervaren hoe het hele eiland in de ban is van motoren. De TT is hier overal zonder dat je het gevoel krijgt dat het commercieel uitgebuit worden. Ja, ze lopen hier in twee weken helemaal binnen, maar elk eerbetoon in kroeg of winkelstraat hangt er ook omdat iedereen het zo mooi vindt. Zo voel ik dat althans, ik kan me vergissen. Zelfs de kerk doet mee. Iedereen kent de beelden van de kerkbanken die buiten als tribune worden neergezet, maar ook in andere kerken vind je motorrelikwieën.
Over kerken gesproken: als we de training van de Superbikes, Supersport en Supertwins zien bij Kirk Michael rolt er regelmatig een onbedoelde verwensing uit mijn mond. Je ziet de motoren van achter op hoge snelheid als een dolle schudden. Het geweld waarmee de toppers voorbij komen is zo onwaarschijnlijk dat je hersens ongewild een uitlaatklep vinden. Kippenvel alleen is onvoldoende, mijn hoofd moet als een snelkookpan af en toe stoom afblazen.

Naar de Parade Lap kijk ik vooraf niet overdreven uit. Het is meer iets van ‘we zijn er toch’. Het wordt het ab-so-lu-te hoogtepunt van de week. Bij startfinish staan al duizenden motoren, achter ons sluiten er nog veel meer aan. Wat een feest. De motorfans en inwoners ontvangen ons langs de gehele baan als bevrijders. Mensen wuiven vlaggen, iedereen zwaait, lacht en is blij. Een vrouw die door de lengte van de stoet met haar autootje zeker een half uur vast staat in een zijstraat ziet alles schaterlachend en vol blij ongeloof aan. Ik blijf zwaaien, vervuld van geluk blijf ik dom grijnzen en ik herken mezelf niet. In Nederland voel je nooit zo veel liefde voor motorrijders. Zo warm allemaal. De Paradelap brengt alles samen, balt het fijne TT-gevoel samen. De liefde voor motoren van het hele eiland is voor mij zoveel mooier dan Dunlop die wint in recordtijd. Het is zo veel indrukwekkender dan de 300+ rijder waarvan ik vooraf droomde.

“Als je een keer gaat, ben je verkocht”, waarschuwden Man-routiniers me vooraf. Het is wat prematuur, maar ik vermoed dat ze ongelijk krijgen. Ik wilde superbike-coureurs op een decimeter afstand voorbij zien vliegen en dat is gelukt. Maar het racen zoals we dat op bijvoorbeeld Assen doen vind ik boeiender. Op Man mis ik het complete startveld dat op de eerste bocht afstormt. Mis ik de uitremacties voor de laatste bocht voor start/finish. Mis ik de videoschermen met wedstrijdbeelden. Tegelijk is de devotie waarmee toeschouwers naar de uitzending van Manx TT Radio luisteren uniek.

Nu we het toch over missen hebben; ik ben van de generatie die niets wil missen. Overal willen we bij zijn want stel je toch eens voor… Dat gaat dus niet op voor de Isle of Man. Op een circuit van dik zestig kilometer lengte kun je onmogelijk overal bij zijn. Bovendien pikken met klapstoelen gewapende kenners al uren van te voren de beste plekken in. Hier loont ervaring en terreinkennis. Dat laatste geldt ook voor wegafsluitingen. Je moet van te voren goed uitdokteren waar en hoe laat je ergens moet zijn. Met je hoofd in vakantiesferen – zoals onze – sta je vaker dan lief een race te bekijken op een ‘tweederangs’ plek.

Die races op Man gaan niet tegen een startveld vol andere tegenstanders, maar tegen een weerbarstig circuit, jezelf en een wegtikkende klok. Dat is topsport, maar niet helemaal mijn ‘cup of tea’. Na de tiende ‘flits’ die met 14.000 tpm voorbij vliegt, geloof ik het wel. Toch raad ik iedereen aan om het spektakel met eigen ogen te zien, kippenvel te krijgen en dan een oordeel te vellen.
Van de ongekende sfeer op het eiland kan ik ook na dit bezoek geen genoeg krijgen. Die zou ik best nog wel eens willen opsnuiven. De vriendelijke mensen, de totale motorgekte zonder dat het in een commercieel nep-circus verzandt, de rust in het zuiden en vooral de Parade Lap. De motorrijder in mij kan jaren teren op die ene keer dat ik massaal als een soort bevrijder werd toegejuicht.

Lees meer over

BMW Kawasaki Ninja 1000SX R1250RS

Gerelateerde artikelen

Direct meer lezen? Neem een jaarabonnement
  • Direct toegang tot het digitale archief met meer dan 350 magazines.
  • 24 uitgaven per jaar
  • Elke twee weken thuis in de bus
Direct toegang aanvragen
Een jaar MotoPlus voor slechts 55,-