+ Plus

Reizen Rajasthan, India

Ik heb ooit gezworen nooit meer naar India te gaan: te chaotisch, te vuil en soms ronduit angstaanjagend. Dan zijn er wel leukere alternatieven te bedenken. Een uitnodiging voor een reis door de Indiase provincie Rajasthan werd dan ook niet heel warm ontvangen, tot ik hoorde dat de het een offroad-trip door rustige oorden betrof. Tijd om mijn India-vrees te overwinnen!

Nog voor ik überhaupt op de plaats van bestemming ben, begint het avontuur al. De trein naar de luchthaven vertrekt niet, waardoor ik halsoverkop alsnog met de auto naar Schiphol moet. Nipt haal ik de rechtstreekse vlucht naar Dehli. Zou dit al een teken van bovenaf zijn, dat ik toch beter thuis had kunnen blijven?
Slechts zeven uur later staat de Queen of the Skies alweer aan de grond. We zijn er nog niet, de volgende ochtend wacht namelijk nog een binnenlandse vlucht naar Khimsar. Een transfer brengt ons aansluitend naar een luxueuze hut, en dan kan het avontuur echt beginnen. Omringd door machtige zandduinen(!) en een ondergaande zon die prachtig in de vijver wordt weerspiegeld vormt dit de perfecte aftrap voor al het moois dat ons staat te wachten.
De zon zit nog verscholen achter de duinen wanneer we ons de volgende ochtend naar de motoren begeven. Vijf hagelnieuwe KTM 450EXC-F’s met een maagdelijke kilometerstand staan ons op te wachten. Het improvisatievermogen wordt meteen op de proef gesteld, want nieuw of niet, de accu’s blijken niet vol genoeg om de motoren te starten. Met behulp van een touw worden ze één voor één aangesleept en licht vertraagd vlammen we na dit kortstondige oponthoud eindelijk over het Indiase platteland, waar de eerste boeren al aan het werk zijn. De ochtenddauw geeft het landschap een magische sfeer. Het tempo zit er meteen stevig in en we navigeren via kleine veldweggetjes door een doolhof van akkers. Meer dan eens vertrouwen we op de tolerantie van de lokale boeren als we de afgesloten hekken even kortstondig openen om verder te kunnen. Het mulle zand hier zet de toon voor het verdere verloop van de reis. De keuze voor de hardcore enduro’s is dan ook niet toevallig. Het belooft een pittige expeditie te worden, met etappes tot maar liefst driehonderd kilometer offroad. Na een voorspoedige ochtend arriveren we in het dorp waar we met de volgauto hebben afgesproken. Die heeft onze bagage, en ook onze lunchpakketten bij zich: een sobere maar voedzame middagmaaltijd. De feloranje machines blinken in de middagzon en trekken, net als hun blanke berijders, enorm veel aandacht. Het duurt dan ook niet lang of we zijn omringd zijn door het halve dorp, die selfies maken dat het een lieve lust is!

We nemen afscheid van ons publiek en trekken verder richting Pokahran. Ik rij als tweede over een zeldzaam stuk verharde weg, achter de organisator Philippe. De piste is recht en in uitstekende conditie. In de verte zie ik de zoveelste koe op de weg staan, de lome blik gericht op de velden. Dit beest heeft een heilige status in India en dient daarom met rust gelaten te worden. De briefing van de Philippe was duidelijk: “Passeer een koe altijd aan de achterzijde, mocht deze schrikken, loopt ze altijd naar voren, omdat ze geen achteruit heeft.” Tot zover de theorie. Philippe passeert de koe en ik volg. Het dier schrikt en in plaats van de veiligheid op te zoeken in de velden, besluit het abrupt te keren en de weg op te sprinten. Ik probeer nog te remmen, maar een botsing is onvermijdelijk. Met een behoorlijke snelheid raak ik het achterste van de heilige herkauwer, val en zie in een flits hoe de koe er vandoor gaat en de motor vonkend het asfalt schraapt. Als ik even later mijn ogen open doe, lig ik in een greppel aan de andere kant van de weg. Verdwaasd en zonder enig idee waar ik ben. Een zwaar beschadigde helm verklaart mijn lichte staat van verwarring. Even later komt de volgauto om me ter controle naar het ziekenhuis te brengen. Het vooruitzicht opgenomen te worden in het ziekenhuis van een Indiase miljoenenstad is weinig verheugend, maar het valt gelukkig allemaal erg mee. Ik word meteen geholpen en slechts een uur later blijkt de CT-scan geen reden tot bezorgdheid te geven. Eigenlijk moet ik nog 24 uur ter observatie in het ziekenhuis blijven, maar tegen het advies van de dokter in besluit ik met de volgauto terug naar de accommodatie te gaan waar de anderen ook zijn. Al was het alleen al omdat hun bagage ook nog in de volgauto ligt. Na een nachtelijke rit van vier uur over secundaire wegen bereiken we het statige hotel, of beter gezegd paleis. Enigszins gehavend maar vooral opgelucht kruip ik mijn bed in. Duidelijk is wel dat ik morgen niet kan rijden: mijn helm is naar z’n grootje, maar ik heb vooral last van mijn rechterschouder. Dat wordt ‘m dus even niet.

De volgende ochtend hijs ik mijn gekneusde lichaam uit het harde bed. Het is onaangenaam koud en het regent. Ik ben er stiekem niet rouwig om deze grauwe dag te moeten missen. In plaats daarvan besluit ik een bezoek te brengen aan Jaisalmer, ook wel bekend als `The Golden City’.
Na het bezoek aan de stad en een paar dagen afzien in de volgauto besluit ik optimistisch om toch maar een nieuwe helm te kopen en op dag vier waag ik het er weer op. Het motorpak gaat weer aan en voorzichtig, alsof ik voor het eerst op een motor zit, tast ik af waar ik lichamelijk toe in staat ben. Opvallend genoeg verdwijnt de pijn als sneeuw voor de zon als ik op de KTM zit. Het lijkt zelfs wel alsof mijn lichaam baat heeft bij de motorhouding. Ik kan het amper geloven, maar niet veel later volg ik zonder problemen mijn reisgenoten. We rijden door een opgedroogde rivierbedding en ploeteren ons een weg langs en over de dikke stenen, een beproeving voor iedereen. Wat ben ik blij om weer te kunnen deelnemen aan de reis. Via een lint van dorpen bereiken we onze volgende bestemming. De paden waarover we rijden zijn smal en uitdagend. In een straf tempo laten we deze wondere wereld aan ons voorbij komen. Tussen de dorpskernen wordt het landschap gedomineerd door landbouwgrond en weilanden. Dan doemt er vanuit het niets een bescheiden bergketen op. Leuk voor de afwisseling. Als kers op de taart herbergt het dal een stuk verlaten duinlandschap. Als een stel kleine kinderen laten we ons helemaal gaan in het zand. Heel veel tijd voor het spelen in de zandbak hebben we helaas niet, we hebben vandaag nog driehonderd kilometer aan offroad paden voor de boeg. Met het koe-incident nog vers in het geheugen, wil ik hier niet in het donker rijden. Ik wil niet de bezorgde moeder spelen, maar spoor de groep toch aan om deze prachtige oase achter ons te laten en verder te rijden. Terwijl de zon al aan de horizon zakt, wordt het landschap alleen maar feeërieker. Ik ben echter zo met mijn gedachten bij het opdoemende duister, dat ik helemaal vergeet om van dit waanzinnige tafereel te genieten!

We doen een dappere poging het hotel voor de nacht te halen, maar beseffen al snel dat dat niet gaat lukken. De offroad-paden zijn niet meer begaanbaar, er zit niets anders op dan via de levensgevaarlijke secundaire wegen verder te rijden. Terwijl regel 1 van het reizen in India is: vermijd rijden in het donker. Precies deze situatie wilde ik koste wat kost voorkomen. Mijn zicht in het donker is al niet bijster goed, mijn crossbril is voorzien van een getint glas en bovendien is de lichtopbrengst van de KTM-koplamp best beperkt. Daar komt nog bij dat de weg niet is verlicht en elke tegenligger met groot licht rijdt. Suïcidale koeien of Indiërs die plots de weg oversteken zijn dus bijna niet te zien. Maar hier stoppen is ook geen optie, dus zit er niets anders op dan de tanden op elkaar te zetten en door te gaan: bijna twee uur later is de opluchting groot als we uitgeput, maar ongedeerd het hotel bereiken. Het eerste biertje daar voelt als een persoonlijk geschenk van bovenaf, net als de maaltijd die daarop volgt, want we zijn allemaal hongerig door het gemis van een fatsoenlijke lunch. Een Franse medereiziger heeft het relativeren aardig onder de knie en noemt het vooral ‘een onvergetelijke ervaring’. Dat was het inderdaad, vaak zijn het juist dat soort ongeplande dingen die je bijblijven van een vakantietrip.
De nachtrust doet me deugd. Het ochtendlicht onthult de pracht van het landschap waar we gisteren in het donker niets van hebben gezien. Dankzij de goede zorgen van de meegereisde monteur staan de motoren er elke ochtend weer als nieuw bij. Met de nachtrit van gisteren nog in het achterhoofd vertrekken we vandaag op tijd. Niet ver van het hotel ligt een groot meer dat omgeven wordt door rotsen. Plots draait Philippe het pad af en rijden we de steile rotsen op. Kijk, hier doen we het voor! Op de top van de berg stoppen we. We voelen hoe de zon met de minuut aan kracht wint. Het panorama is weidser dan ooit en de rust werkt inspirerend. De vrijheid die hier heerst is in West-Europa uiterst zeldzaam, als het er al is. Elke meter grond is bij ons vergeven, elke centimeter strak afgekaderd en afwijken van het gebaande pad bijna altijd verboden. Hier niet. Deze heuvel is van niemand en daarom ook van iedereen, deze ochtend is hij dus van ons.
Via dezelfde weg gaan we weer terug. Het is mooi geweest, we moeten verder. Iedere vorm van menselijke activiteit lijkt vandaag verder weg dan ooit. Af en toe kruist een soort antilope ons pad en er schijnen hier ook katachtige roofdieren rond te sluipen. De kans op een één-op-één ontmoeting lijkt door het gebulder van de KTM’s vrij klein, maar je weet maar nooit.
Het is tijd voor de lunch, dus stallen we de motoren langs de kant van de weg in een willekeurig dorp en wachten geduldig op de volgauto. Helaas blijkt die verder weg dan gedacht. We verliezen kostbare tijd, maar de altijd geïnteresseerde lokale bevolking zorgt voor afleiding. Eindelijk is volgauto er en worden we voorzien van benzine en wat te eten. Er zijn namelijk nauwelijks eetgelegenheden in deze omgeving. Sterker nog, er is er niet een. Dus we behelpen ons met wat biscuits en chips.
Die middag zien we het landschap veranderen. Het wordt grilliger en op een bepaald moment staan we voor een steile beklimming over een met losliggende stenen bezaaide ondergrond. Momentum houden is het sleutelwoord, maar toch mislukt mijn eerste poging. De tweede is wel succesvol en de voldoening is groot wanneer ik de top bereik. Een smal pad langs een afgrond doet het tempo zakken en vraagt om een stukje motorbeheersing. Enduro-rijden op zijn best in een niet-alledaagse omgeving. Heerlijk dit!

Dankzij de hardcore offroad motoren kunnen we dwars door India en de Indiase maatschappij laveren. Dorp na dorp verbazen de inwoners zich over de oranje motoren met hun vreemde berijders die hun afgelegen wereld betreden. Het landschap doet soms bijna universeel aan, maar de intermezzo’s met de lokale bevolking geven toch telkens een anders kleur aan de verschillende gebieden. Ik had vooraf een echte cultuurshock verwacht, maar dat blijkt in de praktijk erg mee te vallen. De armoede in deze dorpen is uiteraard duidelijk aanwezig, maar niet zo schrijnend als in de vervuilde en drukke grote steden. Vriendelijkheid en een altijd aanwezige glimlach zijn de lokale bevolking eigen. Nooit voel ik me hier onveilig.
Ondanks de prachtige omgeving kijk ik met een schuin oog ook even op de GPS van Philippe. Ik zie tot mijn schrik dat een tweede avondrit op de loer ligt. Geen prettig vooruitzicht en ik spoor de groep dan ook aan om een beetje voort te maken. De avond valt sneller in dan verwacht en de laatste dertig kilometers worden weer in het donker afgelegd. Onze accommodatie voor deze nacht is een vrijstaand huis in een natuurpark. Het is gebouwd met materialen die uit de directe omgeving komen, een soort van luxe uitvoering van een Flinstones-woning. Indrukwekkend uniek en simpelweg prachtig. We zijn inmiddels zes nachten in India en de hotels zijn stuk voor stuk top. Geen stereotiepe luxe ketens, maar karaktervolle, lokale onderkomens. Onze ingekorte trip biedt weinig mogelijkheden voor culturele uitspattingen, maar de architectonische pareltjes waarin we verblijven maken veel goed.
De laatste ochtend meldt zich sneller dan verwacht, nu pas komt de pracht van de omgeving volledig tot uiting. Helaas moeten we de luxe weer achter ons laten voor een tocht tussen de velden door richting Jaipur, onze eindbestemming. Helaas geeft één KTM er de brui aan: een kapotte zekering blijkt de boosdoener. De communicatie met de volgauto verloopt echter moeizaam en we verliezen weer een paar uur met dit voorval. We besluiten in een dorpje te wachten op de volgauto, als plotseling enkele trouwstoeten door de straten trekken met knallende muziek, eindeloos enthousiasme en vooral een explosie aan kleuren zoals je die alleen in India ziet. Zo wordt een saai oponthoud ineens een ervaring voor het leven.
Iets na de middag komt de volgauto aan op de locatie en omdat het voor mij alweer de laatste dag is, besluit ik om de laatste tweehonderd kilometer naar Jaipur in de volgauto mee te rijden. Nog een keer doorrijden in het donker zie ik niet zitten. Dat blijkt geen verkeerde keuze: de rest van de groep draait pas rond elf uur de oprit van de laatste slaapplek op en iedereen is zichtbaar afgepeigerd.
De volgende dag nemen we in alle vroegte afscheid, moe maar voldaan. De omgeving en de bevolking zijn betoverend en er is geen betere manier om met de mensen in contact te komen dan op de motor. Vrij vertaald betekent Rajasthan `land van de koningen’ en zo voelt het ook. Het was een koninklijk avontuur!

Motoplus als app?

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op het icoontje onderaan en klik daarna op Zet in beginscherm.

Om deze webapp op je telefoon te installeren, klik dan op de drie bolletjes rechtsbovenin

en klik daarna op Toevoegen aan startscherm.