Nieuws

Dakar Rally 2023

Tien verschillende etappewinnaars, zes verschillende klassementsleiders, vier verschillende winnende merken en de beslissing op de allerlaatste dag – de 45e Dakar was niet alleen moordend zwaar, hij was ook één van de spannendste ooit. Kevin Benavides maakte in een ‘alles-of-niets’-slotetappe een achterstand van twaalf seconden goed op KTM-teamgenoot Toby Price. Nadat hij in 2021 op een Honda al de eerste Zuid-Amerikaanse winnaar was geworden, zorgde Benavides in 2023 voor KTM’s negentiende Dakar-zege.

“Wij hebben vorig jaar duidelijk gemaakt aan de organisatie: wij willen een zware rally. Nou, die hebben we. En dat is goed! Het is zwaar. Het is lang. Het is koud. Het is nat. Het is warm. Tja, het is Dakar”, aldus Mirjam Pol. De taaie Twentse deed die uitspraak niet enkele dagen voor het slot van een slopende 45e Dakar, maar al na de zesde etappe. De rally uitgezet door directeur David Castera in samenwerking met voormalig navigator Tom Colsoul was beduidend selectiever en zwaarder dan de editie van 2021. Dat kwam niet alleen door het simpele feit dat de wedstrijd oorspronkelijk twee dagen meer telde dan vorig jaar, ook de gekozen route met meer duinen, stenen en het onbekende avontuur in het intimiderende ‘Empty Quarter’ en het regelmatig slechte weer droegen daar toe bij. Toch was na 3.965 geklokte kilometers het verschil tussen winnaar Kevin Benavides en tweede man Toby Price slechts 43 seconden. Met de Argentijn kreeg de Dakar een terechte winnaar, de enige rijder die alle dagen in de top 10 eindigde.

Bovendien was Benavides de enige in de top 8 die geen bonustijd bijeen had gereden. Het winnen van een etappe betekent in de Dakar dat je de volgende dag moet openen en dat bleek – vooral vorig jaar – een groot nadeel, omdat de achtervolgers een getrokken spoor kunnen volgen. Om dat nadeel te beperken besloot de wedstrijdleiding om van de vierde tot en met de dertiende etappe bonusseconden uit te delen voor de top-3-rijders van de vorige dag die de volgende special op de route vooraan reden. Price en derde man Skyler Howes deden met respectievelijk 8.16 en 9.23 bonustijd zo goede zaken. Dat Benavides zonder te profiteren van de nieuwe maatregel zijn tweede Dakar-zege pakte, verdiende extra respect. “Ik was elke kilometer, van de eerste tot en met de laatste, gefocust”, vertelde de 34-jarige KTM-rijder na de sensationele ontknoping. “Ik dacht niet aan een positie of een resultaat, ik gaf gewoon alles over de hele lengte van de allerlaatste etappe. De special was erg snel, verraderlijk en modderig. Fouten maken was in deze special zo makkelijk. Ik heb hier zó hard voor gewerkt; dit jaar waren de verschillen kleiner dan ooit en er was geen dag dat je het even kalm aan kon doen.”

Belangrijk was de KTM-overwinning waarschijnlijk ook intern. Volgens insiders is al enige tijd merkbaar dat in Mattighofen de MotoGP-wegrace sportief èn budgettair het belangrijkste speerpunt is van de Oostenrijkse fabrikant. Dat merken ook de Dakar-teams, en de tijd dat KTM-fabrieksmachines het volgende jaar als productiemotoren voor iedereen te koop zijn is inmiddels voorbij.
Aan de vooravond van de allerlaatste etappe waren er echter louter lachende gezichten te zien bij KTM en hun sportdirecteur Pit Beirer liet met de aanstaande eerste Dakar-overwinning sinds 2019 weten dat er geen sprake zou zijn van teamorders tussen de beide KTM-kemphanen Kevin Benavides en Toby Price. Iets waar verliezer Price ook nooit om zou hebben gevraagd. “Ik ben wel teleurgesteld”, gaf het Australische oermens na zijn zesde top-3 in negen Dakars eerlijk toe. “Na zo’n lange en zware wedstrijd met zo’n klein verschil te verliezen, dat is moeilijk te accepteren. Maar alle lof voor Kevin, want hij reed een waanzinnig solide wedstrijd.”

Skyler Howes voerde vijf dagen het klassement aan, maar kwam uiteindelijk ruim vijf minuten te kort voor de winst. In 2021 werd de 30-jarige Husqvarna-fabrieksrijder pas de vijfde Amerikaan die het Dakar-eindpodium haalde, nu leek hij tot de voorlaatste dag de grote kanshebber, maar Benavides en Price waren bij het scheiden van de markt net sneller. Honda-rijders Pablo Quintanilla en Adrien Van Beveren vochten tot en met de laatste etappe om de vierde plaats, terwijl Kevin’s broer Luciano Benavides dankzij drie dagzeges en 10,13 minuten bonustijd de zesde plaats voor zijn rekening nam. Daniel Sanders viel vorig jaar uit toen hij op een verbindingsroute zijn elleboog brak. Na niet minder dan zes noodzakelijke operaties was deze Dakar voor de GasGas-rijder voor de Australiër de eerste grote krachtmeting in een jaar. Aanvankelijk reed hij erg sterk, tot een zeer hinderlijke doorn in zijn onderarm, die er uitgesneden moest worden, hem parten begoin te spelen. Ondanks 11.53 bonustijd werd hij slechts zevende. Achter achtste man Nacho Cornejo zorgden Sherco’s kopman Lorenzo Santolino en Hero-nieuweling Franco Caimi er voor dat er vijf verschillende merken in de top-10 vertegenwoordigd waren. Bij het Indiase Hero waren er gemengde gevoelens.

Joaquim Rodrigues brak in de vierde etappe een been, maar de van Yamaha gekomen Ross Branch won twee etappes. Problemen met de benzinetoevoer maakten hem echter kansloos voor een topklassering. Ook de vier top-8 dagresultaten van Sebastian Bühler onderstreepten dat Hero een gevaarlijke outsider wordt, maar ook de Duitser zag een goed klassement in rook op gaan door benzineproblemen: hij werd twintigste, zes plekken voor Branch.
Vier potentiële top 5-rijders vielen vroegtijdig uit na harde crashes. Al in de allereerste etappe verloor de rally zijn titelverdediger: rally-wereldkampioen en tweevoudig winnaar Sam Sunderland crashte al na 52 kilometer en kon niet verder vanwege een gebroken schouder en een hersenschudding. Het was Sunderlands tiende Dakar en voor de zesde keer viel de 33-jarige Brit uit. Twee dagen later landde de helikopter bij kilometer 274 om Ricky Brabec op te pikken. De Amerikaanse winnaar van 2020 was na een val flink de weg kwijt. Brabec stond zesde overall en was bezig aan zijn achtste Dakar, hij viel voor de vierde keer uit. Joan Barreda deed zijn bijnaam ‘Bang Bang’ in zijn mogelijk laatste Dakar op twee wielen weer eer aan. Sinds de tweede etappe reed hij rond met een gebroken teen, maar dat weerhield hem er niet van om op de vierde dag de snelste te zijn. Om vervolgens een dag heftig te crashen, als aanloop naar een definitief einde in de negende etappe. De 39-jarige Spanjaard, wel op een fabrieks-Honda maar niet langer in het fabrieksteam, viel al na 18 kilometer en brak een lendenwervel; zijn zesde DNF (waarvan vijf geblesseerd) in dertien starts. En op de voorlaatste dag moest 2018-winnaar Matthias Walkner met de heli opgehaald worden na een harde val. De Oostenrijker, tiende in het klassement, was bezig aan een ongelukkige rally nadat hij al in de eerste etappe zijn ellenboog bezeerde.

Met het uitvallen van Mason Klein na de twaalfde etappe verloor KTM nog een fabrieksondersteunde rijder. De 21-jarige Amerikaan was vorig jaar met een negende plaats de beste debutant en werd afgelopen seizoen ook Rally2-wereldkampioen. Klein maakt deel uit van het Nederlandse Bas World KTM Racing Team van Bart van der Velden. De Amerikaan rijdt dit WK Rally in ieder geval nog voor het team. “En wat er daarna gebeurt, moeten we afwachten”, aldus Van der Velden, die eerder zijn rijders Ross Branch en Skyler Howes in fabrieksteams terecht zag komen. “Niemand had aan zien komen dat hij toch nog zo’n grote stap kon zetten. Ik had wel verwacht dat hij nog harder kon rijden en dat hij had bijgeleerd, maar hij deed het in de eerste week fantastisch en verbaasde iedereen. Daarom was het natuurlijk een teleurstelling voor hemzelf, maar ook voor het hele team, dat hij moest opgeven na een harde crash in de tweede week.”

Ondanks de tegenvaller van het uitvallen van Klein en van de eveneens veelbelovende Bradley Cox al in de eerste etappe, keek Van der Velden tevreden terug op de rally. Zijn hoogst geklasseerde rijder was nu de Italiaan Paolo Lucci, vijftiende overall en tweede in het Rally2-klassement. “We kijken terug op een hele zware, maar voor ons toch ook geslaagde Dakar”, aldus Van der Velden, die vier van zijn acht rijders zag finishen. “De organisatie wil het niveau omhoog hebben en de route was dit jaar echt een heel stuk zwaarder. En de vele regen verdubbelde zo ongeveer nog eens de moeilijkheidsgraad. Het was voor ons een zeer geslaagde Dakar.” Van der Velden complimenteerde ook zijn monteurs: “Petje af voor hun, want zij hebben zich uit de naad gewerkt. Zo gauw het gaat regenen hebben wij als team gewoon twee keer zo veel werk aan de motoren. De sfeer in het team, ook onder de coureurs, was heel goed en het liep zoals we verwacht hadden. Eigenlijk nog beter zelfs.”

Van der Velden mocht dan tevreden zijn, Henk Hellegers van HT Rally Raid Husqvarna Racing was helemaal in de wolken. “Voor ons was het een super, super geslaagde Dakar”, vond Hellegers. “We stonden met acht motoren aan de start en haalden met acht motoren de finish. We hebben met Charon Moore het kistklassement, de Malle Moto, gewonnen, met Mirjam Pol het damesklassement, Michael Docherty werd de beste rookie en Romain Dumontier won de Rally2-klasse. Daarin werd Michael derde en hij won bijna de voorlaatste special, beide mannen finishten in etappes in de top-6, die hebben laten zien dat ze veel potentieel hebben. Voor ons kon het niet beter, we zijn supertevreden en trots. We hadden een mooi team en mooie rijders. Het was weer een echte Dakar. Gewoon lang en zwaar, zoals hij moet zijn.”

Wesley Aaldering was één van de vijf debutanten in Hellegers’ team. Vijf maal ging hij al mee als monteur. “Hij is een beetje mijn derde zoon”, aldus teambaas Hellegers. “Een heel serieuze jongen, perfectionist en superfit.” Aalderings Dakar-debuut begon echter allesbehalve vlekkeloos. Al op de eerste dag kwam hij hard ten val en bij het bereiken van het bivak gaf het blok de geest, zodat hij het al voor de tweede etappe moest vervangen. Spierpijn en een pijnlijke rug speelden hem in de dagen daarna parten. Na de rustdag kwam daar ook nog een pijnlijke rechter-enkel bij. Dat hij op dag 6 ook nog 19 strafminuten kreeg vanwege snelheidsovertredingen en het missen van een waypoint, deerde hem weinig: het halen van finishplaats Dammam, als 41e overall en als zevende van 30 gefinishte debutanten, was hoofdzaak.

“Voor mij is het moeilijker om aan de start te verschijnen dan om de finish te halen”, grapte Mirjam Pol voor aanvang van deze rally, verwijzend naar de bijna chronische budgettaire problemen. De inmiddels 39-jarige Pol haalde voor de negende keer in tien Dakars het einde, voor de derde maal als winnares van het damesklassement. De Twentse had het zwaar in de eerste week, mede door een forse val op de tweede dag, die bijna het einde van haar rally betekende. “Maar ik heb iedereen verbaasd en eigenlijk mijzelf nog het meest door in die week al een hele goede klassering neer te zetten”, vertelde ze. De duinenetappes in de tweede week beoordeelde ze echter als te weinig selectief. “Die hadden wat mij betreft nog wel zwaarder mogen zijn. Het liefste had ik hoge en zachte duinen zonder alle vlakke stukken ertussen. Ik ben in die duinen op mijn allersterkste, en juist op die vlakke stukken kregen mijn concurrenten de mogelijkheid om weer op adem te komen.” Pol kwam in de laatste etappe zoals velen nog vast te zitten in de modder. Zonder hulp van teamgenoot Aaldering had ze het niet gered, gaf ze toe. “Maar alles bij elkaar genomen heb ik gemerkt dat ik over het geheel ontzettend gegroeid ben en nog zeker niet aan mijn top zit.”

Gerelateerde artikelen

Rij-impressie Moto Morini X-Cape

Rij-impressie Moto Morini X-Cape

20 juni, 2024

Het had zo mooi kunnen zijn. Aansluitend aan m’n 100Colls-avontuur – zie MotoPlus 11 – stond er een mooie ...
Direct meer lezen? Neem een jaarabonnement
  • Direct toegang tot het digitale archief met meer dan 350 magazines.
  • 24 uitgaven per jaar
  • Elke twee weken thuis in de bus
Direct toegang aanvragen
Een jaar MotoPlus voor slechts 55,-