+ Plus

Reizen Vietnam

In de bergen van Noord-Vietnam leven kleurrijke etnische minderheden. Onverharde wegen door het oerwoud schuilen er tussen markten als filmdecors, het landschap is er spectaculair, de wegen een verrukking. Met de juiste mentaliteit wordt een motorreis een onvergetelijke belevenis.Tijdens de afdaling is het duidelijk dat we niet ergens in Europese bergen rijden. In het dal ontwaar ik in de mist vormen van tropische plantengroei, rijstvelden op terrassen en rieten huizen op palen, terwijl in de berm een aantal figuren een koe in stukken hakt. De rijbaan is in een van de bochten geblokkeerd door de ruïne van een minibus die ergens frontaal op is geknald. De takken die als gevarendriehoek dienst doen liggen er al langer dan vandaag.De bergen die uit de mist opdoemen hebben vormen die ik in Europa nog nooit ben tegen gekomen. Wel op Chinese aquarellen, vaag bekend dus maar toch ook vreemd.Elke bocht naar beneden brengt ons verder van Sapa, een nederzetting in de bergen, die begin vorige eeuw door Franse kolonisten werd gesticht om de hete zomers van hoofdstad Hanoi te ontvluchten. Een eeuw later is het een toeristische trekpleister geworden, waar reizigers zich vergapen aan de waren die de bont uitgedoste bergbewoners aanbieden. De hennep, waarvan ze hun kleding maken, groeit in de bergen naast papavers voor opium en indigo, dat de kleurstof levert voor hun klederdracht.’s Zomers is het in Sapa aangenaam koel, in de winter zakt de temperatuur echter verder en is het er behoorlijk fris. En mistig. Het landschap bergafwaarts blijft in nevelen gehuld, ook wanneer we beneden in het dal van de Rode Rivier de plaats Lao Cai binnenrijden. We warmen ons aan koffie en thee op een terrasje aan de rivier, naast de brug die Vietnam met China verbindt. De komende dagen rijden we in het grensgebied, waar tot een paar jaar geleden geen toeristen mochten komen. Ook nu is er van grootschalig toerisme geen spraken, langs de wegen waarover wij onze motoren laveren, zijn we net zo’n bezienswaardigheid als de plaatselijke volksstammen dat voor ons zijn. Na Lao Cai pakken we een zijweg, regelrecht de jungle in. Zo lijkt het althans, bij nader inzien blijkt de tropische vegetatie langs de weg duidelijk door mensenhanden aangelegd en onderhouden. Het uitbundige groen is van landbouwgewassen, de wateren blijken rijstvelden en visvijvers. Her en der lopen kippen, eenden, varkens, koeien en buffels chaotisch door elkaar tussen de uit riet, bamboe, hout en leem opgetrokken boerderijen, die naadloos passen in het natuurlijke plaatje. Als dan ook nog het asfalt eindigt en we over een weg van aangestampte aarde rijden, is het plaatje van een exotische bestemming in dit tropische werelddeel compleet.We zijn echter niet de eerste blanken die hier doordringen, ook vandaag niet. We belanden zelfs in een Vietnamese file, omdat de rivier een deel van de weg heeft weggespoeld. Tussen de in klederdracht gehulde inheemse mannen en vrouwen met tropenhelmen, schuifelen Europese toeristen rond met hun camera’s in de aanslag. Allemaal ontsnapt uit minibusjes, die net als wij wachten totdat de bulldozer voldoende modder heeft verschoven om op de andere oever te komen. De eerste gemotoriseerde Vietnamezen maken zich al los uit de massa aan de overkant en landen veilig aan onze kant. Voordat ook de oma’s met rollator, opa’s op krukken of toeristen in minibusjes zich aan de blubberplas wagen, zullen wij laten zien dat wij onverschrokken motorrijders uit de Lage Landen zijn. Voor de modderduivel en zijn ouwe moer niet bang. Hoog in toeren gierend, en onderwijl dikke wolken blauw uitlaatgas uitbrakend, banen we ons een weg naar gene zijde richting het dorpje Coc Ly. De lokale markt van de nederzetting verkennen we te voet. Langs het modderpad is van alles te koop: paarden, buffels, kippen en honden wachten op nieuwe eigenaren. Zelfgestookte sterke drank wordt uit plastic jerrycans getapt en grote hompen vlees worden naar believen kleiner gehakt. Uiteraard ontbreekt het ook niet aan een ruimschalig aanbod van groente en fruit, alles gegarandeerd pesticidevrij! De stoffige en met modder bespatte motoroutfits maken van ons blijkbaar een bijzondere verschijning, vrouwen in smetteloze, bijzonder kleurige klederdracht kijken ons namelijk nogal vreemd aan. Begrijpelijk, we zijn hier overduidelijk de spreekwoordelijke vreemde eend, niet alleen wat kleding betreft. De sfeer en entourage tussen de marktkramen en eettentjes is wel even wat anders dan een Hollandse braderie, we komen neuzen, ogen en oren te kort om alles goed in ons op te nemen.Het gevoel van vervreemding houdt ook de volgende dag aan. Door de nevels geven de bergen hun mysteries nog steeds niet prijs. Als hier en daar de lichte nevel toch een blik in de verte toelaat, zie ik beelden, die ik in mijn stoutste dromen niet nog niet ben tegengekomen. Het voelt alsof ik onderdeel ben geworden van de film ‘In de Ban van de Ring’, maar geen idee heb van het draaiboek en mijn rol daarin. De zintuigen raken verstopt door het aanhoudende bombardement aan indrukken.We rijden ‘s morgens grotendeels over onverharde wegen, iets dat ik in Europa niet elke dag doe, zeker niet in combinatie met deze overdonderende omgeving. De bergwanden zijn op sommige plaatsen van gladde, bruine rots, dat is begroeid met korte zwarte vegetatie. Precies zoals de huiden van de buffels, die gedwee op erven langs de weg staan. De berghellingen bieden nog meer afwisseling, her en der zijn ze bedekt met een laag zand, dat dan ook weer in hopen op de weg ligt. En weer verderop overheerst rode leem, waardoor de banden een ragfijn gordijn van rode stof opwerpen. De prikkels die mijn hersenen teisteren zijn zo verpletterend, dat ik het allemaal domweg niet meer kan behappen, mijn doorgaans zo optimistische humeur heeft er zelfs onder te lijden. Le cafard, de kakkerlak, noemen Fransen deze stemming van zwartgallige gedachten, lusteloosheid en chagrijn. Gevreesd bij legionairs in de Sahara en andere uithoeken van het koloniale rijk, waar dit fenomeen in aanvallen van moorddadige razernij ontaardde. Op elke intensieve reis door vreemde, nauwelijks te duiden culturen kan het toeslaan en vandaag ben ik aan de beurt. Het begon met die kakkerlak op de hotelkamer, die mijn woede-uitbarsting met een wasmandje overleefde en ergens in de krochten van het meubilair verdween. Vandaag lijkt het niet meer goed te komen, ik ben futloos en erger me aan alles. De loodgrijze hemel die op ons drukt, het stof dat alles met een grauwe sluier bedekt, het lawaai op straat van vrachtwagens, toeters, open uitlaten, blèrende radio’s. Normaal zou het me allemaal bekoren, maar nu niet. Datzelfde geldt voor het getril op de Minsk-motorfiets, waarvan de knipperlichten en snelheidsmeter het niet doen en de kickstarter terugtrapt en me een blauwe plek bezorgt. Het ergste is echter het hemeltergende gebrek aan hygiëne overal, en dan met name op de plaatsen waar we onderweg pauzeren. Eten en drinken smaakt domweg niet. Als zelfs de karaoke ’s avonds geen glimlach op mijn gezicht weet te toveren, laat ik het groepsvertier maar voor wat het is. Tijd om naar bed te gaan.“Hout barst, bamboe buigt,” zo wil een Aziatische volkswijsheid. De volgende dag is mijn humeur gelukkig een stuk beter. Ik roei niet langer stijfkoppig tegen de stroom in, maar laat me lekker meevoeren op wat Vietnam vandaag in petto heeft. Het gezelschap van medereizigers uit de Lage Landen biedt wat dat aangaat meer voordelen dan enkel het delen van drop en pilletjes tegen wegenziekte. Onder elkaar verwoorden we de indrukken, die ieder voor zich niet zo snel kan verwerken. Daar kan geen dagboek of weblog tegenop. Niet het enige voordeel van een groepsreis trouwens. De kennis van het land en de taal van onze gids René blijkt onbetaalbaar en bovendien sleept achter de motoren altijd het veilige vangnet van de Landcruiser met chauffeur, monteur, gereedschap, onderdelen en onze bagage aan boord. Een heerlijk geruststellende gedachte zo ver van huis.De buigzaamheid van bamboe illustreert op prachtige wijze de Vietnamese cultuur: veelzijdig, soepel en meegaand. Als ik me aanpas en me gewoon meedobber, dan geniet ik optimaal van dit avontuur dat me steeds meer in zijn ban krijgt. Niet in de laatste plaats door de zon, die zich inmiddels in volle luister laat zien. Het berglandschap blijkt nog mooier te zijn dan ik had gedacht, de rivieren hebben diepen dalen in het Vietnamese gebergte gesleten en kronkelen wispelturig in de diepte. De wegen erlangs hebben minstens zoveel bochten. Ze slingeren door valleien, die met prachtige planten en bomen zijn begroeid: bananen, palmen, eucalyptus, bamboe. Heel exotisch allemaal.De berghellingen zijn deels bedekt met de ronde vormen van rijstvelden, op terrassen aangelegd door etnische minderheden. Vietnam kent officieel 54 verschillende volkeren, de meeste daarvan leven in de bergen van Noordwest-Vietnam. Ze hebben allemaal een cultuur die afwijkt van de Vietnamezen in het laagland. De kleurrijke klederdracht van de vrouwen, waaraan kenners kunnen zien tot welke stam ze behoren, zien we overal op en langs de weg. Ook op de dagmarkten op onze route, waar we de motoren voor op de zijpootjes laten zakken, ontwaren de verschillende bevolkingen. We slenteren er tussen het levendige, kleur- en geurrijke marktgebeuren rond en voelen ons eigenlijk steeds meer op onze plaats hier. Het gevoel van een andere planeet, of in ieder geval dat van een filmdecor, begint langzaam maar zeker te slijten. De voortdurende indrukken, die gisteren nog een bron van ergernis vormden, ervaar ik nu zelfs als bijzonder aangenaam.In onze heroïsche opmars door de bochten worden we bijgestaan door een trouwe compagnie ‘Vietnamese’ Minsk motoren. Hoe zouden we dit avontuur ooit tot een goed einde kunnen brengen zonder deze motorfietsen? De fabriek in Wit-Rusland is inmiddels gesloten, maar een slimme Vietnamees kocht een voorraad van een paar duizend stuks Minsk motoren om ze op de lokale thuismarkt aan de man te brengen. Deze archaïsche Oostblokkers zijn zonder twijfel ook de meest geëigende voertuigen om de bergen van Noord-Vietnam mee te bedwingen. Dat zag er op papier en op internet in eerste instantie wel anders uit: vooraf hadden dan ook vrijwel alle reisdeelnemers hun bedenkingen bij deze ‘tweetakt-brommer’. Zeker gezien de maximaal tien pk en het nogal gammel ogende koetswerk. En van de officiële topsnelheid van 85 km/uur wordt een Nederlands motormens tegenwoordig ook niet vrolijk. Maar Vietnamezen en Laaglanders die zich aan de bamboementaliteit hebben aangepast wel! Gaandeweg groeit het vertrouwen in en het ontzag voor de gemotoriseerde muilezels, die ons zonder haperingen over asfalt en gruiswegen en door zand en blubber trekken. De onverharde binnenwegen, waarover we dwars door het oerwoud stuiven en ploeg, zijn inmiddels tot mijn persoonlijke favoriet gepromoveerd. Iedereen rijdt zijn eigen tempo, stopt eens voor een foto of een rokertje. Zo rekt de groep zich uit tussen de plaatsen waar we vertrekken en op elkaar wachten, maar het geeft echter ook de nodige vrijheid, die je absoluut nodig hebt om rustig alles tot je te nemen. Er is ook zoveel te zien in de stille dorpjes, waar het werk met de hand wordt gedaan en eigenlijk alleen natuurgeluiden zijn te horen. Totdat onze colonne Viet-Minsken erdoorheen rijdt natuurlijk. We zijn al vanaf kilometers ver te horen en als het Nederlands-Vlaamse Kettingzaag Ensemble uiteindelijk uit de stofwolken opduikt, staan de dorpsbewoners al lachend in de berm ons op te wachten, met schreeuwende en wuivende kinderen vooraan. Ook iets dat je in Europa niet bepaald dagelijks meemaakt.Tussen al het machinale geweld is er tijdens de reis ook tijd en ruimte voor stilte en rust. Niet te veel natuurlijk, want stilstand gaat snel vervelen. Toch is het voor de verandering ook mooi eens niet op de motor te zitten, maar van een rustdag te genieten op een prachtig resort middenin de natuur. Mooi de tijd om een wandeling te maken door het oerwoud, of voor een lome boottocht over de meren in een natuurpark. Zo onderga je niet alleen een ander facet van Vietnam, het geeft je ook de mogelijkheid om onbekommerd te genieten van de tijdloze schoonheid die hier overheerst.De rustdag heeft me goed gedaan, als herboren stap ik een dag later weer op de motor. Trappen, lopen en gaan met die dingen! De kilometers vliegen in een roes voorbij, de dagen evenzeer. De ochtend van de laatste rijdag nemen we gaandeweg afscheid van de idyllische kant van Bamboestan. Nog steeds is de weg onverhard, het verkeer traag en sporadisch. Weer buigen we af op een binnenweg door een vallei met abrupt oprijzende bergkegels, mooi als in een droom. “Hier gaan we nog eens honderd jaar terug in de tijd”, vertelt René, onze in Vlaanderen geboren maar in Vietnam wonende gids. Dat is misschien wat overdreven, het voltallig gezinnetje dat op een Honda-scootertje voor me door het zand ploegt, zou een eeuw geleden een hoop bekijks hebben getrokken. Alhoewel ze nu ook de nodige aandacht trekken, voornamelijk van ons. Wel is het hier erg landelijk, ontegenzeggelijk mooi ook. De Paardenvallei doop ik dit sluitstuk van onze tijd- en ruimtereis door ongerept Vietnam. Het aandeel edele viervoeters op en naast de weg overstijgt dat van de motorfietsen namelijk ruimschoots.Ook tijdens de grande finale naar Hanoi blijkt andermaal dat we niet in Europa op weg zijn. Vanaf de plaats Thai Nguyen brengt de Minsk-brigade ons met elke kilometer dichter bij de eenentwintigste eeuw. De geleerde lessen van souplesse, veerkracht en buigzaamheid passen we ook in het chaotische verkeer toe. Als jonge bamboescheuten schieten we kriskras door het verkeer, zwiepen alles voorbij. Links, rechts, vlak ervoor langs, de kleinste gaatjes worden gevonden en gedicht. De colonne gaat als een trein en ook deze rit zorgt weer voor een onvergetelijke herinnering. De reis was sowieso een aaneenschakeling van prachtige beelden, die stuk voor stuk in mijn geheugen staan gegrift. In een kleine drie weken tijd heb ik wat dat aangaat heel wat decoratiemateriaal voor mijn dromen verzameld. Ruim voldoende voor de rest van mijn leven! ________________________________________[INFOKASTEN]INFOVietnam ligt oostelijk op het schiereiland Indochina en heeft een kustlijn van 3.260 kilometer langs de Zuid-Chinese Zee. In het westen grenst het Aziatische land aan Cambodja en Laos, in het noorden aan China. De relatie met de machtige noorderbuur is altijd tweeslachtig geweest, het noordelijke deel van Vietnam heeft zelfs meerdere malen onder Chinees beheer gestaan. De streek is strategisch gevoelig en is dan ook lange tijd verboden voor toeristen geweest. En nog steeds is er voor het rijden in de buurt van de grens een speciale politievergunning nodig, dat maakt dat toeristen nog altijd een bezienswaardigheid zijn, zeker in een colonne van Minsk motoren.GEOGRAFIENoord-Vietnam is voornamelijk bekend van de Annamese Cordillera, een bergmassief met pieken van meer dan 2.500 meter hoog. De Rode Rivier doorsnijdt het gebergte op weg van zijn bron in China op weg naar de Golf van Tonkin en vertakt zich daarbij in meerdere kleine rivieren. Het noorden is relatief vruchtbaar, waarbij op de dunbevolkte Centrale Hooglanden in de bergen voornamelijk rubber, thee en koffie wordt verbouwd. De delta’s van de Rode Rivier daarentegen worden voornamelijk gebruikt ingericht als rijstvelden. Hier is met 82 miljoen inwoners de bevolkingsconcentratie ook het dichtst. REISDe in dit artikel beschreven belevenissen zijn deel van een avontuurlijke motorreis, die wordt georganiseerd door motorreisorganisatie Motortrails. Het betreft een 24-daagse reis die begint en eindigt in Hanoi, waarbij je in de tussenliggende tijd kennismaakt met het avontuurlijke en onherbergzame noorden. De reis kost 2.695 euro, bijkomende kosten voor benzine, eten, drinken en dagtochten bedragen ongeveer 400 euro. Kijk voor de reisdata en specifieke informatie op www.motortrails.nl.ETNOLOGISCH MUSEUM In de hoofdstad Hanoi is het etnografisch museum gevestigd, een echte aanrader, zeker aan het begin van een reis door Vietnam. Niet alleen kom je er alles te weten over de verschillende Vietnamese bevolkingsgroepen, ook zijn op het museumterrein traditionele etnische huizen gebouwd. Mooi om te zien, maar gezien de vele verschillende volkeren die je onderweg tegenkomt, ook een goede en leuke voorbereiding.De informatieborden en rondleiding zijn gewenst ook in het Engels en Frans. Het museum is dagelijks geopend van 08.30 tot 17.30 uur, maar gesloten op maandag en tijdens Tet feestdagen (Vietnamees nieuwjaar). Kijk voor meer informatie op www.vme.org.vn.

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.