+ Plus

Interview tandarts Joep van Loosbroek

Joep van Loosbroek staat bekend als de ‘reizende tandarts van Breda’. Zijn ultramoderne laser-tandartspraktijk staat natuurlijk stil, maar zelf is hij het liefste onderweg. Niet zoals je wellicht van zo’n moderne tandarts zou verwachten op de allernieuwste BMW GS, maar op een twintig jaar oude, licht gebutste Yamaha XTZ750 Super-Ténéré. Omdat ze motoren van dat kaliber tegenwoordig niet meer maken, volgens Joep.

Trots vertelt de 62-jarige tandarts dat zijn Super-Ténéré op naam van de zaak staat. Hij rijdt er dagelijks woon-werk-verkeer mee en gaat er als het even kan mee naar buitenlandse tandheelkundige seminars en congressen. Hoe verder weg, hoe liever! En dus veel liever met de motor dan met het vliegtuig. Op een zandpaadje in het Liesbos vertrouwt Joep mij toe waar het hem écht om draait: “Ik ga nooit voor mijn lol rijden. Je moet een doel hebben. En een leuke route er naartoe. Zo beleef je ten minste nog eens wat.” Joep haalt meteen wat herinneringen op, zoals aan die keer toen hij in Frankrijk bij een Chambre d’hôtes belandde. “Op de motor heb ik altijd de leukste ontmoetingen onderweg. Vriendelijke mensen nodigden mij toen uit om even bij hen aan te schuiven en wat te drinken. Wist ik veel dat het spul ‘eau de vie’ heette. En zo alcoholisch was dat ik daarna helemaal niet meer verder kon? Dus moest ik wel blijven slapen. Ik moet dus wel een bestemming hebben, maar de weg er naar toe blijkt achteraf altijd belangrijker dan die bestemming!”
Dat Joep zijn filosofie ter harte neemt, is bewezen door de afstanden die achter hem liggen. Zijn motoravonturen startten al in 1985. Net afgestudeerd (‘Ik nam de tijd en ben elf jaar bezig geweest’) reed hij op zijn Yamaha XT600 naar Rome: “Tasje achterop en gewoon gegaan. Bleek er destijds een tekort aan tandartsen te zijn in Italië, dus ik had er toen zo kunnen blijven, maar ze wisten mij als Brabander uit Oss niet te verleiden daar een praktijk te starten. Wel ging mijn uitlaat kapot en toen ik die gerepareerd had, ben ik weer opgestapt en terug gegaan.”
Met de XT heeft Joep heel veel lol gehad. Jaren geleden heeft ‘trialprofessor’ Toon van der Vliet hem middels wat offroad-cursussen op de zandvlakten van het Westelijk Havengebied in Amsterdam (‘Toen kon dat nog!”) de fijne kneepjes van het sturen in het zand bijgebracht. En het offroad-virus toerde welig bij Joep: in 1989 zette hij zijn Yamaha op de boot naar IJsland om dat hele eiland te doorkruisen. “Dat was toen best een spannend avontuur, want eenmaal buiten de hoofdstad Reykjavik werd het doodstil. Je stond er toen opeens helemaal alleen voor. En ergens bij Dettifoss kukelde ik om, midden in een snelstromende rivier. Dat werd nog een flink gevecht met de elementen. En eenmaal aan de overkant moest de carburateur eraf en moest ik alles droog zien te krijgen om het blok weer tot leven te wekken. Een mobile telefoon was toen trouwens nog geen gemeengoed…”

De eerste ervaring met het merk Yamaha was in zijn puberjaren: één van Joeps eerste aankopen was de inmiddels klassieke Yamaha RD350 tweetakt. Dat mag tegenwoordig een licht sportmachientje zijn, destijds was het een heuse kanonskogel en goed voor een snelle rit naar Zuid-Frankrijk. “Plat op de tank was de enige manier om het vol te houden op die RD: onderwijl de handen warmend aan het blok.” Joep houdt illustratief zijn armen hoog boven tafel, zodat ik zie hoe hij het gashandvat even overpakt met links, zodat hij de rechterhand even kan warmen aan het motorblok. “Dat is heus niet zo eng hoor, de motor blijft vanzelf rechtuit rijden!”
Na de RD volgde dus de XT600 en die bracht Joep ook naar Engeland. Na een bezoek aan het bekende attractiepark aan het strand van Blackpool waagde hij de oversteek naar de Isle of Man. Het roemruchte straatcircuit legde hij op zijn gemak solo af. Toch trok hij de aandacht van lokale dienders: “’Je achterwiel waggelt nogal’, wisten ze me te melden. Ik snapte er eerst niets van, maar ze bleven het maar over the bearings hebben. Bij een nadere inspectie begreep ik dat het om mijn achterwiellagers ging. Die waren finaal aan gort. Gelukkig stond er geen bekeuring tegenover. Integendeel, motorrijders worden op het eiland vriendelijk verwelkomd en bejegend, ook door oom agent. In een garage op Isle of Man werden er nieuwe lagers in de naaf geslagen en zo kon ik dus verder richting Schotland. Daar ben ik toen de Ben Nevis beklommen en heb ik een pitstop gemaakt bij Loch Nes.” Toch betekende Schotland ook bijna het einde van de reis, door een plotseling overstekende kudde schapen. “Dieren langs de weg betekent altijd oppassen geblazen! Die beesten halen op het laatste moment vaak vreemde capriolen uit. Eerst staan ze rustig te kijken en als je een paar meter bij hen vandaan bent, steken ze plotseling massaal over! Altijd goed uitkijken dus!”
“Met die ééncilinder-XT heb ik prachtige ritten gemaakt. Vooral in Frankrijk was je een hele bink als je met zo’n XT reed. Zelfs de Gendarmerie stond langs de kant van de weg naar je te zwaaien! Niet omdat ik weer eens iets te hard reed, maar omdat die gekke Fransen helemaal wild zijn met alles wat met de Dakar te maken heeft en deze Yamaha XT hoorde natuurlijk bij de Dakar-Historie!”
Toen hem een Yamaha XTZ750 Super-Ténéré uit 1992 werd aangeboden door een bevriende tandarts, twijfelde Joep van Loosbroek geen moment. Die motor had tenslotte nog maar 40.000 gelopen en was dus net ingelopen. Bovendien was de machine altijd in onderhoud geweest bij Adri van de Broeke, de voormalige monteur van motorcoureur Jack Middelburg. Adri had de XTZ trouwens wel wat opgepept met een dynojet-kitje, K&N-filters, Sebring-uitlaat en een handgemaakte grote aluminium luchthapper – verstopt achter de stroomlijn – die voor een betere aanvoer van frisse lucht naar de aitrbox zorgde. Zelf heeft Joep daar nog stalen remleidingen en een TomTom aan toegevoegd. Vooral over de speciale kronkelwegen-optie van die TomTom is hij zeer enthousiast en brengen hem op de XTZ op de mooiste weggetjes. “Met zo’n ding is elke motorrijder helemaal klaar. Tasje achterop en gewoon gaan!”
De goedlachse tandarts is ook verknocht aan golfen. En daarvoor ligt er vaak een tas met golfclubs plus een tent overdwars achterop het zadel. Een paar jaar gelden is hij zo naar Zweden gereden. “Daar vond een interessant tandartsencongres plaats en ik wilde er de leverancier van mijn laserapparatuur bezoeken.” Joep demonstreert mij hoe de dunne lichtstraal de hoornlaag van zijn hand bewerkt. “Ik ben één van de eersten die deze methode toepast. Het laseren is pijnloos en nauwkeuriger boren kan haast niet.” Het bezoek aan het hoge Noorden leverde een schitterende route op langs Stockholm en Helsinki. En als het even kon stopte Joep onderweg om even een balletje te slaan op de greens.
Wat reizen buiten Europa betreft, staat de herinnering aan Nepal bovenaan. Aangezien het niveau van tandheelkunde daar nauwelijks onze Middeleeuwen ontloopt, steekt Joep er als vrijwilliger van stichting NOHS (Netherlands Oral Health Society) de helpende hand toe. “Dat is daar dan lopende bandwerk joh.” Gedurende twee weken lang extraheert hij er zo’n 200 tanden per dag en na zo een periode van zure adem, is het tijd voor de nodige frisse berglucht: zo heeft hij als bergbeklimmer de Annapurna beklommen, maar ook wordt er wel eens een motor gehuurd, om, bijvoorbeeld van Kathmandu naar de grensbrug met China te rijden om een glimp van de Mount Everest op te vangen. “En natuurlijk om even te zwaaien naar wat spleetogen aan de andere kant van de rivier…”

Ongelukken heeft Joep maar weinig gehad. Die keer dat hij helemaal naar Barcelona reed voor een congres moest hij wel even slikken. De Périferique bij Parijs bracht hem bijna een hardverzakking. “Ik dacht dat ik al hard reed, maar ik werd echt aan alle kanten ingehaald!” In al die motorjaren is het maar één keer voorgekomen dat hij een harde confrontatie met een andere weggebruiker had en dat was nog maar kort geleden. “Op weg naar Antwerpen werd ik omver gereden door een autobestuurder. Gek genoeg geen Belg maar een Nederlander, die mij afsneed, waardoor ik onderuit ging. Het resultaat was een scheur in de leren broek en wat krassen op de kuip. Tot mijn tevredenheid besliste de verzekering ook dat de auto fout zat, dat verzachtte de boosheid wel.”
“Er is maar één ding waar ik mij als tandarts vaak aan erger en dat is het lawaai rond de motorhelm. Behalve goede doppen in het oor en wat spelen met de hoogte van het ruitje is daar weinig aan te doen. Ik zorg dat ik altijd van die schuimpropjes bij me heb, die ik bij voorkeur voor het inbrengen in een beetje slaolie doop, voor een goede afdichting. Daarnaast heb ik ook een setje op maat gemaakte ortoplasten, maar die hou ik maar even buiten het zicht, want die zien er niet zo fris uit. Bovendien vind ik die schuimpjes toch prettiger zitten op de lange duur. Turbulentie is en blijft op de lange afstand vervelend en lastig, omdat je er relatief weinig aan kunt doen. Op kou en regen kun je je bijvoorbeeld heel goed kleden. Onder mijn GoreTex-jack gaat in de winter steevast een trui van merinowol. Dat is mij aangeraden toen ik de Mont Blanc beklom. Handschoen draag ik ook vaak dubbel als het koud is, dus dunne onder de dikke. En als het echt koud is trek ik over de leren broek ook nog een regenbroek indien nodig.”
Dankzij al die congressen in het buitenland heeft de Yamaha XTZ750 al ruim 120.000 km op de teller. Zonder noemenswaardige problemen. “Zelf ga ik over vier jaar met pensioen,” vertelt de 62-jarige Joep serieus, “Maar mijn motor gaat pas met pensioen als de reparaties te duur worden. Eerder niet. Dat kan dus nog een lange tijd duren, want motoren van dit kaliber maken ze in mijn ogen tegenwoordig niet meer. Op zich is het rijden van een oude, goed lopende motor ook veel goedkoper dan steeds weer een nieuwe kopen, maar het is ook waar je lol aan hebt. Wat een ander afschrijft, daar koop ik dus de benzine van… Maar ik moet wel eerlijk bekennen dat de komst van de nieuwe Yamaha XTZ1200 Super-Ténéré me niet ongemoeid gelaten. Ik heb er zelfs al een serieuze proefrit opgemaakt, maar ik ben nog niet overstag gegaan. Waarom niet? Alles zit vast, veel te vast! Zo’n ding is zo superstrak, dat hij in mijn ogen niet meer lééft. Het is een prachtmotor, maar het rijdt niet, het gaat. Mijn oude Super-Ténéré die gaat juist niet, die rijdt! Die laat voelen wat er aan de hand is en zegt tegen mij: ‘opletten jongen, ik kom er zo aan!’”
“Tegenwoordig sta ik mij toe dat ik op donderdag- en vrijdagmiddag vrij neem. En als het dan mooi weer is, dan zet ik een paar keer per jaar samen met een bevriende tandtechnicus onze twee Yamaha’s op de trailer en rijden we naar Noord-Frankrijk. Om daar lekker een dagje te sturen en te crossen. Op het ruitje heb ik een stickertje geplakt van een poppetje dat met een gebalde vuist en gestrekte arm Superman nadoet. Zo voel ik mij ook vaak op deze Super-Ténéré. Als ik op de motor rij, dan ben ik een beetje Superman in vliegende vlucht. Dat gevoel, daar gaat het toch om!”

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.