+ Plus

Endurotraining

Vanaf het moment dat het mais en de aardappelen van het land zijn, barst elk jaar het offroad-seizoen los. In het noorden, oosten en zuiden van Nederland worden vanaf september offroadritten en enduro’s georganiseerd. Klinkt goed, maar hoe begin je hier mee? Offroadtrainingen zijn er in alle gradaties, van lekker actief personeelsuitje tot aan serieuze wedstrijdtraining. Toine van Dijk is testrijder van ons offroad zusterblad Noppennieuws en als endurokampioen, gediplomeerd KNMV cross-trainer en voormalig enduro-bondscoach een expert in trainingen. Wij volgen een trainingsdag van een ervaren motorrijder, die echter een beginnende offroad rijder is.

Alexander mag dan een beginnende offroad-rijder zijn, hij borrelt over van enthousiasme en daadkracht. Nadat bedacht was dat offroad- en enduro-rijden lollig zou zijn werd, nog voordat een zandkorrel onder zijn wielen doorgerold was, een hagelnieuwe KTM 450 EXC-F en complete uitrusting aangeschaft. Die 450 uiteraard in de hoogwaardige Six Days uitvoering, want waarom zou je met minder genoegen nemen? Hij reed afgelopen najaar alle offroad-ritten. Deze worden meestal de dag voor of na een endurowedstrijd verreden en volgen dezelfde route, alleen dan zonder wedstrijdelement. Daar waren heftige edities bij, maar Alexander ploegde er stug doorheen, reed meestal ook de tweede en derde ronde en dan ben je een dappere debutant. Maar hij zocht naar een manier om zijn leercurve beduidend steiler te maken en professionele training lijkt het beste middel. Rond 9 uur laden we de motoren van de kar af in startplaats Maarheeze bij Toine van Dijk, waar het hele jaar door enduro-cursussen plaatsvinden. Het programma richt zich puur op enduro-rijders en niet op allroad- of scrambler-rijders, die eens voorzichtig een zandpad willen verkennen. Er wordt dus met enduro-motoren gereden en als je die niet hebt, dan verhuurt Toine ze. Van tevoren was gevraagd om aan te geven wat je wilt leren en ook hier werd zijn leergierigheid kenbaar: over boomstammen springen en staande wheelies maken. Ook wordt voorzichtig de Erzberg-enduro geopperd… Welnu, terughoudendheid heeft nog nooit een motorsporter groot gemaakt. Toine haalt minstens één wenkbrauw op. Hij stelt de vragen om de training op wensen en niveau van de cursisten af te stemmen.
We beginnen bij het begin: hoe sta je op de motor? Dit is nog voordat we vertrokken zijn. Het stuur staat voorover gekanteld en dat wordt in lijn met de voorvork gezet. De hoogte van de hendels wordt afgesteld en al staand op de motorfiets legt Toine uit hoe je laarzen op de voetsteunen moeten staan. In het midden, met vlakke voet. Dit lijkt logisch, maar vaak staat men met de bal van de voet op de steps en/of met de voeten te ver achterover gekanteld en dus met doorgeknikte enkels. Echte basiszaken, maar als dat niet klopt zal verdere ontwikkeling lastig zijn. Dit zal gedurende de dag een terugkerend thema zijn: zorg dat de basiszaken in orde zijn en (vooral) blijven, dan kun je verder ontwikkelen. Dan volgt een korte en duidelijke instructie over het gewenste gedrag tijdens het rijden. Toine accepteert enkel straatlegale motoren met standaard of stille uitlaten. De trainingen zijn doordeweeks, omdat je op de zandpaden dan hooguit een tractor tegenkomt. We rijden op openbare (zand-)wegen en mochten we daar wandelaars, fietsen of ruiters tegenkomen, steekt de voorste rijder zijn hand op en we rollen er heel rustig en met flinke afstand aan voorbij. Kortom, het is vanzelfsprekend dat we ons verantwoordelijk gedragen.

Startknopjes worden ingedrukt, ik kickstart mijn Husqvarna TE610 en binnen een paar honder meter rijden we, correct staand, over onverharde paden. Al snel bereiken we een braakliggend veld met een soort ovaalbaan, met daarin twee ruimere bochten en twee krappe bochten. We gaan staand rijden, eerst linksom en later rechtom. We stoppen en dan volgt de uitleg over ‘De Correcte Houding’. De benen vrijwel gestrekt, het bovenlijf vanuit de heupen naar voren gekanteld met als richtlijn dat de kin boven het stuur is. De onderarmen moeten vrijwel recht omhoog wijzen en de ellebogen in een hoek van 90 graden. Let ook op de eerder genoemde voetpositie. Het is meteen duidelijk dat het vandaag om de grote lijnen én om details zal gaan. Alle oefeningen worden vanaf hier eerst uitgelegd, dan doet Toine het voor, vervolgens rijden we een aantal keer voorbij, stoppen, er wordt besproken wat we wel en niet goed doen en dan herhalen we het onderdeel nogmaals. En nogmaals. Deze oefening zette we voort, nu met op- en terugschakelen op de langere rechte stukken. Gecombineerd met de kin boven de tank valt op hoe goed de snellere bochten (een beetje) met een glijdend achterwiel in te sturen zijn en hoe veel mooier de motor zich nu met het gashendel laat sturen. Alles nog op een basis-niveau, maar het is mooi om de progressie bij Alexander te zien.
Dan herhalen we deze oefening, maar nu gaan we zitten op het diepste punt van de bocht, om zodoende druk op het achterwiel te genereren voor meer grip. Het credo luidt nu: “staan, zitten, gás!”. Staand rijden op het rechte stuk, accelereren naar vierde versnelling, staand remmen, let op de kin boven het stuur, een versnelling terug, op het diepste punt goed voorop het zadel zitten, zodat het voorwiel grip houdt, en soepel gas geven. Dat laatste doe ik iets (lees: veel) te gretig en dat kost me een korte reprimande. Zowel Alexander als ik drukken de motor niet genoeg onder ons, wat je als crosser gewoon moet doen. Toine legt uit dat de beste manier om dit te doen en te controleren is je buitenste elleboog omhoog te laten wijzen. We rijden vele rondjes en elke keer als we langskomen buldert hij: “Omhóóg die elleboog!”. En dat blijkt nog te werken ook! Als ik die elleboog omhoog draai, druk je automatisch de crosser meer onder je.
We rijden verder, waarbij verschillende eenzame kruisingen of haakse bochten op zo’n zandpad gebruikt worden om de bochtentechniek verder op te bouwen, waarbij elke bocht zijn eigen specifieke element heeft. De ene keer is het aanremmen glad, dan zijn er meer sporen of zijn er hobbels in de remzone of in de acceleratie. Elke keer hamert Toine op staan-zitten-gás en omhóóg-die-elleboog. Nieuw element is dat we ook hard(er) gaan accelereren en daarbij is het adagium: “Hou die ketting strak!” Toine legt uit dat in het geval van zowel spoorvorming, hobbels of een zachte ondergrond de enige redding kan bestaan uit het gas erop houden. Voor een straatrijder als Alexander is dit compleet tegennatuurlijk, want op straat doe je bij twijfel het gas dicht. Offroad is het andersom en bij twijfel moet er flink gasgegeven worden en ook de positie van de rijder is belangrijk. Door naar achteren te hangen blijft het voorwiel licht.

Bij een lokaal Brabant café stoppen we voor lunch en het valt op dat het zweet op mijn rug staat, ondanks temperaturen net boven het vriespunt. Na een halve liter water absorbeert mijn lijf ook een driedubbele uitsmijter met spek, ham en kaas opmerkelijk soepel. We gaan rap weer verder, want we zijn hier niet voor de leut. We gaan remmen en uiteraard wordt de grens opgezocht, met name met de voorrem. In derde of vierde versnelling vanaf ongeveer 60 km/uur op zand maximaal remmen met het voorwiel is voor straatrijders echt een nieuw gebied. Ook ik sta ervan te kijken hoe hard je kunt vertragen. Dan toont Toine dat op zand best een verticale stoppie mogelijk is en dat stimuleert tot verdere experimenten, met name door verder naar voren te gaan zitten, wordt de voorste noppenband fors harder in het zand geduwd en kan er harder geremd worden. Ik blokkeer mijn voorwiel enkele malen en tot mijn verrassing blijf ik op de wielen. Dit typeert de training wel: eerst voorbereiden middels korte en heldere theoretische uitleg vervolgens wordt je middels behapbare oefeningen veel verder gedreven dan je voor mogelijk hield, ook als je al een ervaren offroad-rijder bent.
Dan gaan we de motorfiets oprapen oefenen. Dat lijkt simpel, maar een handigheidje blijkt te zijn om het stuur van de machine, die op de linkerkant ligt, naar rechts te draaien en dan gewoon aan het stuur op te tillen. Dus niet met een hand aan het stuur en de andere onder het zadel bijvoorbeeld. Een andere handige en leuke truc is 180 graden keren op de weg. Daartoe ga je goed voorop het zadel zitten, kantelt de motor, laat de tank op de binnenzijde van je linkerdij leunen, flink gas, koppeling abrupt los en met een flinke dosis wielspin sta je subiet gekeerd, met een draaicircel die amper groter is dan de lengte van je machine. Ook doen we een oefening, waarbij we de machine extreem schuin leggen met het stuur tegen de aanslag en zo idioot korte rondjes draaien, met stationair toerental. De stepjes gaan dan zowat door het zand!
Dan wheeliet Toine op zijn Husky FE501 in het balanspunt voor me uit en we gaan op pad naar knippen. Eerst mild en tot slot een woest bospad met flink wat glooiing en kuilen van minstens een halve tot hele meter diep. Dit rijden we vele malen op en neer, onderbroken door aanwijzingen. Toine’s meest opmerkelijke tip is om je benen gestrekt te houden. De kuilen en dus de klappen lijken me zo groot dat ik het in mijn systeem heb om mijn knieën mee te laten veren. Toine stelt dat die enduro’s niet voor niets 30 centimeter veerweg hebben en bovendien hou je het niet de hele dag vol om met gebogen knieën te staan. Ik zet dat door, het vertrouwen neemt toe en tot slot kan ik, gebruikmakend van de kadans van de vering, mijn positie (naar achteren hangend) en het gas in de juiste frequentie doserend, steeds een kuil overslaan en daardoor win je enorm veel tijd op zo’n sectie. Gaaf om deze opbouw te ervaren.
Ondertussen zijn we al op de terugweg en de laatste oefening is een brede bocht, waar je in derde versnelling en staand doorheen moet driften. Omdat je op en neer rijdt, wordt zowel de drift linksom als rechtsom getraind en nu komt veel samen: eerst voldoende tractie vinden om hard genoeg te accelereren, dan de correcte positie, dus met rechte benen, kin boven het stuur, ellebogen omhoog, dan een versnelling terug en voor en achter remmen, waarbij uiteindelijk de bocht met een milde drift ingegleden wordt, waarna dit soepel overgaat in een drift door en uit de bocht, waarbij de drift intact blijf als ik opschakel. Ik kan niet anders zeggen dan dat het best stoer voelt als dat allemaal lukt.

Tegen de schemer loopt de cursus ten einde, waarbij we bijna 120 kilometer offroad hebben gereden. Alexander en ik hebben een schitterende motordag gehad en vooral een groot aantal technieken opgedaan, die toegepast kunnen worden in de komende offroad ritten. Informatie over deze trainingen is te vinden op www.toinevandijk.nl en Toine’s mantra’s zullen nog lange tijd door mijn crosshelm galmen: “Hou die ketting strak”, staan-zitten-gás” en bovenal “omhoog-die-elleboog!”…

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.