+ Plus

Zijspan opstapdag

Of de Nederlander gezegend is met een extra gen waar het op een derde wiel aankomt? Wie zal het zeggen, feit is wel dat Neerlands grootste successen op het mondiale GP-podium niet werden behaald op twee maar op drie wielen. In het zand, Daniël Willemsen tekent alleen al voor negen wereldtitels, maar ook op het asfalt. Egbert Streuer stuurde in de jaren ’80 zijn span maar liefst drie keer naar de hoogste trede van het ereschavot. Een garantie voor een overvolle grid zou je denken, maar helaas is het tegendeel het geval. En daar moet verandering in komen.Ieder jaar aan het eind van het wegraceseizoen organiseert de KNMV in Assen de zogenaamde Opstapdagen. Sluimert ergens de wens en wil om te gaan racen, maar wil je toch eerst even zeker weten of het wel wat is, voor je duizenden euro’s in een strakke racer en nieuwe outfit steekt, dan bieden deze twee dagen de uitgelezen mogelijk om eens vrijblijvend aan de motorsport te ruiken. Racers uit verschillende klassen, dit jaar onder meer uit de Talent Cup en Moriwaki Cup, evenals deskundige voorrijders staan er dan namelijk klaar voor een paar kennismakingsrondjes in de enerverende wereld van het wegracen. En daarnaast geeft ook de DSRA (Dutch Sidecar Racing Association) er met een stuk of zeven zijspannen acte de présence. En dat is eigenlijk de hoofdreden van onze aanwezigheid hier vandaag. Meer precies de uitnodiging van zijspancoureur Marcel Ritzer, samen met bakkenist en broer Erik actief in onder meer het ONK, om zelf eens te ervaren hoe het voelt om in een minuscuul bakje over het Assense asfalt te worden gekatapulteerd. Een invitatie die we uiteraard met beide handen aanpakken.Waar het in de wegrace voornamelijk jonge coureurs zijn die de grid bevolken, verkeren de gebroeders Ritzer in de zijspanklasse in een redelijke uitzonderingspositie. Ze behoren tot de jongsten van het startveld, de vergrijzing heeft in de zijspanklasse namelijk flink toegeslagen. Aanwas van onderaf is er nauwelijks en dat is doodzonde in een tak van sport waar Nederland sportief gezien grootse successen heeft gevierd. Verbazingwekkend ook, aangezien de klasse in ons omringende landen nog altijd veel aanzien geniet en onverminderd populair is. Zelf kwam Marcel Ritzer een jaar of twee geleden ook per toeval in contact met de sport, via de Opstapdagen nog wel. “Mijn broer kwam er om met motor te rijden en toen had ik iets zoiets van ‘als ik dan toch hier ben, dan kan ik ook wel een rondje met zo’n zijspan mee’. En toen was ik meteen helemaal verkocht. Meteen de cursus voor bakkenist gedaan en me aangemeld voor een plek op de reservelijst. Mocht een vaste bakkenist een wedstrijd verhinderd zijn, dan kunnen ze je bellen om in te vallen. Eerst denk je nog ‘dat gebeurt toch niet’, maar gelijk het eerste jaar stond ik al bij vier wedstrijden in de bak. Dat is ook wel een beetje tekenend voor deze klasse, het is één grote familie en iedereen weet elkaar al snel te vinden. Competitief in de baan, vrienden erbuiten.” Na dat eerste jaar gaat het snel voor de pas 22-jarige Ritzer, hij veroverde een vast plekje in het span van Arnold Rooijmans en tijdens een training in Val de Vienne vraagt hij of hij zelf niet eens een rondje mag sturen. Dat gaat hem zo goed af dat Arnold zijn plek als piloot afstaat en de rol van teammanager op zich neemt. “Op het ene moment heb je niet eens een vast team en het volgende sta je al als rijder op de grid. Maar ik moet wel bekennen dat ik gewoon geluk heb gehad, dat iemand anders je laat rijden in zijn span, dat komt echt niet vaak voor.”Geluk of niet, ook voor Ritzer begon het allemaal met een eerste keer plaatsnemen in de bak. Precies het punt waarop ik momenteel ben aanbeland. Voor me staat de rood/wit/zwarte combinatie van Roman Racing, “een oudje”, aldus Ritzer. “Hij is van hetzelfde bouwjaar als ik, 1989.” Desondanks is het span nog altijd competitief genoeg, in de prestigieuze Duitse Sidecar Trophy reed Ritzer hem in de laatste wedstrijd van het seizoen zelfs nog naar een tweede plek. “Een nieuw span stuurt makkelijker, dat wel. Met deze is het vooral hard werken, maar je bent zeker niet kansloos. Dat spreekt me ook wel aan, je hoeft niet ieder jaar bakken met geld in een nieuwe combinatie te stoppen om alleen nog maar een kans te hebben.” Tijd om in de bak te stappen, en dat valt eerlijk gezegd nogal tegen. Voor we het circuit op duiken volgt, uiteraard, eerst een sessie op het droge. Maar mijn 1.90 meter en het nogal bescheiden uitgevallen bakje vormen niet echt een gelukkige combinatie. Niet dat er wordt verwacht dat ik eenmaal op het circuit links en rechts buiten het kuipwerk hang, maar een enigszins stabiele zit is toch wel een minimale voorwaarde. Het vereist een flink stukje motorische vouwkunst (en nu snapt u de kop!) voor lichaam en bak vriendjes worden. Of beter gezegd, elkaar gedogen. Echt veel vertrouwen schept de nogal krampachtige houding namelijk nog niet. Kort gezegd ligt het rechterbeen losjes onder, terwijl het linkerbeen steunend op een hoek in bak nagenoeg alle zijwaartse krachten opvangt. Maar lengte van mijn benen en inhoud van het bakje stroken niet met elkaar, en omdat ook mijn lenigheid zijn grenzen kent (wat heet) rest er uiteindelijk niet veel meer dan maar gewoon te gaan. “Eerst een rondje rustig aan”, vertrouwt Marcel me toe, ”en als ik vervolgens in de spiegel kijk en je knikt, dan gaan we er even echt goed voor zitten.” Al bij het opdraaien van het circuit valt de enorme zijwaartse kracht op. Die alleen nog maar erger wordt wanneer in bocht drie de linkervoet van de hoek afschiet en zich rijdend onmogelijk weer in positie laat manoeuvreren. Alle kracht moet ik met de armen opvangen, een bijna onmogelijke taak, zeker in rechterbochten. Even op de kuip kloppen is er ook niet bij, want de handen vormen immers mijn laatste strohalm. De razendsnelle rechter Meeuwenmeer wordt zonder brokken gerond – het doemscenario dat ik uit de vitrine van Bakker Pots in Rolde zou moeten worden gevist had zich al opgedrongen – en bij het ingaan van de tweede ronde zie ik het gretige snuitje van Marcel, die er overduidelijk zin in heeft, in de spiegel op zoek naar het bevestigende knikje. Dat komt er niet, ziet ook hij gelukkig. Hij remt het span af en dat schept net voldoende ruimte om me op te trekken en de linkervoet weer in positie te krijgen. En dan komt het knikje er wel en laat Ritzer de teugels van de dikke Suzuki duizend flink vieren. Al moet je dat natuurlijk wel in de juiste verhouding zien, met een bakkenist die meer doet dan enkel als dood gewicht in de bak zitten gaat het uiteraard nog veel harder. Maar ook zittend als een plumpudding is de snelheidsbeleving werkelijk sensationeel, groter dan op de motor ook. Door de zijwaartse krachten natuurlijk, maar vooral omdat je achterste op niet meer dan een centimeter of tien boven het asfalt zeilt. Een fenomenale ervaring, met een kleine nasleep in de vorm van twee dagen lang tintelende, dove vingers dat wel. Die waren waarschijnlijk te verwend, werd duidelijk tijd dat ze weer eens aan, of in, de bak gingen!Lijkt de zijspanwegrace sport je wel wat? Deelname is relatief goedkoop, naast de verplichte zijspanwegrace cursus (€ 175,00) is het enige dat je nodig hebt een KNMV racelicentie. Kijk voor meer info op: www.dsra.nl________________________________________[INTERVIEWS]Naam: Sander SpijkLeeftijd: 25 jaarWoonplaats: Spijk“Dit is eigenlijk mijn tweede keer al dat ik in de bak zit. Een collega van me racet met een zijspan en die vertelde van de Opstapdagen. Leek me wel eens een keer leuk, dus vorige week naar de eerste van de twee Opstapdagen gegaan om eens een keer vrijblijvend in de bak te stappen. Nou, ik was gelijk laaiend enthousiast, het regende en dat ding bleef maar spinnen. Het vermogen, de snelheid, alles eigenlijk, echt helemaal te gek. Ik heb volgens mij wel vier keer in de bak gezeten en meteen een afspraak voor vandaag gemaakt, ook om eens te kijken hoe het voelt met mooi weer. Nog mooier natuurlijk. Komend seizoen zou ik dolgraag als bakkenist verder willen en dat is ook deels de reden dat ik hier ben, om contacten te leggen. Er is een reservelijst voor bakkenisten waar je jezelf voor op kunt geven, maar het liefst kom ik natuurlijk in vast een team terecht. Maar goed, voor het zover is moet ik eerst nog een racelicentie halen en een cursus bakkenist volgen in Val de Vienne. En daar heb ik nu al zin in.”Naam: Marcel van den BroekLeeftijd: 48 jaarWoonplaats: Liempde“Het racen op zich is niet helemaal nieuw voor me, ik heb drie jaar in de Ducati 3D Cup gereden. Dat kostte alleen zoveel tijd en geld, op een gegeven moment hield het gewoon op. Maar het racen blijft toch trekken hè, ik had de zijspannen al vaker zien rijden en bakkenist leek me eigenlijk een heel mooi alternatief voor het zelf rijden, dus dat wilde ik wel eens proberen. En ik moet zeggen, het was helemaal top. Het robuuste en brute geweld van zo’n apparaat, niet te vergelijken met twee wielen. Het voelt ook meer back to basic en dat past wel bij me. Wat dat betreft zou ik dit best vaker willen doen en ik zit er ook sterk aan te denken om die cursus in Val de Vienne te gaan doen. Voor het geld hoef je het niet te laten en dan kan ik daarna altijd nog zien wat ik ermee doe.” Naam: Marco VerberkLeeftijd: 32 jaarWoonplaats: Oeffelt“Een kameraard van me heeft me uitgenodigd voor deze dag. Hij kent één van de coureurs en als je hier dan toch bent, wil je zelf natuurlijk ook een rondje in de bak. En dat was gaaf, de bochtensnelheid en kracht in je armen is echt onwijs. Ik had eigenlijk verwacht dat ik er wel moeite mee zou hebben niet zelf alles onder controle te hebben, maar dat viel achteraf reuze mee. Toch, als ik echt mijn hart laat spreken, dan denk ik dat ik liever zelf achter het stuur zit. Maar desondanks vond ik het een waanzinnige ervaring, alleen die cursus volgen dat zit er niet in. Het probleem is niet zozeer dat ik

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.