+ Plus

Interview Jorge Lorenzo

Hij wist dat het moeilijk zou worden, maar dat was juist de reden voor Jorge Lorenzo (30) om de stap naar Ducati te zetten. Met het einde van zijn eerste seizoen in zicht is hij nog niet tevreden, maar spijt heeft hij er zeker niet van. “Het komt eraan. Als de appel rijp is, valt hij vanzelf.”

Jorge Lorenzo oogt opmerkelijk ontspannen. Hij lacht, hij maakt grapjes, hij zit op zijn gemak. De overstap naar Ducati heeft de Spanjaard zichtbaar goed gedaan. Het is des te opmerkelijk omdat de resultaten, op podiumplaatsen in Jerez en Aragon na, zeker nog niet geweldig zijn. Was Lorenzo in de voorbije negen jaar met Yamaha steevast ergens vooraan in het veld en bovenaan de ranglijst te vinden, dit jaar staat zijn naam pas op de zevende plaats in de tussenstand van het kampioenschap en moet hij alle zeilen bijzetten om in de top 10 te finishen.
“Dat is wennen en zeker niet gemakkelijk”, geeft hij toe. “Ik wist wat ik deed: van de meest rijdersvriendelijke motor die er is, eentje waarmee je wereldkampioen kunt worden, overstappen naar een machine die nog niet helemaal is doorontwikkeld en die bekend staat als lastig. Ik wist dat het moeilijk zou worden, maar ik had niet gedacht dat het zó moeilijk zou zijn. Maar het is geen reden om bij de pakken neer te zitten. Integendeel: dat het niet gemakkelijk is, maakt het ook juist leuk. Ik was toe aan een uitdaging als deze. Bij Yamaha heb ik alles gewonnen wat er te winnen valt. De enige overgebleven uitdaging was om meer wedstrijden te winnen en voor de vierde keer MotoGP-kampioen te worden, maar daarvoor hoefde ik alleen maar hetzelfde te doen wat ik al negen jaar deed. Het klinkt misschien raar, maar dat maakt je een beetje lui. Ik was de motivatie en de scherpte een beetje kwijt. Ik stond stil in mijn ontwikkeling, het was alleen nog maar meer van hetzelfde. Ik had iets nieuws nodig om ’s morgens voor op te staan. Bij Ducati moet ik weer echt moeite doen – ik moet harder werken dan ooit – maar die uitdaging maakt het ook echt leuk.”

Er is moed voor nodig om op een Ducati te stappen. De Desmocedici heeft in de afgelopen jaren een bedenkelijke reputatie opgebouwd als carrièrekiller. In het verbale gehakketak aan het eind van het seizoen 2015 en het begin van 2016 liet Jorge Lorenzo’s toenmalige teamgenoot Valentino Rossi zich vilein ontvallen dat een coureur ‘ballen moet hebben’ om naar Ducati te gaan, daarmee zeggend dat Lorenzo die volgens hem niet had. De twee jaar van Rossi bij het Italiaanse merk waren niet bepaald succesvol. Ook Cal Crutchlow was al na een jaar weer vertrokken.
Voor Lorenzo werkte de opmerking van Rossi als een rode lap op een stier. De toch al niet al te warme verstandhouding tussen de twee was tot ver onder het vriespunt gedaald; Lorenzo wilde weg en bewijzen dat hij wel degelijk ballen heeft. Het financiële aanbod van Ducati nam het laatste beetje twijfel weg, als dat er al was. Al voordat het seizoen 2016 goed en wel was begonnen, maakte de Spanjaard bekend dat hij vanaf 2017 voor de Italiaanse renstal zou uitkomen.
In de loop van het jaar werd duidelijk dat Ducati op de goede weg zat. Na een aantal veelbelovende podiumplaatsen won eerst Andrea Iannone in Oostenrijk en daarna Andrea Dovizioso in Maleisië. En dit jaar gaat het helemaal geweldig: Dovizioso wint races en is een serieuze kandidaat voor de wereldtitel.
Bij die overwinningen werd het grote verschil pijnlijk zichtbaar. Lorenzo staat vaak voor het podium te klappen bij de overwinningen van zijn teamgenoot. Het contrast met de gang van zaken bij Yamaha, waar zelfs een tijdlang een scheidingswand tussen beide helften van de pitbox stond, had niet groter kunnen zijn. “Ik zag Johann Zarco ook ineens voor het podium staan klappen, toen Jonas Folger tweede was geworden op de Sachsenring. Het is toch eigenlijk raar dat dat bijzonder is”, vindt Lorenzo. “Het zou niet meer dan normaal moeten zijn dat je voor je teamgenoot klapt. Dat het bij Yamaha ondenkbaar was, neem ik ook mezelf kwalijk. Ik had daar misschien van mijn kant uit meer aan kunnen doen. Maar met twee zulke sterke persoonlijkheden, twee meervoudig wereldkampioenen met grote ego’s, in één team: dat is extreem lastig. Andrea en ik zijn geen ‘best friends’, maar er is groot wederzijds respect en we kunnen prima samen door één deur. De een is niets meer of minder dan de ander. Ik voel me welkom en gewaardeerd in dit team.”

Wat zeker meespeelt, is dat Lorenzo als geen ander weet wat erbij komt kijken om met de Duc te winnen. En: het succes van Dovizioso straalt ook af op hem. “Het is voor het hele team goed. Natuurlijk, het geeft vertrouwen als keer op keer blijkt dat de machine goed is en steeds beter wordt. Als Dovi er mee kan winnen, is dat ook voor mij een teken dat het dus mogelijk is. Uiteraard moet je dan wel meerekenen dat hij al vier seizoenen méér ervaring heeft met de motor dan ik. Hij kent ‘m door en door.”
Het succes van de Italiaan is echter ook een beetje bitter, omdat Lorenzo – drie keer MotoGP-kampioen tegen Dovizioso nul keer – er nog niet mee heeft kunnen winnen. “Daarom ben ik ook nog niet tevreden”, zegt hij. “Ik had verwacht – en het team ook – dat de aanpassing veel soepeler en sneller zou gaan, maar zo goed als de Yamaha bij mijn rijstijl paste, zo compleet anders is de Duc. De eerste test, in Maleisië, was echt een shock. Ik had niet gedacht dat ik er zo ver vanaf zou zitten. Ik moest helemaal van voren af aan beginnen. Dat was een iets grotere uitdaging dan ik had gehoopt, maar dat maakt het ook heel spannend en ja, ook wel heel leuk. Met hulp van Casey Stoner en Michele Pirro (de testrijders van Ducati, NK) heb ik mijn rijstijl aangepast en leer ik met de machine omgaan. Het gaat elke keer dat ik opstap beter, en dat geeft ontzettend veel voldoening, maar het gaat nog niet vanzelf. Ik ben best trots als ik zie waar we nu staan, want we zijn van heel ver gekomen. Ik hoef niet meer, zoals in het begin, na te denken bij alles wat ik doe, maar ik heb zeker nog niet de automatismen die Dovi heeft.”
Dat bleek in de wedstrijd op Misano: Lorenzo reed zeven ronden aan de leiding, was een seconde per ronde sneller dan de rest – in de regen nota bene – en bouwde zodoende met zijn bekende precisie ronde na ronde zijn voorsprong uit. Totdat hij plotseling onderuit ging. Vergeten om de achterrem erbij te pakken, verklaarde hij na afloop. “Ik wilde iets veranderen aan de mapping, maar het systeem van Ducati is wat ingewikkelder en ik moest nadenken bij wat ik deed. Daardoor was ik even een fractie iets minder geconcentreerd op het rijden en vergat ik de achterrem. Bij Yamaha gebruikte ik de achterrem zelden, maar bij de Ducati is die wel echt nodig om ‘m goed door de bochten te krijgen, maar dat is bij mij dus nog geen ingesleten automatisme.”

In Jerez en ook tijdens de laatste race op Aragon werd Lorenzo verrassend derde en tijdens die laatste wedstrijd reed hij zelfs nog een flink aantal ronden op kop. “Derde worden met een Ducati is een grotere prestatie dan winnen met een Yamaha. Sommige mensen moeten hun woorden maar weer inslikken”, merkte hij – niet heel handig – op. Maar er is maar één ding dat echt telt voor de Spanjaard en dat is winnen. “Een podium meer of minder doet me niet zo veel. Dat is maar een getal. Ik wil winnen. Daar gaat het me om. Het is nog te wisselvallig, maar we komen steeds dichter in de buurt. Ik kan nog iets meer aan mijn rijstijl werken en me aanpassen aan de motor, het team kan nog iets meer aan de motor doen en die aan mij aanpassen. En dan hebben we nog een beetje geluk nodig. Als alle omstandigheden kloppen, kan het zomaar gebeuren. Andrea heeft al laten zien dat de Ducati ook kan winnen op circuits die van oudsher misschien minder goed bij de machine passen, en ik denk dat het gevoel van de rijder bij een circuit van grotere invloed is dan of de motor bij een baan past. We moeten gewoon nog een beetje geduld hebben en hard blijven werken. Als de appel rijp is, valt ie vanzelf van de boom.”

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.