+ Plus

Interview Colin Edwards

De Dutch TT van 2014 wordt de achttiende keer dat Colin Edwards aan de start staat op het circuit van Assen. En het wordt de allerlaatste keer. De 40-jarige ‘Texas Tornado’ is namelijk bezig aan zijn laatste seizoen als MotoGP-coureur. “Als je ouder wordt, worden andere dingen in het leven belangrijk!”

Voor de deur van de hospitality van zijn team NGM Forward maakt Colin Edwards een stoppie op zijn trialfiets. Hij grijnst. “Zie je wel, ik kan het nog best hoor. En over een paar jaar doe ik dit met mijn rollator, haha.”
De aankondiging van Colin Edwards dat hij na dit seizoen stopt, kwam aan de vooravond van de GP in Austin – zijn thuiswedstrijd – en was vrij onverwachts. Ook voor Edwards zelf, vertelt hij. Kort voor ‘Austin’ zat hij met zijn vrouw Alyssia en zijn drie kinderen Gracie, Hayes en Olivia aan tafel. “We vonden allemaal dat wel goed was zo. Ik wil erbij zijn als ze een belangrijke wedstrijd hebben of een toneelstuk op school. Mijn zoon Hayes is een mini-professioneel honkballer. Hij is nu 8, maar echt goed. Hij heeft een topsportmentaliteit. Ik herken in hem de vastberadenheid om de beste te willen zijn. Hij kan ook goed op een motor uit de voeten hoor, maar honkbal is een veel grotere sport, met betere perspectieven. Dus daar wil ik hem in steunen.”

Je kwam met je aankondiging bij de tweede wedstrijd van het seizoen. Had je dat niet voor het seizoen kunnen bedenken?
Edwards haalt zijn schouders op. “Ik wilde er nog niet aan geloven, denk ik. Natuurlijk heb ik de laatste paar jaar al nagedacht over stoppen, maar ik kon en wilde het nog niet. Ik vond – en vind – het racen nog veel te leuk. Ik had wat ik wilde: een prettig team, een goed pakket. Ik vind het leuk om aan iets nieuws te bouwen, een machine beter te maken en te ontwikkelen. Ik ben altijd een goede test- en ontwikkelingsrijder geweest. Ik durf te stellen dat de wereldtitels van Valentino met Yamaha voor een belangrijk deel aan mij te danken zijn. Maar mijn huidige machine wil niet doen wat ik wil. Ik krijg ‘m geen bocht door, wat ik ook doe.” In Le Mans ging het zelfs zo beroerd met Edwards, dat er al geruchten gingen dat hij meteen zou stoppen. Met het nieuwe chassis dat in Mugello voor het eerst beschikbaar was, lijkt het wel wat beter te gaan, maar van harte gaat het zeker niet.

Waaraan merk je dat je ouder wordt – anders dan wanneer je in de spiegel kijkt?
“Een gup van 23 kan zich gemakkelijker aanpassen aan de motor; een ‘old-dog’ van 40 kan dat niet meer. In de trainingen en bij testen gaat het nog wel, maar dan heb ik de tijd en de rust om mijn stijl aan te passen. In de race gaat dat niet. Dan val je terug op je instincten en mijn instinctieve rijstijl past niet bij deze machine. Ik kan niet meer ‘om het probleem heen rijden’, zoals ik dat vroeger wel kon.
Sinds ik in de MotoGP rijd, ben ik ook alleen maar bezig geweest me aan te passen. Ik heb het altijd van mijn verstand, mijn ervaring en mijn mentale veerkracht moeten hebben. Die kracht begint nu mijn zwakte te worden. Fysiek zou ik nog wel een paar jaar mee kunnen. Ik ben fit, hoewel ik nooit veel in de sportschool heb gezeten. Mijn training bestaat uit mountainbiken en trialfietsen, maar vooral veel op de motor zitten. Ik merk wel dat ik meer last krijg van warmte en van jetlags, ik ben sneller moe en herstel minder snel. Het kraakt en het piept allemaal wat meer.”

Nu ben je 40 en kijk je terug op een carrière van twintig jaar op het hoogste niveau, met twee wereldtitels en 31 zeges in World Superbikes, maar zonder overwinningen in de MotoGP.
“Ik was 21 toen ik van de AMA naar World Superbikes ging. Ik dacht dat het hard ging in de AMA en schrok me kapot van de snelheid en de competitie in WSBK. In de Superbikes heb ik tijd nodig gehad om te wennen aan het niveau, aan de machines, aan Europa en aan het reizen. Maar na een paar jaar begon ik te winnen en kwam het succes. Ook niet helemaal vanzelf overigens; ik heb er keihard voor moeten knokken. Maar als je eenmaal begint met winnen, gaat het snel wennen. Ik weet nog wel dat ik in 1999 de dubbel pakte op Brands Hatch. Ik ging helemaal uit mijn dak, was door het dolle heen. Maar mijn team was helemaal niet zo excited als ik. Ik snapte er niks van: ik had echt twee wereldraces gereden! Totdat iemand me vertelde dat ik gewoon had gedaan wat ze van me verwachtten.”
“Ik was wereldkampioen toen ik – samen met Troy Bayliss – naar de MotoGP overstapte. We hadden een paar seizoen achter elkaar echt epische gevechten uitgevochten samen. We hadden het idee dat we het helemaal zouden maken daar. Dat viel op z’n zachtst gezegd een beetje tegen. Nu was ik natuurlijk wel al 29 toen ik begon in de MotoGP. Dat heeft ongetwijfeld meegespeeld. WSBK en MotoGP zijn twee werelden die moeilijk te vergelijken zijn. De enige overeenkomst is dat in beide klassen de motoren twee wielen en een stuur hebben, maar daarmee is het wel gezegd.”

Met de wetenschap van nu: had je het anders moeten doen?
“Welnee. Ik heb mijn hoogte- en dieptepunten gehad, maar ik heb nergens spijt van. Als ik andere keuzes had gemaakt, op andere momenten stappen had gezet, was er wel weer iets anders gebeurd. Het is zoals het is. Als ik eerder naar de MotoGP was gegaan, had ik een wereldtitel én mijn mooiste race ooit gemist (zie ook het kaderstuk met zijn persoonlijke top 5). Ik denk dat ik het maximale uit mijn carrière heb gehaald. Mijn beste resultaten heb ik geboekt als tweede man achter Valentino. Was dat wat ik altijd al gewild had? Nee. Maar ik was wel de perfecte tweede man, the best ever! Natuurlijk waren er gemiste kansen. Races die ik had moeten winnen. Laguna Seca 2005, Le Mans 2008 en Assen 2006 zéker. Die had ik al in the pocket, nota bene. Eigen schuld dat het mis ging. Hoewel het Nicky Hayden was die een fout maakte, maar ik liet me daardoor van mijn stuk brengen. Ik heb mezelf tien keer voor mijn kop geslagen. En mezelf èn Nicky verrot gescholden, maar daarmee veranderde de uitslag niet. Er spelen te veel andere factoren mee in een wedstrijd die je niet zelf in de hand hebt. In het leven is het niet anders, toch?”
“Wat ik wel echt jammer vind, is dat mijn kinderen me nooit hebben zien winnen. Gracie, de oudste, is geboren in de winter dat ik de overstap maakte van WSBK naar MotoGP. Ze hebben papa wel op het podium zien staan, maar nooit op de hoogste trede.”

De laatste jaren hebben ze je zelfs vooral achteraan zien rijden. Als je heel eerlijk bent: had je niet moeten stoppen toen je contract bij Tech 3 afliep? Waren die drie jaren op een CRT-machine, het lopende seizoen meegerekend, het waard?
“Ben ik niet te ver over mijn houdbaarheidsdatum heen, bedoel je? Ik weet het niet. Misschien wel. Met twee top 10-klasseringen in tweeëneenhalf jaar tijd kan ik niet tevreden zijn. Ik heb altijd geracet om te winnen. Een tweede plaats? Jammer, dan was er toch eentje beter. Maar werken aan een nieuw project, wat de CRT was, is leuk. En ik geloofde echt dat het kon en ik begreep dat het tijd kost om een machine te ontwikkelen. Dat geduld kon ik wel opbrengen. Wat de uitdaging was, was dat ik mezelf moest verbeteren om de motor beter te maken. Dat lukt me nu niet meer. Ik kan mezelf niet meer verbeteren. En dan wordt het moeilijk om nog tot het gaatje te gaan en alles te geven. Zolang ik race, zal ik ieder weekend mijn stinkende best doen om er het maximale uit te halen, maar eerlijk is eerlijk: het is ‘f*cking shit’ om iedere week door die jonkies het snot voor de ogen te worden gereden. Dan gaat de lol er af. Racen om te racen is niet mijn ding. Alles-of-niets voor een puntje gaan, of zelfs voor de top 10, dat is niet waar ik het voor doe!”

Straks ben je voor de laatste keer in Assen, een circuit waar je zeventien keer eerder heb geracet. Alleen op Phillip Island ben je vaker geweest. In Assen heb je zes keer op het podium gestaan, waarvan drie keer op het hoogste in je Superbikes-tijd en twee keer als MotoGP-coureur. Als je ergens zo vaak bent geweest, komen er dan andere emoties om de hoek kijken nu je van iedere race weet dat het de laatste keer is?
“Jawel. Assen is altijd een goed circuit voor mij geweest, met mooie herinneringen ook. Die komen inderdaad allemaal voorbij nu; meer dan andere jaren. De dubbel van 2002 zal in Assen ook zeker voorbij komen, net als het podium dat ik haalde in 2005 en die tragische mislukking in 2006. Nu ik weet dat alles de laatste keer is, merk ik dat ik me meer bewust van de omgeving, alsof ik alles nog één keer goed in me wil opnemen. Vooral als ik op de grid sta en in de uitlooprondes. Dan zwaai ik nog meer naar het publiek, om afscheid te nemen en te bedanken. Zonder het publiek hebben wij geen bestaansrecht en de fans zijn altijd goed voor mij geweest.”

Andersom ook toch? Je bent altijd een populaire coureur geweest. Kleurrijk in ieder geval, en met een spectaculaire stijl. Daar houden mensen van.
“Gelukkig wel, al heb ik nooit mijn best gedaan om aardig gevonden te worden. Het is bij mij ‘What you see is what you get. En als het je niet aanstaat: ook goed! Toen ik als jochie interviews op tv zag met coureurs als Lawson, Rainey, Schwantz – maar ook met anderen – heb ik me voorgenomen dat ik nooit een pratende plastic pop zou worden. Ik laat meer van mezelf zien, neem geen blad voor de mond, praat mensen niet naar de mond. Daarmee heb ik mezelf vaak in de nesten gewerkt, maar ik heb mezelf nooit verloochend. Daar ben ik best trots op, dat ik in dit circus mezelf ben gebleven.”

En nu? Iedere dag de kids naar school brengen en rondjes rijden op je Bootcamp?
“Allebei. En zo veel mogelijk! De Texas Tornado Bootcamp is een groot succes. Ik reed al heel lang op dat terrein, het is eigendom van de familie en sinds een paar jaar pakken we het professioneel aan. We hebben er slaapgelegenheid gebouwd, gezorgd voor eten en drinken. Behalve motorrijden kun je er ook schieten en ’s avonds bij het kampvuur drink je een biertje. Met een groep van een man of 20, 25 kun je er een paar dagen echt leuk onder de pannen zijn. Ik heb ook al aanbiedingen gehad om zulke bootcamps op te zetten in Europa en Azië, maar ik denk niet dat het kan. Je kunt hier niet schieten met echte, grote geweren, zoals in de States. En als ik er zelf niet bij ben kan het ook nooit een Texas Tornado Bootcamp worden zoals thuis. Daar is er maar één van. En daar kan ik prima mijn brood mee verdienen.
Sinds ik mijn afscheid heb aangekondigd, regent het aanbiedingen, variërend van bootcamp-instructeur tot testrijder tot teammanager. Ik ga er eens rustig, samen met Alyssia, over nadenken. Ga er maar vanuit dat ik mijn neus nog wel eens op de circuits laat zien. Alleen niet meer zoals nu. Ik wil niet meer twintig keer per jaar de oceaan over vliegen. Toen ik prof werd in 1992 zei mijn toenmalige teammanager: ‘Jongen, om het te maken in deze wereld moet je offers brengen’. Ik heb hard gelachen – wist ik veel, ik was een snotneus van 18. Ik kon niet wachten om in Europa te gaan racen. Nu begrijp ik wat hij bedoelde: ik mis mijn gezin, ik wil mijn kinderen zien opgroeien. Als je ouder wordt, worden andere dingen belangrijk. Toen wilde ik de beste motorcoureur van de wereld worden. Nu wil ik de beste vader van de wereld zijn voor mijn kinderen!”

DE PERSOONLIJKE TOP 5 VAN COLIN EDWARDS

1. WSBK Imola 2002
“Deze staat met stip op 1. De race der races, op het scherp van de snede met Troy Bayliss. We hebben gevochten als leeuwen. Degene die won, was wereldkampioen. Ik dus.”

2. WSBK Oschersleben 2002
“Ik brak het ronderecord vijf, zes keer achter elkaar en pakte de dubbel. Een perfecte wedstrijd.”

3. MotoGP Silverstone 2011
“Een week nadat ik mijn sleutelbeen had gebroken in Barcelona – en voor het eerst na 141 MotoGP-races een wedstrijd te hebben gemist – stond ik op het podium in Silverstone. Een beetje geholpen door de regen, maar daardoor waren de omstandigheden juist ook een stuk zwaarder.”

4. WSBK Monza 1998
“Mijn eerste zege in de Superbikes, op een geweldig circuit nota bene.”

5.Suzuka 8 hours 2001
“Mooie zege, samen met Valentino Rossi. Sinds die wedstrijd zijn we vrienden.”

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.