MotoPlus 15 - 2022

VERGELIJKINGSTEST 5 HIGH-END ALLROADS 30 MOTOPLUS VERGELIJKINGSTEST Hee, loopt hij wel op alle cilinders? Het drie­ cilinderblok van de nagelnieuwe Tiger 1200 stampt en proest op een manier zoals zelfs twins niet eens altijd doen. De reden: de T-krukas met ongelijke ontstekingsinterval- len, zoals we die sinds kort ook van de Tiger 900 kennen. Dat is heel andere koek dan de bekende vloeiende driecilinderloop van voor- heen, met de gelijke intervallen 240°-240°-240°. De nieuwe 1200 heeft net als de Tiger 900 de intervallen 180°-270°-270°, dus één kortere en twee langere dan voorheen. Bij de V4 van de Multistrada is het verzet van de kruktappen zo gekozen dat het timbre van de V-twins zoveel mogelijk wordt benaderd, bij de Triumph is het juist gedaan om het blok een ánder karakter te geven dan de traditionele driecilinders. Met name bij lagere toerentallen voelt hij nu meer als een twin, wat vooral op het onver- hard voordelen heeft qua tractie. Daarbij is het geluid en gevoel nu ruiger, krachtiger van klank. Het betekent echter ook dat dat hele smeuïge lopen dat we zo goed kennen van Triumph eruit is. Helaas heb je onderin nog steeds niet een hele vette punch, dat is nou eenmaal gewoon afhankelijk van de tuning en niet van de intervallen. Triumphs staan bekend om de vaak uiterst lineaire vermogensafgifte en dat geldt ook voor deze nieuwe Tiger 1200, althans op de testbank. Tijdens het rijden voelt hij meer aan als de Pan America: onderin gewoon goed, met een mooi bruikbaar maar weinig spectaculair vermogen, dan een soort ‘flat spot’ in het middengebied en vervolgens gaat hij vanaf 6.000 toeren enorm sleuren. In de zesde versnelling zit je dan al bijna op 150 km/ uur. Dat de dikke 1.160cc driepitter ook dan pas van de grootste vibraties af is, maakt het er niet makkelijker op. Als je dan ook nog de Sport-modus selecteert, dan hebben gasres- pons en vering een soort directheid die je niet meteen verwacht bij een motor als deze. Om zijn kwaliteiten beter tot uiting te laten komen, moet je de instellingen ietwat wijzigen. Daartoe kun je ofwel de bestaande rijmodi aanpassen of een eigen Rider-modus inrichten. Dat gaat gemakkelijk, ook al zijn de grafische weergaven niet helemaal op topniveau. Het wordt alleen echt lastig als je de kilometerstand wilt zien. Tip: check onder ‘Inspectie’. Hoe dan ook: iets minder tempo, de in negen standen instelbare vering richting Normal en de motormapping op Road, dan voelt het een stuk aangenamer. Dan reageert de ruig lopende driepitter mooi op het gas en kun je de Tiger soepel en elegant rondsturen. Al experimenterend met de vering blijkt het stel­ bereik enorm. Als je maximaal soft gaat, zweef je werkelijk over alle mogelijke oneffenheden. Daarbij spreekt de vering voor en achter in elke stand echt met onnavolgbare finesse aan. Dat doet zelfs de BMW niet beter. Helaas doet de ongelijkmatig lopende driecilinder zijn best om dat te verdoezelen. Vaak denk je dat de aan­ houdende kleine schudbewegingen door het wegdek komen, maar als je dan de koppeling intrekt en gas loslaat, dan zijn ze weg. Ook verder doet deze Tiger GT Pro veel om het je behaaglijk te maken. De ergonomie doet denken aan toerbuffels, het zadel is royaal bemeten en de ruit geeft veel beschutting. Die DAVERENDE DRIEPITTER Triumph Tiger 1200 GT Pro

RkJQdWJsaXNoZXIy NjAzODY3