+ Plus

Reportage Elefantentreffen

Hét Elefantentreffen is al jaar en dag de vaste afspraak onder de échte winterrijders. Diep in het Beierse woud in Duitsland vind je eind januari ieder jaar weer duizenden motorrijders terug, die er even ‘back to basics’ gaan.

Twee jaar geleden gingen Bart, Danny en ik met een zijspan en één solomotor. Nu willen we allen solo rijden, en omdat je tussen pot en pint geregeld wel eens gruwelverhalen hoort over wegen die ijspistes geworden zijn, winterse buien die je tent onder een wit deken verhullen of nog ster-ker de verhalen over die gast die een teen verloor na bevriezingsverschijnselen, doen we er dit jaar nog een schepje bovenop. We nemen geen tent mee en kiezen voor een kamp helemaal beneden in het dal, in de Heksenketel. Back to basics!
Voor de heenreis trekken we twee dagen uit, onze reisafstand is net duizend kilometer vanaf onze garagepoort tot het kampeerterrein in Loh. Als we de Duitse grens gepasseerd zijn, ligt de gemid-delde temperatuur op -5° C, de snelwegen liggen er perfect bij en dus maken we goed vaart. Na een overnachting in een hotelletje bij de Hockenheimring gaat het bij koud maar goed weer verder richting Beieren en pikken we vlak bij Loh Danny op, die ons op staat te wachten. Het laatste stukje naar het treffen gaat over met sneeuw en ijs bezaaide wegen. Klokslag vijf uur komen we eindelijk aan….
Niet te geloven dat er alweer twee jaar voorbij zijn gegaan sinds we hier voor het laatst stonden, toen nog met een zijspancombinatie van een RT en een Ural-bak. De rit naar beneden tot diep in de Heksenketel was toen al uitdagend, ik ben benieuwd hoe het nu met de solomotoren zal gaan. Glijden of rijden? De vrouw aan de balie verkoopt me eerst twee dagpasjes, dus ik moet in mijn beste Duits duidelijk maken dat ik hier écht twee nachten wil blijven slapen en dus een volwaardig ticket nodig heb. Bart en Danny zijn ondertussen bezig om onze zelfgemaakte ski’s te bevestigen aan de motoren, deze zullen ons hopelijk helpen om op een veilige manier beneden te komen. Het principe is simpel, de motoren kunnen in feite niet meer omvallen en wij hebben iets meer steun om de motor in de juist baan te begeleiden.
De nacht valt terwijl we ons klaarmaken voor de rit naar beneden. Dat is zelfs met de hulpski’s een bloedstollend ritje. De piste is door het vele heen en weer rijden van zijspancombinaties en het continue vriesweer van begaanbare sneeuw naar spekglad ijs getransformeerd. De motoren glij-den alle kanten op, maar we houden ze overeind. Halverwege de trip naar het dal krijgen we de smaak te pakken. Het is even wennen om te sturen met je benen, maar we glijden netjes naar een open kampeerplek in het dal.

Zoals gezegd hebben we om het Elefantentreffen dit jaar nog uitdagender te maken, besloten om géén tent mee te nemen. Met slechts een zeil en een baal stro om ons warm te houden, lijkt het alsof we een late kerststal aan het opzetten zijn. De mannen voelen zich weer jongetjes, die een kamp mogen maken en een uurtje later hebben we een waardig kampement gebouwd tussen twee van onze motoren. Ons welverdiende avondmaal bestaat uit enkele opgewarmde blikken, maar helaas geen frisse pint. Omdat onze motoren al twee dagen in de vriestemperatuur buiten staan, zijn alle blikken frisdrank en bier in onze bagage bevroren. Dan maar pure whisky en rum deze avond, deze zijn nog vloeibaar! Wanneer de buitenlucht te koud wordt, besluiten we om in onze slaapzakken te kruipen, de koude nacht tegemoet.
Ik word wakker door het gedwarrel van kleine vlokjes op mijn hoofd, maar begrijp niet goed waar de sneeuw vandaan kan komen. Mijn ademdamp is gedurende de nacht langzaamaan vastgevro-ren boven mijn hoofd in de bivy bag en telkens als ik een beetje beweeg, komt het ijs los en dwar-relt het naar beneden. Ter bescherming tegen de vlokjes trek ik mijn buff een beetje verder over mijn hoofd en geniet van de warmte in mijn slaapzak. Ik ben als eerste wakker en ga vast een war-me thee halen bij de verkoopstalletjes. Daar hoor ik dat het deze nacht onderin de Heksenketel tot -17°C gevroren heeft. Netjes, denk ik bij mezelf, onze uitrusting is echt goed materiaal.
De mannen zijn ondertussen ook wakker en klaar om de dag op Elefanten te beginnen. Danny heeft eitjes, maar bij het openbreken wordt duidelijk dat deze delicatessen ook kunnen bevriezen en dus hebben we ijseitjes als ontbijt. Na het vullen van onze hongerige magen is het tijd voor een fikse wandeling rondom het terrein. De stevige klim zorgt ervoor dat we alle drie al snel staan te zweten. Elefanten, koud? Nee hoor! De rariteiten die je hier te zien krijgt, zijn domweg al de moei-te om duizend kilometer in de kou op je motorfiets te zitten.
Zelfbouw, pre-oorlogse modellen, standaard machines en juweeltjes van motoren staan hier in de sneeuw en de pekel tussen honderden tentjes. Aan zijspannen is hier geen gebrek. Niemand is er een uitgesproken fan van, tot ze opdagen met hout voor het kampvuur en een vat bier. Van ’s och-tends tot ’s avonds zijn de driewielers in de weer, slippend en glijdend om proviand te leveren bij de diverse tentenkampen. Een waar plezier om te zien. Trouwens, niet alleen de motoren zorgen voor spektakel; de gekkigheden die de deelnemers uithalen zijn ook noemenswaardig. Traditiege-trouw maakt een aantal van hen altijd een ritje in adamskostuum of slechts gehuld in een olifan-tenstring. Bart doet er ook altijd aan mee. Koud heeft hij het nooit zegt hij, de adrenaline heeft dan even de bovenhand! Gelukkig zijn er ook mannen, die veel meer kleding aanhouden en in een olifantenkostuum rondwandelen. Knuffelen die handel!
Na de wandeling rondom het volledige terrein is de nacht gevallen en beginnen we aan het maken van het avondeten in de tipitent van een vriend. Hun bivak is uitgerust met een echte houtstoof en we vertoeven er bijna de volledige avond. We zijn volledig opgewarmd om aan de nacht onder ons zeil te beginnen, en aan het gesnurk van de mannen te horen, hebben ze niet veel last van de kou.

Zondagmorgen is het vroeg dag, kamp afbreken en zo vlug mogelijk de snelweg weer op. We moe-ten alle drie maandag weer werken, dus is het duizend kilometer zo snel mogelijk naar huis. Ikzelf heb wat mijn twijfels bij mijn KTM. Door een software-probleem, waarbij de startmotor en accu perfect werken, wil de motor niet aanslaan wanneer de olietemperatuur onder nul is. Buiten het kamp proberen we hem te starten, maar helaas heeft de KTM er geen zin in. We besluiten om dan maar een zeil te spannen over de motor en met ons kookvuurtje een soort sauna te creëren, ter-wijl we de bagage bij elkaar zoeken. Na een half uurtje zweethutten heeft de Oostenrijkse avontu-rier echter nog steeds koude tenen. De laatste optie is om de KTM naar boven in het dal te bren-gen, waar het iets warmer is en de motor hopelijk in de zon iets kan opwarmen.
Bart en Danny krijgen hun eigen motoren al rijdend naar boven, ondanks dat de heuvel naar boven toe een ware ijspiste is geworden. De KTM naar boven duwen is geen optie merken we al snel. We glijden terug naar beneden en de motor volgt in onze voetstappen. Gelukkig vinden we een vrien-delijke man, die met zijn tractor de arme motor wel naar boven wil brengen. Tja, daar sta je dan met één van de modernste motoren op het treffen en moet je uiteindelijk
via de ‘walk of shame’ naar boven worden gebracht.
Boven in het dal voelt de KTM zich na een half uurtje kiplekker en met behulp van startkabels, de accu was ondertussen leeg gestart, en een auto krijgen we de motor eindelijk aan de praat. Onder-tussen is het al twee uur ’s middags en nu pas kunnen we beginnen aan de lange tocht naar huis. Sloten koffie en energiedrankjes verder komen we om kwart voor twee ’s nachts thuis en kunnen we weer een item van de bucket list afvinken: Elefantentreffen op een solo-motor!

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.