MotoPlus 11 2019
TECHNIEK VERLICHTING (DEEL 2) GEAVANCEERDE VERLICHTING In het vorige deel hebben we ons gericht op de lichtbronnen, nu gaan we die lichtbronnen richten. Welke technieken worden er momenteel toegepast op motoren en hoe werkt het alle maal? Daarnaast hebben we nog verdergaande wensen en adviezen aan de fabrikanten, want er is ons inziens nog meer mogelijk. | Tekst: Michael Pfeiffer, Koen Alders; Foto’s: Rossen Gargolov, Louis, fabrikanten | We realiseren ons op de moeilijke momenten steeds weer hoezeer goede verlichting van levensbelang is voor ons motorrijders. De boch- tige binnenweg kan ’s nachts in de regen een ware horrortrip worden, als je probeert om met een troebele duplo-lamp in een al behoorlijk vergeelde koplamp het natte asfalt te verlich- ten. En als je dan ook nog lange veerwegen hebt, zorgen remacties voor onbekende boch- ten helemaal voor een soort doodeng gokspel- letje. Ging het scherp links, fauw links, rechtuit of misschien zelfs eigenlijk rechtsaf? De toch al zwakke lichtbundel verlichtte eerst hooguit de eerstvolgende 15 meter van de weg en nu richt de diep inverende voorvork de bundel ook nog scherp omlaag op de eerste paar meters. Dat probleem zal voorlopig onvermijdelijk nog blijven bestaan, want pas sinds een paar jaar zijn de fabrikanten bezig met adaptieve lichtbundels. De tweedehandsmarkt bestaat dus nog voor de overgrote meerderheid uit motoren die qua verlichting over eenvoudige conventionele techniek beschikken. Nog hele- maal afgezien van de vele old- en youngtimers waarmee je ’s nachts alleen maar heel voorzich- tig kunt rijden. Een automatische regeling van de hoogte c.q. reikwijdte van de lichtbundel, zoals bij auto’s allang is voorgeschreven, zou voor ons motorrijders met onze korte voertuigen (die dus veel sterker kantelen bij remmen, acce- lereren of extra belading) een zegen zijn. Wel zijn er een paar veersystemen die het duiken 98 MOTOPLUS TECHNIEK
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy NjAzODY3