+ Plus

GP Wegrace Aragon, Spanje

Jaarlijks kent de Academy of Motion Pictures Arts and Sciences de Oscar-filmprijzen toe. De Grand van Aragon kreeg ook een ‘Academy winner’. Pecco Bagnaia kreeg dan weliswaar geen Oscar voor zijn magnifieke optreden, na Franco Morbidelli kreeg Valentino Rossi een tweede VR46 Academy-winnaar. In een zenuwslopende strijd met Marc Marquez liet Bagnaia zich niet gekmaken en werd zo de achtste winnaar van dit seizoen. Fabio Quartararo kwam niet verder dan de achtste plaats.

Als Moto2-wereldkampioen maakte Pecco Bagnaia in 2019 zijn debuut als MotoGP-coureur. De teruggetrokken Bagnaia, een protégé van Valentino Rossi, kon zelden imponeren op zijn Pramac Ducati in een seizoen waarin hij niet minder dan veertien maal crashte. Vorig jaar viel de Italiaan minder, maar een schuiver in Misano kostte hem wel zijn eerste MotoGP-zege. Bagnaia was toen net terug van een onderbeenbreuk die hem drie races aan de kant had gehouden. Een magere zestiende plaats in de eindstand, net achter leermeester Rossi, stond promotie naar het Ducati-fabrieksteam niet in de weg. De 24-jarige Bagnaia pakte in de seizoensopener in Qatar zijn eerste MotoGP-podium en een derde plaats. Een elfde startplaats in Portimao na een ongelukkige gele vlagsituatie in de kwalificatie zorgde er voor dat hij winnaar Fabio Quartararo niet verder naderde dan tot 4,8 seconden. In Jerez was teamgenoot Jack Miller hem net te snel af naar zijn eerste zege voor Ducati, in een nat Le Mans kreeg de ook daar snelle Bagnaia een dubbele long lap-penalty, omdat hij te hard de pitlane binnenreed, in Mugello crashte hij al vroeg, terwijl hij de race aanvoerde. Er waren echter ook wedstrijden waarin Bagnaia te anoniem acteerde – en dan was er na een spectaculaire tweede plaats in Oostenrijk die Britse grand prix waar zijn tweede startplek en sterke raceritme van geen enkele waarde bleken door een niet functionerende band. Toch zei Bagnaia in Aragon tegen zijn monteurs dat ze zijn machine moesten laten zoals hij in Silverstone de wedstrijd in gegaan was. Bagnaia verpulverde het zes jaar oude polerecord van Marc Marquez en schrapte een dag later het eveneens zes jaar oude racerecord van Jorge Lorenzo. De Ducati-coureur was maar een halve seconde sneller dan Lorenzo destijds, maar Bagnaia werd dan ook continu belaagd door zesvoudig Aragon-winnaar Marc Marquez. In de laatste ronden glipte de Honda-kopman drie keer binnendoor, maar telkens had de ogenschijnlijk koele Bagnaia een antwoord. Toen Marquez bij zijn laatste uitremactie zijn machine niet binnen de lijnen hield, was Bagnaia veilig. Voor de eerste keer sinds de Grand Prix van Tsjechië van 2018 wist een Ducati-rijder een pole ook om te zetten in een zege. Die eer was toen voor Andrea Dovizioso, een naam die in Aragon meermaals viel; met zijn kalmte en uitgekookte strijdwijze herinnerde Bagnaia aan de voormalige Ducati-topper. “Ik heb vaak met Dovizioso gevochten en Pecco was hetzelfde maar dan met meer bochtensnelheid”, legde de verslagen Marquez de link met het verleden. Achter Bagnaia probeerde Marquez zwakke punten te ontdekken – tevergeefs, gaf Marquez toe.
Nadat eerder Brad Binder, Miguel Oliveira en Jorge Martin als oud-Mahinda-rijders dit seizoen een MotoGP-race wonnen, kon Bagnaia als vierde aan die lijst worden toegevoegd. Al op zaterdag had hij de Ducati GP21 geroemd; terecht, zo bleek. Bagnaia tekende voor pas de tweede Ducati-zege op Aragon, elf jaar na de eerste van Casey Stoner. Cristiano Gabbarini was toen Stoners crewchief, in die functie stond de Italiaan nu op het podium naast Bagnaia. “Het was vandaag warmer, ik had deze pace niet verwacht”, begon Bagnaia zijn raceverslag. “Ik voelde me sterk, maar ik wist dat Marc iets sneller was. Toen we een gaatje hadden, wist ik dat hij het aan het eind zou proberen. Eerder had geen zin. Hij was sterk bocht-in, ik had steeds een goede exit en acceleratie. Ik remde steeds extreem laat en toen hij me in bocht 12 nóg voorbij ging, wist ik dat hij wijd zou gaan.”
Over de streep haalde Bagnaia opgelucht adem, blij dat het steekspel voorbij was. Toch had hij er bewust voor gekozen om het tempo van kop te dicteren, ondanks een spiedende Marquez. “Het beste was om te leiden en te verdedigen als de banden minder werden. In de laatste vrije training deed ik een run van zestien ronden, we waren er op voorbereid om op kop te rijden.”
Een bezoekje van mentor Rossi op zaterdagavond had hem aanvankelijk nerveus gemaakt. ‘Valentino zei dat het mijn dag moest worden, iets wat hij nog nooit had gezegd. Eerst werd ik zenuwachtig, daarna kalm. Want ik wist dat mijn pace goed was. Toen hij wegging zei Vale ook steeds ‘hard, soft, hard, soft’ (‘ik wilde hem hypnotiseren, want Pecco wil nog wel eens rare bandenkeuzes maken’, aldus Rossi, red.). Maar nu wil ik hem wel een ‘hug’ geven en ik wil dat hij het elke keer kan zeggen.” Vooral de wijze waarop hij Ducati’s negende MotoGP-winnaar was geworden, maakte Bagnaia trots. “Winnen met een voorsprong is mooi, maar in een rechtstreeks duel tegen Marc Marquez is nog mooier. Als kind keek ik op tv de gevechten van Vale tegen Pedrosa en Lorenzo. Toen ik in de GP’s kwam, waren het de gevechten van Marc, Vale, Dovi en Lorenzo; het was een droom om eens een MotoGP-race te winnen. Om te winnen tegen iemand die al titels heeft. En zelfs al is Marc niet honderd procent fit, hij is altijd sterk.”

Marquez bezorgde Honda pas haar tweede podium van het seizoen, nadat hij eerder superieur was geweest op de Sachsenring – ook een circuit dat tegen de klok in gaat en met overwegend linker bochten. In twee trainingen was Marquez de snelste, maar de achtvoudig wereldkampioen gleed ook twee maal onderuit. Vooral tijdens de tweede crash werd overduidelijk dat zijn fysieke toestand hem niet toelaat om schuivers met zijn rechter elleboog op te vangen. Hoewel hij een sterk raceritme demonstreerde in de trainingen, was Marquez vooraf terughoudend vanwege zijn eigen beperkingen. Dat hij in de afgelopen twee races was gevallen, had ook sporen achter gelaten. “Ik ben ook maar een mens”, aldus Marquez. Door zijn fysieke beperkingen was hij een gewone rijder geworden, meende Marquez. Snel, maar niet meer in staat om zijn bijna bovenmenselijke krachten aan te wenden om slides op te vangen en crashes te vermijden. “Als de voorkant in een rechterbocht wegglijdt, val ik.” En hoewel hij meer had ‘geleden dan genoten’, ging Marquez tot het uiterste. Want, zo zei hij, de machine en het gevoel waren goed, en misschien zou hij in de toekomst zo’n kans niet meer krijgen. De twijfel rijdt nog altijd mee met Marquez. “Ja, natuurlijk. Toen ik in Portimao terug kwam, had ik verwacht wat sneller te zijn. Maar op dit moment kan ik niet rijden zoals ik wil. Probeer ik dat, dan val ik. Maar mijn doel is om een manier te vinden om competitief te zijn en om voor titels te vechten. Misschien niet meer in diezelfde stijl, maar anders betekent niet langzaam, zoals we vandaag hebben gezien. We hebben dat extra niet.” Toch bewees Marquez in Aragon zijn strijdlust en killersmentaliteit nog niet te zijn verloren. Wel attaqueerde hij uitsluitend in linker bochten. “Maar ik kon niet een goede plek vinden. Toen vergat ik alles en dacht ‘ik ben Marc, ik moet het proberen’. Zelfs als hij me op het rechte stuk weer zou passeren. Maar ik deed het, omdat ik weet dat mijn team dit graag ziet en omdat ik er zelf ook blij van word.”
Joan Mir zat tot en met de tiende van 23 ronden klem achter Jack Miller en Aleix Espargaro. Pas toen Miller door schakelproblemen wijd ging, sloeg Mir toe en passeerde ook de weer sterke Espargaro. Daarna klokte Mir vergelijkbare tijden als Bagnaia en Marquez voor hem; het gat was echter te groot geworden. Heel gelukkig werd de regerende kampioen echter niet van zijn vijfde podium. “Starten vanaf de zevende plaats is met onze acceleratie niet makkelijk”, consteerde Mir, die zijn worstelende teamgenoot Alex Rins twee weken na zijn tweede plek in Silverstone nu als twaalfde zag finishen. Omdat Suzuki’s nieuwe Ride Height Device hem met het remmen meer tegenwerkte dan hielp, liet hij Mir het systeem verwijderen. Met zijn pace had hij gehoopt mee te kunnen doen voor de winst. Mir zei sterker te zijn dan in zijn kampioensjaar. “Maar ik moet wachten op de fouten van anderen.”

Mir liep acht punten in op Fabio Quartararo. Vooraf had de Franse kampioenschapsleider ondanks zijn twaalfde ‘front row’-start in dertien races weinig vertrouwen in een podium, na de warm-up draaide hij bij. Door niet eerder ervaren bandenproblemen was Quartararo zelfs kansloos tegen de zeer sterk sturende Enea Bastianini en Brad Binder. Geen ramp, probeerde Quartararo de achtste plek luchtig te benaderen. Zijn voormalige teamgenoot Maverick Viñales maakte in Aragon zijn Aprilia-racedebuut. Al tijdens een tweedaagse test op Misano had de 26-jarige Spanjaard besloten dat hij zo snel mogelijk wilde racen. “Door de test verdween een last van mijn schouders. Maar in races kun je je het meeste verbeteren”, meende de ‘gemotiveerde’ en ‘hongerige’ Viñales. “Door nu weer te racen, kunnen we ons beter voorbereiden op 2022. Deze races zijn een cadeautje.”
Vanaf een negentiende startplaats finishte Viñales 1,4 seconde achter vijftiende man Danilo Petrucci als achttiende. Hij was tevreden, ondanks een achterstand van twintig seconden op teamgenoot en vriend Aleix Espargaro. “Dat had ik wel verwacht als je van zover moet beginnen.” De overstap van een vier-in-lijn naar een V4 betekent dat Viñales zich aan moet passen. “Ik zit niet meer in mijn comfort zone, dit is een uitdaging. We moeten elkaar nog beter leren kennen. Nu verwachten dat je voorin zit, is niet reëel.” Zoals hij op de Yamaha reed, zal hij op de Aprilia niet snel zijn, realiseerde Viñales zich. “Op de Aprilia rijd je de snelle tijden anders. Ik ga nog hard de bocht in, maar de Aprilia is gemaakt om hard te remmen en hard de bocht uit te accelereren. Het kost tijd om me daar aan aan te passen. Maar het gaat lukken.”

Direct meer lezen? Neem een jaarabonnement
  • Direct toegang tot het digitale archief met meer dan 350 magazines.
  • 24 uitgaven per jaar
  • Elke twee weken thuis in de bus
Direct toegang aanvragen
Een jaar MotoPlus voor slechts 49,50

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het ios icon icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin
Motoplus app
en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.