MotoPlus 05 - 2021

RIJ-IMPRESSIE MOTOPLUS 45 Een rit met de drie eerste in serie geproduceerde zescilinder-motorfietsen is een ontmoeting met fascinerende constructies en bijzondere histories. Een reis in het spoor van een imposant charme- en techniek-offensief uit Italië en Japan, dat in de jaren ’70 de motorwereld versteld deed staan. | Tekst: Knix Vanderhof en Thomas Schmieder; Foto’s: fact, Rivas, Biebricher, Bridgestone | BENELLI 750 SEI – HONDA CBX – KAWASAKI Z1300 Het is een dag om de wereld te omarmen. Onder ons raspen drie heerlijke zescilinders, die het tweewielige trio op soepele maar ook nadrukkelijke en eigenzinnige wijze voort­ stuwen. Moeitelozer dan dit kon het niet, destijds in de tweede helft van de jaren ’70. Deze in totaal achttien cilinders nemen ons in feite mee op een reis terug in de tijd, terwijl we hier gewoon al ver in de 21e eeuw rondrijden. Was het destijds een echt techniek-offensief of een charme-offensief? Daar kunnen we eigen­ lijk kort over zijn: beide! We krijgen hier puur rijgenot voorgeschoteld op mooie bochtige Kroatische kustwegen. Een zijdezachte motor­ loop wordt hier gecombineerd met een zeer vloeiende vermogensafgifte en heerlijk gretig toeren draaien. Zescilinders kunnen dit als geen ander motorconcept. Een zes-in-lijn met op 120 graden verzette kruk­ tappen is de enige lijnmotor die zonder balansas volledig is gebalanceerd voor alle massakrach­ ten en –momenten. De ontstekingen zijn ook volledig gelijkmatig verdeeld over de volledige cyclus van twee krukasomwentelingen, dus er is om de 120 graden een ontsteking (waar het bij een conventionele vier-in-lijn om de 180 graden is). Het is echter niet alleen technisch gezien een goede constructie, het is er ook een die motorliefhebbers bij elke draai aan het gas weet te fascineren.“Stationair draaiend blijft een muntstuk verticaal op de tank staan”, zo adver­ teerde Benelli midden jaren ’70. We vieren hier de ultiem vloeiende motorloop, genieten van extravagante techniek in al zijn grootsheid en laten een lang vervlogen periode herleven. Dit drietal vormt historische wereldklasse. We gaan ons dus zeer bereidwillig laten verleiden door het ‘six-appeal’in dit prachtige decor. BENELLI 750 SEI: DE ELEGANTE ITALIAAN Deze ‘bella macchina’neemt hier net als toen het voortouw. De Benelli 750 Sei (‘zes’) was de eerste zescilinder productiemotorfiets. Een cilinder­ inhoud van 750 cc wordt tegenwoordig meestal verdeeld over slechts twee cilinders, Benelli zette echter zes kleine 125cc cilinders naast elkaar. De definitieve versie werd door de groep ingenieurs rondom Alessandro De Tomaso – de toenmalige eigenaar van Benelli en Moto Guzzi – op 26 okto­ ber 1972 in Modena voorgesteld. Helaas ging de 750 Sei pas eind 1974, na de oliecrisis van 1973, in de fabriek in Pesaro in productie. Destijds een vaak voorkomend Italiaans verschijnsel. De Tomaso, die een achtergrond in de auto­ wereld had, wilde op de daar gangbare wijze gebruikmaken van zo veel mogelijk bestaande, bewezen motorbloktechniek. En hij wilde een absoluut topmodel maken in de toenmalige motorwereld: een 750cc-zescilinder. Er werd daarom uitgegaan van het concept van de geraffineerde Honda CB500 Four. Dat motor­ blok met een enkele bovenliggende nokkenas stond model voor de 750cc-zescilinder, simpel gezegd door er aan de zijkanten twee cilin­ ders aan toe te voegen. Na de 750 Sei volgde ook nog de 500 Quattro (vier). Niet alleen het concept van de Benelli-blokken is gelijk aan het Honda-voorbeeld, zelfs boring en slag zijn STRELING VOOR DE ZIEL »

RkJQdWJsaXNoZXIy NjAzODY3